Islamitische opvoeding (1) – De rechten
90 personen
- Ibn Taymiyya ابن تيمية Geleerde · gest. 728 AH
- Ibn Ḥajar al-ʿAsqalānī ابن حجر العسقلاني Geleerde · gest. 852 AH
- al-Imām Aḥmad ibn Ḥanbal الإمام أحمد بن حنبل Geleerde · gest. 241 AH
- Ibn Ḥazm ابن حزم Geleerde · gest. 456 AH
- al-Imām al-Bukhārī الإمام البخاري Geleerde · gest. 256 AH
- al-Imām Muslim الإمام مسلم Geleerde · gest. 261 AH
- ʿAbd Allāh ibn ʿAbbās عبد الله بن عباس Metgezel · gest. 68 AH
- ʿUmar ibn al-Khaṭṭāb عمر بن الخطاب Metgezel · gest. 23 AH
- ʿAbd Allāh ibn ʿUmar عبد الله بن عمر Metgezel · gest. 73 AH
- Saʿd ibn Abī Waqqāṣ سعد بن أبي وقاص Metgezel · gest. 55 AH
- Ḥudhayfa ibn al-Yamān حذيفة بن اليمان
Metgezel · gest. 36 AH
Metgezel, bekend om zijn vragen aan de Profeet ﷺ over beproevingen. Overleveraar van de hadith over predikers aan de poorten van de Hel.
- ʿAbd Allāh ibn ʿAmr ibn al-ʿĀṣ عبد الله بن عمرو بن العاص Metgezel · gest. 65 AH
- ʿĀʾisha bint Abī Bakr عائشة بنت أبي بكر Metgezel · gest. 58 AH
- Abū Hurayra أبو هريرة Metgezel · gest. 57 AH
- ʿImrān ibn Ḥuṣayn عمران بن حصين
Metgezel · gest. 52 AH
Metgezel. In het boek overleveraar van de hadith over de beste generaties en over afstand houden van de Dajjāl.
- ʿAbd Allāh ibn Masʿūd عبد الله بن مسعود
Metgezel · gest. 32 AH
Een van de vroegste moslims en een groot kenner van de Koran. In het boek overleveraar van de hadith over de rechte lijn en de zijpaden.
- Muʿādh ibn Jabal معاذ بن جبل
Metgezel · gest. 18 AH
Metgezel, bekend om zijn kennis van halal en haram; door de Profeet ﷺ naar Jemen gezonden. In het boek overleveraar van de hadith over het recht van Allah op de dienaren en over de laatste woorden.
- Jābir ibn ʿAbd Allāh جابر بن عبد الله
Metgezel · gest. 78 AH
Metgezel uit Medina en veelvuldig overleveraar. In het boek overleveraar van de hadith over de afscheidsbedevaart.
- Ibn al-Qayyim al-Jawziyya ابن القيم
Geleerde · gest. 751 AH
Muḥammad ibn Abī Bakr, leerling van Ibn Taymiyya. In het boek geciteerd over tawḥīd als boom in het hart, tawḥīd als toevlucht in nood en wat tawḥīd omvat.
- Ibn Abī al-ʿIzz al-Ḥanafī ابن أبي العز الحنفي
Geleerde · gest. 792 AH
Ḥanafitische geleerde, bekend van zijn commentaar op al-ʿAqīda aṭ-Ṭaḥāwiyya. In het boek geciteerd over tawḥīd als eerste oproep van de boodschappers.
- ash-Shawkānī الشوكاني
Geleerde · gest. 1250 AH
Muḥammad ibn ʿAlī ash-Shawkānī, Jemenitische geleerde. Alleen geciteerd in het woord van de uitgever over 'mensen van kennis' in Āl ʿImrān 3:18.
- Muḥammad Nāṣir ad-Dīn al-Albānī الألباني
Geleerde · gest. 1420 AH
Hadithgeleerde uit de twintigste eeuw. In het boek genoemd als degene die een hadith authentiek of goed verklaarde.
