Eenheid 2: Tweede regel: zekerheid wordt niet opgeheven door twijfel#
Overzicht
Eenheid 2 · 13 onderdelen
Tweede regel: zekerheid wordt niet opgeheven door twijfel
Het bewijs, acht deelregels, botsing van grondregel en schijn, en nuttige punten
As-Suyūṭī bewijst de regel met hadith over twijfel aan het verbreken van de wuḍūʾ en aan het aantal gebedseenheden, en zegt dat de regel in alle hoofdstukken van de fiqh voorkomt: driekwart van de fiqh of meer valt eronder. Dan volgen de deelregels: wat was blijft zoals het was; de grondregel is dat iemand niets schuldig is; een erkenning (iqrār) rust op zekerheid; wie twijfelt of hij iets deed, heeft het niet gedaan; de grondregel is het niet-bestaan; een gebeurtenis wordt op het dichtstbijzijnde tijdstip gesteld; dingen zijn in principe toegestaan; seksuele relaties zijn in principe verboden; woorden zijn in principe letterlijk bedoeld. Daarna: grondregel tegenover uiterlijke schijn (vier soorten), twee grondregels tegenover elkaar, twee schijnen tegenover elkaar, en vier slotpunten: de uitzonderingen, soorten twijfel, wat "twijfel" bij fuqahāʾ en uṣūlī's betekent, en istiṣḥāb en het omgekeerde istiṣḥāb.
Bron: al-Ashbāh wa an-Naẓāʾir van as-Suyūṭī · p. 50–76
De regel in één kaart
Van bladzijde 50 tot 76.
Het bewijsp. 50–51
- hadith: tot hij een geluid hoort of een geur ruikt
- hadith: laat de twijfel vallen en bouw op wat zeker is
Deelregelsp. 51–64
- wat was, blijft
- niemand is iets schuldig
- erkenning rust op zekerheid
- twijfel of je iets deed: niet gedaan
- het niet-bestaan
Meer deelregelsp. 59–64
- het dichtstbijzijnde tijdstip
- dingen zijn toegestaan
- seksuele relaties zijn verboden
- woorden zijn letterlijk
Grondregel tegenover schijnp. 64–68
- grondregel zeker
- schijn zeker
- grondregel volgens de sterkste mening
- schijn volgens de sterkste mening
Twee grondregels, twee schijnenp. 68–72
Nuttige puntenp. 72–76
- de uitzonderingen van Ibn al-Qāṣṣ
- drie soorten twijfel
- twijfel, vermoeden, waan
- istiṣḥāb en het omgekeerde
Het hoofdstuk in één oogopslag
Het bewijs: "laat hij de moskee niet verlaten tot hij een geluid hoort of een geur ruikt" en "laat hij de twijfel vallen en bouwen op wat zeker is".
De regel komt in alle hoofdstukken van de fiqh voor; driekwart van de fiqh of meer valt eronder.
Wie zeker is van zijn wuḍūʾ en twijfelt of hij die verbrak, heeft wuḍūʾ; wie zeker is dat hij die verbrak en twijfelt of hij wuḍūʾ deed, heeft geen wuḍūʾ.
Niemand is in principe iets schuldig; daarom is één getuige niet genoeg om een schuld vast te stellen zonder een tweede getuige of de eed van de eiser, en geldt het woord van de gedaagde.
Wie twijfelt of hij iets deed, heeft het niet gedaan; wie zeker is dat hij iets deed maar twijfelt over weinig of veel, gaat uit van weinig, behalve als hij een vaste schuld had: die vervalt alleen met zekerheid.
Bij de Shāfiʿieten zijn dingen toegestaan tot een bewijs ze verbiedt; bij Abū Ḥanīfa verboden tot een bewijs ze toestaat. Het verschil blijkt bij waarover de bronnen zwijgen.
Als grondregel en uiterlijke schijn botsen, moet men afwegen zoals bij twee bewijzen; er zijn vier soorten, zoals Ibn aṣ-Ṣalāḥ uitwerkte.
Twijfel is bij de fuqahāʾ elke aarzeling of iets er is of niet, gelijk of niet; bij de uṣūlī's is gelijke aarzeling twijfel, de sterkere kant vermoeden (ẓann) en de zwakkere waan (wahm).
Onderdelen van dit hoofdstuk
- Onderdeel 1 · p. 50 الْقَاعِدَةُ الثَّانِيَةُ: الْيَقِينُ لَا يُزَالُ بِالشَّكِّ
- Onderdeel 2 · p. 53 قَاعِدَةٌ: الْأَصْلُ بَرَاءَةُ الذِّمَّةِ
- Onderdeel 3 · p. 53 قَاعِدَة: أَصْلُ مَا انْبَنَى عَلَيْهِ الْإِقْرَارُ إعْمَالُ الْيَقِينِ وَإِطْرَاحُ الشَّكِّ وعدم اسْتِعْمَال الْغَلَبَةَ
- Onderdeel 4 · p. 55 قَاعِدَة: مَنْ شَكَّ هَلْ فَعَلَ شَيْئًا أَوَّلًا؟ فَالْأَصْلُ أَنَّهُ لَمْ يَفْعَلْهُ
- Onderdeel 5 · p. 57 قَاعِدَة: الْأَصْلُ الْعَدَمُ
- Onderdeel 6 · p. 59 قَاعِدَة: الْأَصْلُ فِي كُلِّ حَادِثٍ تَقْدِيرُهُ بِأَقْرَبِ زَمَنٍ
- Onderdeel 7 · p. 60 قَاعِدَة: الْأَصْلُ فِي الْأَشْيَاءِ الْإِبَاحَةُ حَتَّى يَدُلُّ الدَّلِيلُ عَلَى التَّحْرِيمِ
- Onderdeel 8 · p. 61 قَاعِدَة: الْأَصْلُ فِي الْأَبْضَاعِ التَّحْرِيمُ
- Onderdeel 9 · p. 63 قَاعِدَة: الْأَصْلُ فِي الْكَلَامِ الْحَقِيقَةُ
- Onderdeel 10 · p. 64 ذِكْرُ تَعَارُضِ الْأَصْلِ وَالظَّاهِرِ
- Onderdeel 11 · p. 68 فَصْل: فِي تَعَارُضِ الْأَصْلَيْنِ
- Onderdeel 12 · p. 72 تَذْنِيب: تَعَارُضُ الظَّاهِرَيْنِ
- Onderdeel 13 · p. 72 فَوَائِدُ عَلَى قَاعِدَةِ الْيَقِينُ لَا يُزَالُ بِالشَّكِّ
De tekst volgt de gedrukte editie (p. 50–76). Op p. 65 staat in de druk «لأن الأصل علمها»; bedoeld is «عدمها» (dat er geen gemeenschap was).
