Koranexegese (2)
23 personen
- az-Zajjāj الزجاج Geleerde · gest. 311 AH
- az-Zamakhsharī الزمخشري Geleerde · gest. 538 AH
- ʿAbd Allāh ibn ʿAbbās عبد الله بن عباس Metgezel · gest. 68 AH
- ʿUmar ibn al-Khaṭṭāb عمر بن الخطاب Metgezel · gest. 23 AH
- ʿAbd Allāh ibn ʿUmar عبد الله بن عمر Metgezel · gest. 73 AH
- ʿĀʾisha bint Abī Bakr عائشة بنت أبي بكر Metgezel · gest. 58 AH
- Abū Hurayra أبو هريرة Metgezel · gest. 57 AH
- ʿAbd Allāh ibn Masʿūd عبد الله بن مسعود
Metgezel · gest. 32 AH
Een van de vroegste moslims en een groot kenner van de Koran. In het boek overleveraar van de hadith over de rechte lijn en de zijpaden.
- ash-Shawkānī الشوكاني
Geleerde · gest. 1250 AH
Muḥammad ibn ʿAlī ash-Shawkānī, Jemenitische geleerde. Alleen geciteerd in het woord van de uitgever over 'mensen van kennis' in Āl ʿImrān 3:18.
- Muḥammad Nāṣir ad-Dīn al-Albānī الألباني
Geleerde · gest. 1420 AH
Hadithgeleerde uit de twintigste eeuw. In het boek genoemd als degene die een hadith authentiek of goed verklaarde.
- at-Tirmidhī الترمذي
Geleerde · gest. 279 AH
Samensteller van de Sunan/Jāmiʿ at-Tirmidhī. In het boek onder meer bron van de hadith van de kaart.
- Qatāda ibn Diʿāma as-Sadūsī قتادة بن دعامة السدوسي Geleerde · gest. 118 AH
- Ibn Māja ابن ماجه
Geleerde · gest. 273 AH
Samensteller van de Sunan Ibn Māja. In dit boek bron van de smeekbede 'neem het lijden weg' en van de hadith over wie een waarzegger gelooft.
- Muḥammad ibn Ṣāliḥ al-ʿUthaymīn محمد بن صالح العثيمين
Geleerde · gest. 1421 AH
Saoedische geleerde. In dit boek: het beledigen van de metgezellen raakt ook de Profeet ﷺ, de sharīʿa en Allah.
- ʿAbd ar-Raḥmān as-Saʿdī عبد الرحمن السعدي
Geleerde · gest. 1376 AH
Koranuitlegger uit Najd. In dit boek: mensen zijn tegenover de vromen in drie groepen.
- Saʿīd ibn Jubayr سعيد بن جبير
Geleerde · gest. 95 AH
Tābiʿī en leerling van Ibn ʿAbbās. In dit boek zijn uitleg van aṭ-Ṭūr 52:21: Allah verheft de nakomelingen tot de rang van hun ouders.
- ʿAbd Allāh ibn Umm Maktūm عبد الله بن أم مكتوم
Metgezel
Blinde metgezel; bestuurde Medina tijdens Badr.
- ʿAbd Allāh ibn az-Zubayr عبد الله بن الزبير
Metgezel · gest. 73 AH
Metgezel, zoon van az-Zubayr ibn al-ʿAwwām en Asmāʾ bint Abī Bakr. In dit boek zijn uitspraak dat 'ʿAmma yatasāʾalūn' in Mekka werd geopenbaard.
- ar-Rāghib al-Iṣfahānī الراغب الأصفهاني
Geleerde · gest. 502 AH
Taalgeleerde, schrijver van al-Mufradāt over de woorden van de Koran. Het boek citeert zijn definitie van nabaʾ. Sterfjaar volgens de gangbare opgave.
- al-Azharī أبو منصور الأزهري
Geleerde · gest. 370 AH
Taalgeleerde, schrijver van Tahdhīb al-lugha. Het boek citeert zijn uitleg van mirṣād.
- Muqātil ibn Sulaymān مقاتل بن سليمان
Geleerde · gest. 150 AH
Vroege Koranuitlegger. Het boek citeert hem bij 'een passende vergelding': er is geen zonde groter dan shirk en geen straf groter dan het Vuur.
- al-Farrāʾ أبو زكريا يحيى بن زياد الفراء
Geleerde · gest. 207 AH
Grammaticus uit Kufa, schrijver van Maʿānī al-Qurʾān. Het boek citeert hem over kidhdhāb als welsprekend Jemenitisch woord.
- Nāfiʿ, vrijgelatene van Ibn ʿUmar نافع مولى ابن عمر
Geleerde · gest. 117 AH
Tābiʿī uit Medina en overleveraar van Ibn ʿUmar. In dit boek vertelt hij hoe Ibn ʿUmar verkopers aansprak om eerlijk te meten.