- at-Tirmidhī الترمذي
Geleerde · gest. 279 AH
Samensteller van de Sunan/Jāmiʿ at-Tirmidhī. In het boek onder meer bron van de hadith van de kaart.
- Abū Dāwūd أبو داود
Geleerde · gest. 275 AH
Samensteller van de Sunan Abī Dāwūd. In het boek onder meer bron van de hadith over de laatste woorden en over de Dajjāl.
- an-Nasāʾī النسائي
Geleerde · gest. 303 AH
Samensteller van de Sunan an-Nasāʾī. In het boek bron van de hadith over overdrijving in de godsdienst.
- Anas ibn Mālik أنس بن مالك
Metgezel · gest. 93 AH
Dienaar van de Profeet ﷺ. In dit boek beantwoordt hij de vraag wat bloed en bezit onschendbaar maakt, en is hij overleveraar van de raad aan Fāṭima ('O Levende, o Zelfstandige').
- Fāṭima bint Muḥammad فاطمة بنت محمد
Metgezel · gest. 11 AH
Dochter van de Profeet ﷺ. In dit boek is zij degene aan wie hij de smeekbede 'O Levende, o Zelfstandige' voor ochtend en avond aanraadde.
- Abū Mūsā al-Ashʿarī أبو موسى الأشعري Metgezel · gest. 44 AH
- al-Ḥasan al-Baṣrī الحسن البصري Geleerde · gest. 110 AH
- Mālik ibn Anas مالك بن أنس
Geleerde · gest. 179 AH
Imam van Medina en grondlegger van de Mālikitische school. In dit boek geciteerd: 'De istiwāʾ is bekend, de wijze is onbekend, het geloof erin is verplicht en de vraag ernaar is bidʿa.'
- ʿAlī ibn Abī Ṭālib علي بن أبي طالب
Metgezel · gest. 40 AH
Vierde kalief en neef van de Profeet ﷺ. In dit boek stuurt hij Abū l-Hayyāj uit om beelden uit te wissen en verhoogde graven gelijk te maken. Het boek noemt ook verzen waarin anderen hem goddelijke eigenschappen toeschrijven, als voorbeeld van shirk.
- al-ʿAbbās ibn ʿAbd al-Muṭṭalib العباس بن عبد المطلب
Metgezel · gest. 32 AH
Oom van de Profeet ﷺ. In dit boek vroegen de metgezellen na de dood van de Profeet ﷺ hem om voor regen te bidden.
- ʿUqba ibn ʿĀmir al-Juhanī عقبة بن عامر الجهني
Metgezel · gest. 58 AH
Metgezel. In dit boek overleveraar van 'wie een amulet ophangt, heeft shirk gepleegd'.
- Ibn Māja ابن ماجه
Geleerde · gest. 273 AH
Samensteller van de Sunan Ibn Māja. In dit boek bron van de smeekbede 'neem het lijden weg' en van de hadith over wie een waarzegger gelooft.
- al-Bayhaqī البيهقي
Geleerde · gest. 458 AH
Hadithgeleerde uit Khurāsān. In dit boek bron van het verhaal van Anas die onwetend vóór een graf bad.
- Abū Bakr aṣ-Ṣiddīq أبو بكر الصديق
Metgezel · gest. 13 AH
Eerste kalief. Volgens het boek de beste van de metgezellen.
- ʿUthmān ibn ʿAffān عثمان بن عفان
Metgezel · gest. 35 AH
Derde kalief. Na zijn moord verergerden de geschillen tussen de metgezellen.
- Abū Saʿīd al-Khudrī أبو سعيد الخدري Metgezel · gest. 74 AH
- Abū d-Dardāʾ أبو الدرداء
Metgezel · gest. 32 AH
Metgezel. In dit boek overleveraar van 'de martelaar doet voorspraak voor zeventig van zijn familie'.