Schema’s
Grondregel tegenover schijn: vier soorten
Zoals Ibn aṣ-Ṣalāḥ het uitwerkte en an-Nawawī overnam (p. 64–68).
| Vergelijking | Kenmerk | Voorbeeld |
|---|---|---|
| 1. Grondregel, zeker | er staat alleen een losse mogelijkheid tegenover | wie denkt dat hij zijn wuḍūʾ verbrak of scheidde, of twijfelt over drie of vier rakʿa's |
| 2. Schijn, zeker | het steunt op een door de sharīʿa ingestelde oorzaak of op vaste gewoonte | twee betrouwbare getuigen, bericht van een betrouwbare over onrein water, de gazelle die urineert |
| 3. Grondregel, sterkste mening | de mogelijkheid steunt op een zwakke oorzaak | kleren van drinkers en straatmodder: volgens de sterkste mening rein |
| 4. Schijn, sterkste mening | het is een sterke, afgebakende oorzaak | twijfel na de ʿibāda over een vergeten zuil (behalve de intentie) telt niet |
Drie soorten twijfel volgens Abū Ḥāmid al-Isfarāyīnī
p. 74–75
Twijfel op iets dat verboden waseen schaap in een stad met moslims en madjoes: niet halal tot zeker is dat een moslim slachtte, tenzij de meesten moslim zijn
Twijfel op iets dat toegestaan wasveranderd water, door vuil of door lang staan: men mag ermee reinigen
Twijfel zonder bekende grondtoestandhandel met iemand van wie het meeste geld ḥarām is: niet verboden, wel afgekeurd
De aangevoerde slavin volgens Taqī ad-Dīn as-Subkī
Voorbeeld bij "seksuele relaties zijn in principe verboden" (p. 61–63).
De slavinhaar toestand is onbekend of bekend
Onbekendmen gaat uit van bezit, en bij een volwassene ook van haar eigen verklaring
Bekend: zeker verbodeneen moslima in haar land die nooit slaaf was, of iemand met dhimma of verdrag
Bekend: zeker toegestaaniemand uit vijandelijk gebied die een ongelovige bezat en verkocht, of die met haar meester door een andere ongelovige overmeesterd werd
Door een moslim genomen, nooit eerder slaafvijf gevallen: buit, fayʾ, troep met toestemming, zonder toestemming, sluipers
Zeker van wuḍūʾ én verbreken, maar wat kwam eerst?
Volgens de sterkste mening denkt hij terug aan wat daarvóór was (p. 51–52).
Daarvóór zonder wuḍūʾdan heeft hij nu wuḍūʾ: zeker gedaan na dat verbreken, twijfel of ze daarna verbrak
Daarvóór met wuḍūʾ en gewend te vernieuwendan heeft hij nu geen wuḍūʾ: zeker verbroken na die wuḍūʾ, twijfel of hij daarna wuḍūʾ deed
Samengevat (al-Khādim)bij een oneven aantal neemt hij het tegendeel van wat daarvóór was, bij een even aantal hetzelfde
Uitleg
Het bewijs van de regel
Abū Hurayra (Muslim): wie iets in zijn buik voelt en twijfelt, verlaat de moskee niet tot hij een geluid hoort of een geur ruikt; de basis staat in beide Ṣaḥīḥ's via ʿAbdullāh ibn Zayd. Abū Saʿīd (Muslim): laat de twijfel vallen en bouw op wat zeker is. ʿAbd ar-Raḥmān ibn ʿAwf (at-Tirmidhī): bouw op het kleinste aantal en maak twee sujūd vóór de salām.
Wat was, blijft zoals het was
Wie zeker is van zijn wuḍūʾ en twijfelt aan verbreken, heeft wuḍūʾ, en omgekeerd. Voorbeelden: wie aan het eind van de nacht eet en twijfelt of de dageraad er was, vast geldig; wie aan het eind van de dag zonder afweging eet en twijfelt of de zon onder was, vast ongeldig; de vrouw wordt geloofd als ze zegt dat ze geen kleding en onderhoud kreeg; wie water koopt en zegt dat het onrein was, de verkoper wordt geloofd.
Meer uitleg
Ook: wie iḥrām voor ʿumra en daarna voor ḥajj aannam en twijfelt of dat vóór de ṭawāf was, zijn ḥajj is geldig (al-Māwardī: de grondregel is dat iḥrām voor ḥajj mag). En bij een salam-koop van vlees: zegt de koper dat het kadaver is, dan wordt hij geloofd, want een levend schaap is verboden om te eten tot zeker is dat dat ophield.
Niemand is in principe iets schuldig
Daarom is één getuige niet genoeg voor een schuld zonder een tweede of de eed van de eiser, en geldt het woord van de gedaagde. Voorbeelden: bij onenigheid over de waarde van iets vernields geldt het woord van wie moet betalen; wie de eed weigert, wordt niet alleen daarom veroordeeld; bij onenigheid of terugbetaling bij een lening genoemd werd, geldt het woord van de ontvanger.
Meer uitleg
Een fijne vergelijking (Ibn aṣ-Ṣāʾigh): de grammatici zeggen dat zelfstandige naamwoorden in principe verbogen worden; één reden is niet genoeg om een woord onverbuigbaar te maken, er is een tweede nodig.
Een erkenning rust op zekerheid
Ash-Shāfiʿī: de basis van de erkenning is dat ik zekerheid gebruik, twijfel laat vallen en niet afga op het waarschijnlijke. Wie "geld" of "veel geld" erkent, mag dat uitleggen als elk bedrag van waarde, hoe klein ook; wie zegt "ik heb een zwaard in een schede van hem" is alleen het zwaard schuldig; wie op twee dagen "duizend" erkent, is maar duizend schuldig.
Meer uitleg
Vraag aan as-Subkī: waarom moet wie "dirhams" erkent er drie betalen en niet twee, als erkenning op zekerheid rust? Antwoord: de erkenning wordt letterlijk opgevat; de mogelijkheid van figuurlijk gebruik is nog minder dan twijfel, het is een waan. Met zekerheid is de taalkundige betekenis bedoeld, geen absolute stelligheid.
Twijfel of je iets deed: je deed het niet
Hieronder valt: wie zeker is dat hij iets deed maar twijfelt over weinig of veel, gaat uit van weinig, behalve als hij een vaste schuld had, die alleen met zekerheid vervalt. Dat is de regel van ash-Shāfiʿī: wat met zekerheid vaststaat, verdwijnt alleen door zekerheid. Voorbeelden: twijfel of je een gebod in het gebed naliet: sujūd as-sahw; of je iets verbodens deed: geen sujūd. Twijfel over een vergeten zuil: opnieuw doen. Twijfel of je één of meer keer scheidde: één. Eén van de vijf gebeden vergeten maar niet weten welk: alle vijf.
Meer uitleg
Bij vergeten sujūd neemt men het slechtste geval: één sajda, onzeker of die uit de laatste rakʿa was: een rakʿa erbij; twee of drie: twee rakʿa's volgens de Shāfiʿieten. Al-Isnawī en anderen wierpen tegen dat het bij drie twee rakʿa's en een sajda moet zijn; an-Nashāʾī antwoordde dat dat buiten de gestelde situatie valt.
De grondregel is het niet-bestaan
Meestal geldt het woord van wie gemeenschap ontkent; van de beheerder in een qirāḍ-partnerschap als hij zegt "ik maakte geen winst" of "je verbood het mij niet"; van de verkoper als hij ontkent dat een gebrek al bestond; en van de eigenaar als de eter zegt "je stond het mij toe": de grondregel is telkens dat het niet gebeurde.
Meer uitleg
An-Nawawī over het kind van een moslim dat verwisseld raakte met het kind van een joodse min: beiden blijven in afwachting; geen van beiden wordt tot het gebed verplicht, want de grondregel is dat niemand verplicht is, zoals bij twee mannen van wie één een wind liet maar niemand het toegeeft.
Een gebeurtenis wordt op het dichtstbijzijnde tijdstip gesteld
Wie sperma op zijn kleding vindt zonder zich een droom te herinneren, moet ghusl doen en elk gebed sinds zijn laatste slaap herhalen. Wie dagenlang wuḍūʾ deed uit een put en dan een muis vindt, haalt alleen in wat hij zeker met onreinheid bad. Wie een kooi opent en de vogel vliegt meteen weg, is aansprakelijk; bleef hij eerst staan, dan niet.
Meer uitleg
Uitzondering: wie dodelijk ziek is, iets weggeeft en daarna gedood wordt of verdrinkt: de gift telt van het derde deel. Over een hand die na zwelling afvalt zegt as-Suyūṭī: dat is geen uitzondering, want zo werkt het hele hoofdstuk qiṣāṣ.
Dingen zijn in principe toegestaan
Dit is de Shāfiʿitische leer; bij Abū Ḥanīfa is de grondregel verbod. Het verschil blijkt bij waarover de bronnen zwijgen. Voorbeelden: een dier waarvan de status onduidelijk is: volgens de sterkste mening halal; een plant zonder bekende naam: volgens an-Nawawī het meest waarschijnlijk halal; de giraf: as-Subkī koos dat die halal is.
Meer uitleg
Bij de giraf: al-Qāḍī Ḥusayn en al-Ghazālī noemden haar halal, en dat wordt ook van Aḥmad overgeleverd; ash-Shīrāzī noemde haar in at-Tanbīh verboden, en in Sharḥ al-Muhadhdhab staat dat men het daarover eens is.
Seksuele relaties zijn in principe verboden
Botsen bij een vrouw toestemming en verbod, dan wint het verbod. Daarom mag men niet zelf afwegen als een verboden vrouw vermengd is met een telbaar aantal vrouwen; bij een ontelbaar aantal mag men als verlichting trouwen, zodat het huwelijk niet onmogelijk wordt. Voorbeeld: wie iemand een beschreven slavin laat kopen en de gevolmachtigde sterft vóór de overdracht, mag niet met haar omgaan, want misschien kocht hij haar voor zichzelf.
Woorden zijn in principe letterlijk bedoeld
Wie een waqf maakt voor "zijn kinderen": kleinkinderen vallen er volgens de sterkste mening niet onder. Wie zweert niet te verkopen en een ander laat verkopen, breekt zijn eed niet. Wie zweert Zayds huis niet binnen te gaan, breekt die niet door een huis dat Zayd huurt. Wie zweert niet van dit schaap te eten, breekt die met het vlees, niet met de melk. Wordt de letterlijke betekenis niet gebruikt, dan geldt de gangbare figuurlijke: "niet eten van deze boom" gaat over de vruchten.
Meer uitleg
Een lastig geval: wie zweert niet te bidden, breekt volgens de sterkste mening zijn eed al bij de openings-takbīr, terwijl de regel zou zeggen: pas aan het eind.
Grondregel tegenover uiterlijke schijn
Sommige latere Khurāsānī's zeiden: elke kwestie met botsing tussen grondregel en schijn heeft twee meningen. An-Nawawī weerlegde dat: soms volgt men zonder verschil de schijn (twee betrouwbare getuigen), soms zonder verschil de grondregel. De maatstaf van Ibn aṣ-Ṣalāḥ: afwegen; blijft men aarzelen, dan zijn er twee meningen.