- Sufyān ath-Thawrī سفيان الثوري
Geleerde · gest. 161 AH
Geleerde uit Kufa. In dit boek: Iblīs houdt meer van bidʿa dan van zonde.
- Abū Zurʿa ar-Rāzī أبو زرعة الرازي
Geleerde · gest. 264 AH
Hadithgeleerde. In dit boek: wie een metgezel kleineert, is een zindīq.
- an-Nawawī النووي
Geleerde · gest. 676 AH
Shāfiʿitische geleerde. In dit boek: een teken van het Uur is niet per se verboden; over de rook; de deugd van het gezelschap; en ijtihād van de metgezellen.
- Ibn Kathīr ابن كثير
Geleerde · gest. 774 AH
Koranuitlegger en historicus. In dit boek over de neerdaling van ʿĪsā, wee wie de metgezellen haat, en over 'karrama llāhu wajhahu' alleen voor ʿAlī.
- al-Qurṭubī القرطبي Geleerde · gest. 671 AH
- Muḥammad ibn Ṣāliḥ al-ʿUthaymīn محمد بن صالح العثيمين
Geleerde · gest. 1421 AH
Saoedische geleerde. In dit boek: het beledigen van de metgezellen raakt ook de Profeet ﷺ, de sharīʿa en Allah.
- Ibn Rajab ابن رجب
Geleerde · gest. 795 AH
Ḥanbalitische geleerde. In dit boek: moskeeën op graven bouwen en afbeeldingen maken zijn elk afzonderlijk verboden.
- aṭ-Ṭabarānī الطبراني
Geleerde · gest. 360 AH
Hadithgeleerde, samensteller van de Muʿjams. In dit boek bron van verschillende hadith.
- Ibn Abī Ḥātim ar-Rāzī ابن أبي حاتم
Geleerde · gest. 327 AH
Hadithgeleerde en uitlegger. Het boek noemt hem bij de bekende geleerden van de tafsīr.
- Abū Masʿūd al-Anṣārī (al-Badrī) أبو مسعود الأنصاري Metgezel · gest. 40 AH
- Asmāʾ bint Abī Bakr أسماء بنت أبي بكر
Metgezel · gest. 73 AH
Metgezel, dochter van Abū Bakr. In dit boek vertelt zij dat zij op een bewolkte dag het vasten braken, waarna de zon weer verscheen.
- Ibn Qudāma al-Maqdisī ابن قدامة المقدسي Geleerde · gest. 620 AH
- Khālid ibn al-Walīd خالد بن الوليد
Metgezel · gest. 21 AH
Vóór zijn islam viel hij bij Uḥud de moslims in de rug aan; als moslim redde hij het leger bij Muʾta met een krijgslist.
- ʿUbāda ibn aṣ-Ṣāmit عبادة بن الصامت
Metgezel · gest. 34 AH
Metgezel uit de Anṣār, aanwezig bij de eerste eed van al-ʿAqaba en overleveraar van de tekst ervan.
- Abū Ayyūb al-Anṣārī أبو أيوب الأنصاري
Metgezel · gest. 52 AH
Metgezel uit Banū n-Najjār; de Profeet ﷺ verbleef bij aankomst in Medina in zijn huis.
- Salmān al-Fārisī سلمان الفارسي
Metgezel · gest. 34 AH
Metgezel uit Perzië; stelde voor bij de Grachtslag een gracht te graven.
- ʿAbd ar-Raḥmān ibn ʿAwf عبد الرحمن بن عوف
Metgezel · gest. 32 AH
Metgezel; gaf volgens het boek veertigduizend dinar voor Tabūk.
- ʿUrwa ibn Masʿūd ath-Thaqafī عروة بن مسعود الثقفي
Metgezel · gest. 9 AH
Onderhandelaar van Quraysh bij al-Ḥudaybiya, later moslim.