Twee grondregels tegenover elkaar
Imām al-Ḥaramayn: het gaat niet om twee even sterke grondregels, dat is tegenstrijdig; de onderzoeker denkt eerst dat ze gelijk zijn en weegt daarna af. Ibn ar-Rifʿa: staan aan één kant twee grondregels en aan de andere één, dan beslist men zeker voor de twee. Voorbeelden: vuil in water waarvan men niet weet of het twee qulla is; een slaaf die verdwijnt zonder bericht: volgens de sterkste mening moet de zakāt al-fiṭr voor hem betaald worden, want de grondregel is dat hij leeft.
Uitzonderingen op de regel
Ibn al-Qāṣṣ: zekerheid wijkt niet voor twijfel, behalve in elf kwesties, zoals: wie over sokken strijkt en twijfelt of de termijn voorbij is; een reiziger die twijfelt of hij thuis is of verblijf beoogde; de verwarde mustaḥāḍa doet bij elk gebed ghusl. Al-Qaffāl wierp tegen dat daar geen zekerheid voor twijfel wijkt: men valt terug op de grondregel omdat de voorwaarde om ervan af te wijken niet zeker is. An-Nawawī: in de meeste heeft Ibn al-Qāṣṣ gelijk.
Kernpunten
Bewijzen van de regel
- Abū Hurayra (Muslim): tot hij een geluid hoort of een geur ruikt
- ʿAbdullāh ibn Zayd (beide Ṣaḥīḥ's): hij gaat niet weg tot hij een geluid hoort
- Abū Saʿīd (Muslim): laat de twijfel vallen, bouw op wat zeker is
- ʿAbd ar-Raḥmān ibn ʿAwf (at-Tirmidhī): bouw op één
Deelregels onder deze regel
- Wat was, blijft zoals het was
- Niemand is in principe iets schuldig
- Erkenning: zekerheid gebruiken, twijfel laten vallen
- Twijfel of je iets deed: je deed het niet
- Wat met zekerheid vaststaat, verdwijnt alleen door zekerheid
- De grondregel is het niet-bestaan
- Een gebeurtenis op het dichtstbijzijnde tijdstip stellen
- Dingen zijn in principe toegestaan
- Seksuele relaties zijn in principe verboden
- Woorden zijn in principe letterlijk
Twijfel bij fuqahāʾ en uṣūlī's
- Fuqahāʾ: elke aarzeling tussen er zijn en niet, gelijk of niet
- Uṣūlī's: gelijke aarzeling is twijfel
- De sterkere kant is vermoeden (ẓann)
- De zwakkere kant is waan (wahm)
Enkele uitzonderingen van Ibn al-Qāṣṣ
- Twijfel over de termijn bij het strijken over sokken, of thuis of op reis begonnen: de termijn geldt als voorbij
- Een reiziger achter een imam van wie hij niet weet of hij reist: niet inkorten
- Een dier urineert in veel water dat daarna veranderd is: onrein
- Plek van vuil onbekend: alles wassen
- Tayammum, dan iets zien dat luchtspiegeling of water kan zijn: tayammum vervalt
- Wild geraakt, verdwenen, dood teruggevonden en twijfel over een andere oorzaak: niet halal
Toevoegingen van Ibn as-Subkī en az-Zarkashī
- Van vóór de imam gekomen en twijfel of hij vóór hem staat: gebed geldig
- Twee werkende handen, aanraking met één: wuḍūʾ verbroken
- De rover zegt dat het geroofde verloren ging: hij wordt met eed geloofd
- De kat: haar bek is in principe onrein, toch wordt dat losgelaten
- Sperma op de kleding zonder herinnering aan een droom: ghusl
- Twijfel of je een gemist gebed inhaalde: niet verplicht
Istiṣḥāb en het omgekeerde
- Istiṣḥāb: het verleden doortrekken naar het heden
- Omgekeerd: het heden terugtrekken naar het verleden
- Voorbeeld: wie het gekochte met een algemeen bewijs kwijtraakt, verhaalt op de verkoper
- Voorbeeld: de rover zegt "zo (eenogig) heb ik hem geroofd": hij wordt geloofd
Vóór de imam staan of vóór hem de takbīr zeggen
- Plaats: geldig bij achter en naast, geldigheid is het meest voorkomend, dus geldig bij twijfel
- Takbīr: ongeldig bij gelijk en vóór, alleen geldig erna, dus ongeldig bij twijfel
خبايا الزوايا
Khabāyā az-zawāyā: wat in de hoeken verborgen zit. Fijne punten, uitzonderingen en subtiele onderscheiden uit de les zelf, die je bij snel lezen mist.
Oneven en even
Wie zeker is van wuḍūʾ én verbreken maar niet weet wat eerst kwam, kijkt naar daarvóór. Is ook dat een onduidelijk paar, dan kijkt hij nog verder terug en neemt hetzelfde. Samengevat (al-Khādim): bij een oneven aantal het tegendeel van wat daarvóór was, bij een even aantal hetzelfde.
Een grammaticale parallel
Eén getuige verandert niets aan "niets schuldig" zonder een tweede, zoals één reden een naamwoord niet onverbuigbaar maakt zonder een tweede reden.
Waarom de langste wachttijd bij twijfel?
Wie twijfelt of ze een wachttijd van scheiding of van overlijden heeft, neemt de langste, omdat haar een tekortkoming verweten kan worden; wie twijfelt of iets sperma of madhy was, mag kiezen.
Een onzekere gelofte is niet als een vergeten gebed
Al-Baghawī: misschien moet hij alles doen, misschien mag hij afwegen; want daar waren alle gebeden verplicht en vervallen ze alleen met zekerheid, hier was maar één ding verplicht en is het onduidelijk welk, zoals bij de qibla en de bekers.
Aarzelen tussen twee straffen
As-Suyūṭī: twijfelt men of de straf steniging of zweepslagen is, dan valt de ḥadd weg en volgt een taʿzīr-straf, want twijfel tussen twee soorten straf (zonder doodstraf) laat ze allebei vervallen.
De giraf
As-Subkī koos dat ze halal is: de grondregel is toestemming en ze heeft geen verscheurende hoektand; toch noemde ash-Shīrāzī haar verboden en meldt Sharḥ al-Muhadhdhab daar overeenstemming over.
An-Nawawī weerlegt al-Fazārī
Tāj ad-Dīn al-Fazārī beweerde dat buit en fayʾ aan de leider zijn overgelaten en schreef daarover een traktaat; an-Nawawī weerlegde hem en had zeker gelijk: bij alle veldtochten van de Profeet ﷺ werd buit verdeeld en het vijfde afgedragen.
Twee grondregels wegen zwaarder dan één
Bij te diep snijden bij vergelding: Ibn ar-Rifʿa zegt dat de gewonde zeker geloofd moet worden, want hij heeft twee grondregels (niets schuldig, niet gebeefd), de ander maar één; bovendien beweegt wie het mes voelt van nature.
Een vergissing van ar-Rāfiʿī
Ar-Rāfiʿī zei dat het verbroken-zijn opgeheven wordt door een vermoeden van reinheid, niet door twijfel; men noemt dat een vergissing waarin hij alleen stond. Misschien bedoelde hij wat Ibn aṣ-Ṣabbāgh zei over liggend slapen (zekerheid van wuḍūʾ opgeheven door vermoeden van verbreken) en draaide hij het om.
Begrippen
اليقين
al-yaqīn
Wat vaststaat zonder aarzeling; bij een erkenning geldt volgens al-Harawī zekerheid én een sterk vermoeden.
As-Subkī: met zekerheid is geen absolute stelligheid bedoeld; een erkenning wordt letterlijk opgevat omdat dat de taalkundige betekenis is.
الشك
ash-shakk
Bij de fuqahāʾ: aarzeling of iets er is of niet, of beide kanten nu gelijk zijn of niet.
Bij de uṣūlī's alleen de aarzeling waarbij beide kanten gelijk zijn.
الظن
aẓ-ẓann
De sterkere kant van een aarzeling, volgens de uṣūlī's.
الوهم
al-wahm
De zwakkere kant van een aarzeling, volgens de uṣūlī's.
الأصل
al-aṣl
De vaststaande toestand waarop men bij twijfel terugvalt: wat was, niets schuldig zijn, het niet-bestaan.
الظاهر
aẓ-ẓāhir
Wat uit aanwijzingen en gewoonte het meest waarschijnlijk is, zoals getuigenis, bericht van een betrouwbare en bezit (yad).
براءة الذمة
barāʾat adh-dhimma
Dat iemand niets schuldig is tot een schuld bewezen is.
شغل الذمة
shughl adh-dhimma
Dat een recht als schuld vaststaat; daarvan wordt men alleen met zekerheid vrij.
الاستصحاب
al-istiṣḥāb
De vroegere toestand doortrekken naar het heden; zo wordt "de grondregel" in dit hele hoofdstuk bedoeld.
الاستصحاب المقلوب
al-istiṣḥāb al-maqlūb
De huidige toestand terugtrekken naar het verleden.
Volgens Taqī ad-Dīn as-Subkī pasten de Shāfiʿieten dit maar in één kwestie toe: de koper verhaalt op de verkoper als het gekochte hem met een algemeen bewijs wordt afgenomen.
الأبضاع
al-abḍāʿ
Meervoud van buḍʿ: de toestemming voor seksuele omgang met een vrouw, via huwelijk of bezit.
الحقيقة والمجاز
al-ḥaqīqa wa-l-majāz
Ḥaqīqa: een woord in zijn oorspronkelijke betekenis; majāz: in een andere betekenis, op grond van een aanwijzing.
النكول
an-nukūl
Weigeren van de eed door de gedaagde.
Alleen daarop wordt niet beslist; de eed gaat dan naar de eiser.
المحصورات وغير المحصورات
al-maḥṣūrāt
Een telbaar of ontelbaar aantal vrouwen.
Is een verboden vrouw vermengd met een telbaar aantal, dan mag men niet zelf afwegen; bij een ontelbaar aantal mag men als verlichting trouwen.
Regels (qawāʿid)
De uṣūl-regels (qawāʿid) en vuistregels uit dit hoofdstuk, kort geformuleerd om te onthouden.
-
Zekerheid wordt niet opgeheven door twijfel
اليقين لا يزال بالشك
De grote regel; komt in alle hoofdstukken van de fiqh voor.
Voorbeeld: Zeker van wuḍūʾ, twijfel over verbreken: hij heeft wuḍūʾ.
-
Wat was, blijft zoals het was
الأصل بقاء ما كان على ما كان
Voorbeeld: Eten aan het eind van de nacht en twijfel over de dageraad: het vasten is geldig.
-
Niemand is in principe iets schuldig
الأصل براءة الذمة
Daarom geldt het woord van de gedaagde.
Voorbeeld: Onenigheid over de waarde van iets vernields: wie betaalt, wordt geloofd.
-
Wat met zekerheid vaststaat, verdwijnt alleen door zekerheid
ما ثبت بيقين لا يرتفع إلا بيقين
Van ash-Shāfiʿī; hierop rust de uitzondering van de vaste schuld.
Voorbeeld: Eén van de vijf gebeden vergeten: alle vijf.
-
De grondregel is het niet-bestaan
الأصل العدم
Voorbeeld: De beheerder zegt: geen winst. Hij wordt geloofd.
-
Een gebeurtenis wordt op het dichtstbijzijnde tijdstip gesteld
الأصل في كل حادث تقديره بأقرب زمن
Voorbeeld: Muis in een put waaruit hij dagen wuḍūʾ deed: alleen inhalen wat zeker is.
-
Dingen zijn toegestaan tot een bewijs ze verbiedt
الأصل في الأشياء الإباحة حتى يدل الدليل على التحريم
Bij Abū Ḥanīfa andersom.
Voorbeeld: Een duif vliegt zijn til in en hij weet niet of die van iemand is: hij heeft er het meeste recht op.
-
Seksuele relaties zijn in principe verboden
الأصل في الأبضاع التحريم
Botsen toestemming en verbod bij een vrouw, dan wint het verbod.
Voorbeeld: Verboden vrouw vermengd met een telbaar aantal: niet zelf afwegen.
-
Woorden zijn in principe letterlijk
الأصل في الكلام الحقيقة
Wordt de letterlijke betekenis niet gebruikt, dan de gangbare figuurlijke.
Voorbeeld: Gezworen niet van dit schaap te eten: het vlees telt, de melk niet.