- Burayda ibn al-Ḥuṣayb بريدة بن الحصيب
Metgezel · gest. 63 AH
Metgezel. Overleveraar van 'het verbond tussen ons en hen is het gebed'.
- Abū Ḥumayd as-Sāʿidī أبو حميد الساعدي
Metgezel
Metgezel. Beschreef het gebed van de Profeet ﷺ: handen heffen na twee rakʿa en armen van de zij.
- Muḥammad ibn al-Ḥanafiyya محمد ابن الحنفية
Geleerde · gest. 81 AH
Zoon van ʿAlī ibn Abī Ṭālib. Vroeg zijn vader wie na de Profeet ﷺ de beste was.
- Ṭalḥa ibn ʿUbayd Allāh طلحة بن عبيد الله
Metgezel · gest. 36 AH
Een van de tien aan wie het Paradijs beloofd is.
- az-Zubayr ibn al-ʿAwwām الزبير بن العوام
Metgezel · gest. 36 AH
Een van de tien aan wie het Paradijs beloofd is.
- Saʿīd ibn Zayd سعيد بن زيد بن عمرو بن نفيل
Metgezel · gest. 51 AH
Een van de tien aan wie het Paradijs beloofd is.
- Abū ʿUbayda ibn al-Jarrāḥ أبو عبيدة بن الجراح
Metgezel · gest. 18 AH
Een van de tien aan wie het Paradijs beloofd is.
- aṭ-Ṭaḥāwī أبو جعفر الطحاوي
Geleerde · gest. 321 AH
Ḥanafitisch geleerde en schrijver van de bekende geloofsbelijdenis. Het boek citeert hem over liefde voor de metgezellen en over het verbod op opstand tegen de leiders.
- Ḥumayd aṭ-Ṭawīl حميد الطويل
Geleerde · gest. 142 AH
Overleveraar uit de generatie na de metgezellen. Vertelde hoe Anas boos werd toen iemand vroeg of hij een hadith zelf gehoord had.
- Ibn Manda محمد بن إسحاق بن منده
Geleerde · gest. 395 AH
Hadithgeleerde, schrijver van Kitāb al-īmān; bron van het woord van Anas over de betrouwbaarheid van de metgezellen.
- Ḥammād ibn Salama حماد بن سلمة
Geleerde · gest. 167 AH
Hadithgeleerde uit Baṣra, streng tegen de vernieuwers. Volgens Aḥmad en Ibn Maʿīn moet je wantrouwen wie hem aanvalt.
- Yaḥyā ibn Maʿīn يحيى بن معين
Geleerde · gest. 233 AH
Hadithcriticus. Het boek citeert hem over wie Ḥammād ibn Salama en ʿIkrima aanvalt.
- ʿIkrima, vrijgelatene van Ibn ʿAbbās عكرمة مولى ابن عباس
Geleerde
Geleerde van de tābiʿūn. Ibn Maʿīn noemt hem samen met Ḥammād ibn Salama als geleerde die je niet aanvalt.
- Ibn ʿAsākir علي بن الحسن ابن عساكر
Geleerde · gest. 571 AH
Historicus en hadithgeleerde uit Damascus. Zei: 'het vlees van de geleerden is vergiftigd'.
- Marwān ibn al-Ḥakam مروان بن الحكم
Geleerde · gest. 65 AH
Omajjadische bestuurder. Volgens het boek vroeg hij wat edelmoedigheid was; het antwoord was goedheid voor de ouders en goed beheer van bezit.
- Uways al-Qaranī أويس القرني
Geleerde
Volgens de hadith de beste van de tābiʿūn. De Profeet ﷺ prees hem om zijn goedheid voor zijn moeder en zei dat zijn smeekbede verhoord wordt.