Meningsverschillen
Kwesties waarover de geleerden verschillen, met de standpunten en wat de auteur of de toelichting de voorkeur geeft.
Wat is de grondregel voor dingen zonder bewijs?
- Shāfiʿieten: toegestaan tot een bewijs ze verbiedt
- Abū Ḥanīfa: verboden tot een bewijs ze toestaat
Voorkeur: De eerste mening wordt gesteund door: "en waarover Hij zweeg, is vergeven".
Gevolg van het verschil: Het verschil blijkt bij waarover gezwegen is: een onduidelijk dier, een onbekende plant, de giraf.
Twijfel of je twee of drie keer waste bij de wuḍūʾ?
- Uitgaan van twee en een derde keer doen
- Al-Juwaynī: niet, want een sunna laten is lichter dan een bidʿa doen
Voorkeur: Weerlegd: het is pas een bidʿa als hij weet dat het een vierde keer is.
Twee dagen gebeden ingehaald, daarna weet hij dat er ergens een sajda ontbrak?
- Al-Qāḍī Ḥusayn: de gebeden van een dag en nacht herhalen
- Ibn al-Qaṭṭān: één gebed herhalen is genoeg
Voorkeur: Ibn al-Qaṭṭān: na één herhaling twijfelt hij of de rest verplicht is, en twijfel verplicht niet.
Kleding van drinkers en straatmodder: rein of onrein?
- Rein, de grondregel volgend
- Onrein, omdat dat meestal zo is
Voorkeur: Volgens de sterkste mening rein (derde soort).
Is het bloed dat een zwangere vrouw ziet menstruatie?
- Ja, de grondregel is gezondheid
- Nee, meestal menstrueert een zwangere niet
Voorkeur: Volgens de sterkste mening: ja.
Vuil valt in water en men twijfelt of het twee qulla is?
- Onrein: het vuil is zeker en de grondregel is dat er niet veel water is (al-Ḥāwī, al-Kīnānī, al-Bulqīnī)
- Rein: de grondregel is reinheid (an-Nawawī, as-Subkī)
Imam in rukūʿ bereikt, maar twijfel of hij al overeind kwam?
- Rakʿa bereikt: de grondregel is dat de imam nog boog
- Niet bereikt: de grondregel is niet-bereiken
Voorkeur: Volgens de sterkste mening: niet bereikt.
Hadith
De hadith die in dit hoofdstuk genoemd worden, zoals in de notities.
-
Overgeleverd door Abū Hurayra
««إذا وجد أحدكم في بطنه شيئا فأشكل عليه، أخرج منه شيء أم لا؟ فلا يخرجن من المسجد حتى يسمع صوتا أو يجد ريحا»»
"Als een van jullie iets in zijn buik voelt en twijfelt of er iets uit gekomen is of niet, laat hij de moskee dan niet verlaten tot hij een geluid hoort of een geur ruikt."
Bron: Muslim
Het eerste bewijs van de regel.
-
Overgeleverd door ʿAbdullāh ibn Zayd
««لا ينصرف حتى يسمع صوتا، أو يجد ريحا»»
"Hij gaat niet weg tot hij een geluid hoort of een geur ruikt."
Bron: al-Bukhārī en Muslim
Gezegd over iemand die in het gebed denkt iets te voelen. Over dit onderwerp ook van Abū Saʿīd al-Khudrī en Ibn ʿAbbās.
-
Overgeleverd door Abū Saʿīd al-Khudrī
««إذا شك أحدكم في صلاته، فلم يدر كم صلى أثلاثا أم أربعا؟ فليطرح الشك، وليبن على ما استيقن»»
"Als een van jullie twijfelt in zijn gebed en niet weet hoeveel hij bad, drie of vier, laat hij de twijfel dan vallen en bouwen op wat zeker is."
Bron: Muslim
-
Overgeleverd door ʿAbd ar-Raḥmān ibn ʿAwf
««إذا سها أحدكم في صلاته، فلم يدر: واحدة صلى، أم اثنتين؟ فليبن على واحدة فإن لم يتيقن: صلى اثنتين، أم ثلاثا؟ فليبن على اثنتين، فإن لم يدر: أثلاثا صلى أم أربعا؟ فليبن على ثلاث، وليسجد سجدتين قبل أن يسلم»»
"Als een van jullie in zijn gebed iets vergeet en niet weet of hij één of twee bad, laat hij op één bouwen; weet hij niet of het twee of drie waren, op twee; weet hij niet of het drie of vier waren, op drie; en laat hij twee sujūd maken vóór de salām."
Bron: at-Tirmidhī
-
Overgeleverd door Abū ad-Dardāʾ
««ما أحل الله فهو حلال وما حرم فهو حرام وما سكت عنه فهو عفو، فاقبلوا من الله عافيته فإن الله لم يكن لينسى شيئا»»
"Wat Allah toestond is toegestaan, wat Hij verbood is verboden, en waarover Hij zweeg is vergeven; aanvaard dus Allahs gunst, want Allah vergeet niets."
Bron: al-Bazzār en aṭ-Ṭabarānī, met een goede (ḥasan) keten
Steunt de Shāfiʿitische regel dat dingen in principe toegestaan zijn.
-
Overgeleverd door Abū Thaʿlaba
««إن الله فرض فرائض فلا تضيعوها، ونهى عن أشياء فلا تنتهكوها، وحد حدودا فلا تعتدوها، وسكت عن أشياء من غير نسيان، فلا تبحثوا عنها»»
"Allah heeft plichten opgelegd, verwaarloos ze niet; Hij heeft dingen verboden, schend ze niet; Hij heeft grenzen gesteld, overschrijd ze niet; en Hij heeft over dingen gezwegen, niet uit vergetelheid, ga er dus niet naar zoeken."
Bron: aṭ-Ṭabarānī
In een andere bewoording: "en Hij zweeg over veel, niet uit vergetelheid; belast jezelf er niet mee, het is een barmhartigheid voor jullie, aanvaard die."
-
Overgeleverd door Salmān
««الحلال ما أحل الله في كتابه، والحرام ما حرم الله في كتابه، وما سكت عنه فهو مما عفا عنه»»
"Het toegestane is wat Allah in Zijn Boek toestond, het verbodene wat Allah in Zijn Boek verbood, en waarover Hij zweeg, behoort tot wat Hij vergaf."
Bron: at-Tirmidhī en Ibn Māja
Gevraagd over kaas, boter en bont.
Personen
De personen die in dit hoofdstuk genoemd worden, en waarom.
Genoemd in de tekst
-
al-Imām ash-Shāfiʿī
الإمام الشافعي
Geleerde · gest. 204 AH
Erkenning rust op zekerheid; wat met zekerheid vaststaat, verdwijnt alleen door zekerheid.
-
al-Imām Abū Ḥanīfa
الإمام أبو حنيفة
Geleerde · gest. 150 AH
Dingen zijn in principe verboden tot een bewijs ze toestaat.
-
al-Imām Aḥmad ibn Ḥanbal
الإمام أحمد بن حنبل
Geleerde · gest. 241 AH
Van hem wordt overgeleverd dat de giraf halal is.
-
Taqī ad-Dīn as-Subkī
تقي الدين السبكي
Geleerde · gest. 756 AH
Beantwoordde de vraag over "dirhams", koos dat de giraf halal is, werkte de regels over de aangevoerde slavin uit en zei dat het omgekeerde istiṣḥāb maar in één kwestie gebruikt wordt.
-
Tāj ad-Dīn as-Subkī
تاج الدين السبكي
Geleerde · gest. 771 AH
Voegde in zijn Ashbāh uitzonderingen toe en noemde het omgekeerde istiṣḥāb bij gevonden schatten.
-
Imām al-Ḥaramayn al-Juwaynī
إمام الحرمين الجويني
Geleerde · gest. 478 AH
Legde uit wat botsing van twee grondregels is en zonderde twijfel over het einde van de tijd van het vrijdaggebed uit.
-
Abū Ḥāmid al-Ghazālī
أبو حامد الغزالي
Geleerde · gest. 505 AH
Noemde in de Iḥyāʾ de slavin die de gevolmachtigde kocht, noemde de giraf halal en zonderde twijfel over de tijd van het vrijdaggebed uit.
-
al-Qāḍī Ḥusayn al-Marwazī
القاضي حسين المروزي
Geleerde · gest. 462 AH
Gaf als fatwa dat wie twijfelt over een sajda de gebeden van een dag en nacht herhaalt, en noemde de giraf halal.
-
al-Baghawī
البغوي
Geleerde · gest. 516 AH
Aangehaald over de onzekere gelofte, de qirāḍ en de reiniging met stenen.
-
al-ʿIzz ibn ʿAbd as-Salām
العز بن عبد السلام
Geleerde · gest. 660 AH
Vergeleek twijfel over zakāt met het gebed en noemde het gemiste gebed waarvan men twijfelt of het ingehaald is.
-
Abū Isḥāq ash-Shīrāzī
أبو إسحاق الشيرازي
Geleerde · gest. 476 AH
Noemde in at-Tanbīh de giraf verboden.
-
Abū Ḥāmid al-Isfarāyīnī
أبو حامد الإسفراييني
Geleerde · gest. 406 AH
Verdeelde twijfel in drie soorten.
-
Ibn aṣ-Ṣabbāgh
ابن الصباغ
Geleerde · gest. 477 AH
Zei in ash-Shāmil dat slaap de wuḍūʾ verbreekt omdat dan waarschijnlijk iets uitkomt.
Genoemd in de bronvermelding
-
al-Imām Muslim
الإمام مسلم
Geleerde · gest. 261 AH
Overleverde de hadith van de regel.
-
al-Imām al-Bukhārī
الإمام البخاري
Geleerde · gest. 256 AH
De hadith van ʿAbdullāh ibn Zayd staat in beide Ṣaḥīḥ's.
-
ʿAbd Allāh ibn ʿAbbās
عبد الله بن عباس
Metgezel · gest. 68 AH
Over dit onderwerp is ook van hem overgeleverd.
Herhaling
Het belangrijkste vlak voor een toets
- Zekerheid wijkt niet voor twijfel; bewijs: "tot hij een geluid hoort of een geur ruikt".
- Driekwart van de fiqh of meer valt eronder.
- Wat was, blijft zoals het was.
- Niemand is iets schuldig; daarom geldt het woord van de gedaagde.
- Erkenning: zekerheid gebruiken, twijfel en waarschijnlijkheid laten.
- Twijfel of je iets deed: niet gedaan, tenzij er een vaste schuld is.
- Wat zeker vaststaat, verdwijnt alleen door zekerheid.
- Een gebeurtenis wordt op het dichtstbijzijnde tijdstip gesteld.
- Dingen: toegestaan; seksuele relaties: verboden; woorden: letterlijk.
- Grondregel tegenover schijn: vier soorten; het gaat om afwegen.
- Twijfel bij fuqahāʾ: gelijk en ongelijk; bij uṣūlī's alleen gelijk.
- Istiṣḥāb: verleden naar heden; omgekeerd: heden naar verleden.
Flitskaarten
Mijn favorieten
Tik op het sterretje bij een kaart om hem hier te bewaren.
Veelgemaakte fouten
Fouten die studenten bij dit hoofdstuk vaak maken, met wat juist is.
✗ Niet zo: Zeggen dat je bij twijfel over hoeveel altijd van weinig uitgaat
✓ Wel zo: Behalve als er een vaste schuld was: die vervalt alleen met zekerheid, zoals bij een vergeten gebed uit de vijf.
✗ Niet zo: Twijfel na de ʿibāda gelijkstellen aan twijfel tijdens
✓ Wel zo: Twijfel achteraf over een zuil (behalve de intentie) telt volgens de bekende mening niet: de ʿibāda is waarschijnlijk goed afgerond.
✗ Niet zo: De uṣūl-betekenis van twijfel in de fiqhboeken lezen
✓ Wel zo: In de fiqh omvat twijfel ook de waarschijnlijke kant; je kunt daar niet zeggen dat een vermoeden geen twijfel is.