- al-Ḥasan ibn ʿAlī الحسن بن علي
Metgezel
Kleinzoon van de Profeet ﷺ. Sprong op zijn rug in het gebed; stopte als kind een dadel van de zakāt in zijn mond.
- al-Ḥusayn ibn ʿAlī الحسين بن علي
Metgezel · gest. 61 AH
Kleinzoon van de Profeet ﷺ, die hem en zijn broer bescherming zocht en droeg toen zij struikelden.
- ʿUmar ibn Abī Salama عمر بن أبي سلمة
Metgezel · gest. 83 AH
Stiefzoon van de Profeet ﷺ, die hem leerde: noem de naam van Allah, eet met je rechterhand en van wat voor je ligt.
- Muʿāwiya ibn Ḥayda al-Qushayrī معاوية بن حيدة القشيري
Metgezel
Metgezel. Vroeg naar het recht van de vrouw; het antwoord omvatte: sla het gezicht niet en scheld niet.
- Ṣafiyya bint ʿAbd al-Muṭṭalib صفية بنت عبد المطلب
Metgezel · gest. 20 AH
Tante van de Profeet ﷺ, die hij opriep zichzelf te redden.
- Mujāhid ibn Jabr مجاهد بن جبر
Geleerde
Korangeleerde van de tābiʿūn. Vertelde het verhaal van het schaap en de joodse buur.
- Abū l-Haytham ibn at-Tayyihān أبو الهيثم بن التيهان
Metgezel
Metgezel uit de Anṣār. Ontving de Profeet ﷺ en zijn twee metgezellen en zei: 'niemand heeft vandaag edeler gasten dan ik'.
- Abū Shuʿayb al-Anṣārī أبو شعيب الأنصاري
Metgezel
Metgezel uit de Anṣār. Nodigde de Profeet ﷺ uit als vijfde van vijf en gaf toestemming voor de man die meekwam.
- Saʿd ibn ʿUbāda سعد بن عبادة
Metgezel
Leider van de Khazraj. Bij hem at de Profeet ﷺ brood en olie en bad hij voor zijn gastheer.
- ʿAbd Allāh ibn Abī l-Hudhayl عبد الله بن أبي الهذيل
Geleerde
Overleveraar uit Kūfa. Vertelde hoe Ibn Masʿūd een man berispte die naar een vrouw in het huis keek.
- Saḥnūn سحنون بن سعيد
Geleerde · gest. 240 AH
Mālikitisch geleerde. Zei: 'gastvrijheid geldt voor dorpelingen; in de stad is er het hotel voor de reiziger'.
- Ibn al-Lutbiyya ابن اللتبية
Metgezel
Werd uitgestuurd om zakāt te innen en hield geschenken voor zichzelf; de Profeet ﷺ keurde dat af.
- al-Qāḍī Abū Yaʿlā القاضي أبو يعلى الفراء
Geleerde · gest. 458 AH
Ḥanbalitisch rechter en geleerde. Het boek citeert hem over de plichten van de bestuurder en zijn recht op gehoorzaamheid en steun.
- al-Māwardī علي بن محمد الماوردي
Geleerde · gest. 450 AH
Shāfiʿitisch geleerde, schrijver over bestuur. Het boek citeert hem over de plichten van de bestuurder: vernieuwing tegengaan en straffen uitvoeren.
- Ibn Khuzayma محمد بن إسحاق بن خزيمة
Geleerde · gest. 311 AH
Hadithgeleerde, samensteller van een Ṣaḥīḥ; in dit boek bron van de hadith over het gebed dat niet opstijgt.
- al-Bazzār أحمد بن عمرو البزار
Geleerde · gest. 292 AH
Hadithgeleerde, samensteller van een Musnad; in dit boek bron van hadith over de buur.
- Ibn Abī ʿĀṣim أحمد بن عمرو بن أبي عاصم
Geleerde · gest. 287 AH
Hadithgeleerde; in dit boek bron van de hadith dat van drie geen daad aanvaard wordt.