✗ Niet zo: Zeggen dat de fuqahāʾ nooit onderscheid maken tussen vermoeden en twijfel
✓ Wel zo: Az-Zarkashī: op veel plaatsen wel, zoals bij een geslacht dier waarvan men twijfelt of het nog echt leefde, en eten van andermans bezit als men waarschijnlijk acht dat hij het goedvindt.
✗ Niet zo: Denken dat iedereen de elf kwesties ziet als zekerheid die voor twijfel wijkt
✓ Wel zo: Al-Qaffāl: daar werd de grondregel gevolgd; an-Nawawī gaf Ibn al-Qāṣṣ in de meeste gelijk.
✗ Niet zo: Een hand die na zwelling afvalt als uitzondering zien
✓ Wel zo: As-Suyūṭī: dat is geen uitzondering, zo werkt het hele hoofdstuk qiṣāṣ.
Test jezelf
Hoeveel van de fiqh valt volgens as-Suyūṭī onder deze regel?
Eten aan het eind van de dag zonder afweging en twijfel of de zon onder was: wat met het vasten?
Eten aan het eind van de nacht met twijfel over de dageraad maakt het vasten ongeldig.
Waarom is één getuige niet genoeg om een schuld vast te stellen?
"Ik heb een zwaard in een schede van hem." Wat is hij schuldig?
Wie zegt "ik ben hem dirhams schuldig", hoeveel moet hij betalen?
De erkenning wordt letterlijk opgevat, en het kleinste meervoud is volgens de bekende mening drie.
Onderdeel 3p. 54Wie twijfelt of hij iets verbodens deed in het gebed, maakt sujūd as-sahw.
Niet, want de grondregel is dat hij het niet deed. Wel bij twijfel of hij een gebod naliet.
Onderdeel 4p. 55Eén van de vijf gebeden vergeten, niet wetend welk: wat moet hij doen?
Ze twijfelt of ze de wachttijd van scheiding of van overlijden heeft?
Sperma op de kleding zonder herinnering: vanaf wanneer herhaalt hij gebeden?
Wie een kooi opent waarna de vogel eerst blijft staan en dan wegvliegt, is aansprakelijk.
De grondregel voor dingen bij Abū Ḥanīfa:
Een verboden vrouw is vermengd met een telbaar aantal vrouwen. Wat geldt?
Gezworen niet van deze boom te eten: waarmee breekt hij zijn eed?
Wat kenmerkt de tweede soort (schijn wint zeker)?
Volgens de sterkste mening is de kleding van drinkers onrein.
Na het gebed twijfel over een vergeten zuil (niet de intentie)?
Wie zei: staan aan één kant twee grondregels, dan beslist men zeker voor die kant?
In hoeveel kwesties maakte Ibn al-Qāṣṣ een uitzondering?
Een schaap in een stad met moslims en madjoes, de meesten moslim:
De sterkere kant van een aarzeling heet bij de uṣūlī's:
Het heden terugtrekken naar het verleden heet:
Originele tekst
Deze pagina bundelt de onderdelen van dit hoofdstuk. De tekst van elk onderdeel zoals in de notities:
- Onderdeel 1 الْقَاعِدَةُ الثَّانِيَةُ: الْيَقِينُ لَا يُزَالُ بِالشَّكِّ
Tekst van het onderdeel · Bladzijden: p. 50–52
- Onderdeel 2 قَاعِدَةٌ: الْأَصْلُ بَرَاءَةُ الذِّمَّةِ
Tekst van het onderdeel · Bladzijden: p. 53
- Onderdeel 3 قَاعِدَة: أَصْلُ مَا انْبَنَى عَلَيْهِ الْإِقْرَارُ إعْمَالُ الْيَقِينِ وَإِطْرَاحُ الشَّكِّ وعدم اسْتِعْمَال الْغَلَبَةَ
Tekst van het onderdeel · Bladzijden: p. 53–54
- Onderdeel 4 قَاعِدَة: مَنْ شَكَّ هَلْ فَعَلَ شَيْئًا أَوَّلًا؟ فَالْأَصْلُ أَنَّهُ لَمْ يَفْعَلْهُ
Tekst van het onderdeel · Bladzijden: p. 55–56
- Onderdeel 5 قَاعِدَة: الْأَصْلُ الْعَدَمُ
Tekst van het onderdeel · Bladzijden: p. 57–58
- Onderdeel 6 قَاعِدَة: الْأَصْلُ فِي كُلِّ حَادِثٍ تَقْدِيرُهُ بِأَقْرَبِ زَمَنٍ
Tekst van het onderdeel · Bladzijden: p. 59
- Onderdeel 7 قَاعِدَة: الْأَصْلُ فِي الْأَشْيَاءِ الْإِبَاحَةُ حَتَّى يَدُلُّ الدَّلِيلُ عَلَى التَّحْرِيمِ
Tekst van het onderdeel · Bladzijden: p. 60
- Onderdeel 8 قَاعِدَة: الْأَصْلُ فِي الْأَبْضَاعِ التَّحْرِيمُ
Tekst van het onderdeel · Bladzijden: p. 61–62
- Onderdeel 9 قَاعِدَة: الْأَصْلُ فِي الْكَلَامِ الْحَقِيقَةُ
Tekst van het onderdeel · Bladzijden: p. 63
- Onderdeel 10 ذِكْرُ تَعَارُضِ الْأَصْلِ وَالظَّاهِرِ
Tekst van het onderdeel · Bladzijden: p. 64–67
- Onderdeel 11 فَصْل: فِي تَعَارُضِ الْأَصْلَيْنِ
Tekst van het onderdeel · Bladzijden: p. 68–71
- Onderdeel 12 تَذْنِيب: تَعَارُضُ الظَّاهِرَيْنِ
Tekst van het onderdeel · Bladzijden: p. 72
- Onderdeel 13 فَوَائِدُ عَلَى قَاعِدَةِ الْيَقِينُ لَا يُزَالُ بِالشَّكِّ
Tekst van het onderdeel · Bladzijden: p. 72
Het hele hoofdstuk in de notities: al-Ashbāh wa an-Naẓāʾir van as-Suyūṭī · p. 50–76 p. 50
Dit is een studiehulp; de notities zelf blijven de bron.