Bewijzen (3): waarneming#
3. Waarneming (al-ḥiss), langs twee wegen:
Eerste: de verhoring van wie bidt, om hulp roept en in nood is. Mensen in nood op land, zee of in de lucht, of wanhopig door ziekte of problemen, roepen hun Heer aan en Hij verhoort hen en neemt hun nood weg. Daarom maakt Allah dit tot een duidelijk bewijs (an-Naml 27:62). De verhoring van de smeekbeden van profeten en vromen is een van de grootste bewijzen; zie al-Anbiyāʾ 21:76 en al-Anfāl 8:9. Dit is volgens het boek nog steeds zichtbaar, voor wie zich oprecht tot Allah wendt en aan de voorwaarden voldoet.
Tweede: de wonderen van de profeten (muʿjizāt). Tekenen die mensen zien of horen, buiten het menselijk vermogen, die Allah laat plaatsvinden ter ondersteuning van Zijn boodschappers. Voorbeelden: Mūsā sloeg met zijn staf op de zee en die spleet in twaalf droge wegen (ash-Shuʿarāʾ 26:63); ʿĪsā wekte met Allahs toestemming doden op (Āl ʿImrān 3:49; al-Māʾida 5:110); de maan spleet toen Quraysh om een teken vroegen (al-Qamar 54:1–2). Verder: aṣ-Ṣāffāt 37:75 en al-Qamar 54:10–11 (Nūḥ), al-Anbiyāʾ 21:87–88 (Yūnus). Deze waarneembare tekenen wijzen zeker op het bestaan van Allah.
Oefening van het boek (p. 83): vier vragen, onder meer over waarom het boek bewijzen buiten de openbaring behandelt en voor wie.
Kernpunten
- Twee wegen van het waarnemingsbewijs: verhoring van smeekbeden; wonderen.
- Definitie van muʿjiza en drie voorbeelden.
Bron: العقيدة (١), les 24, vanaf p. 81.
Begrippen
- دليل الحس dalīl al-ḥiss · bewijs uit waarneming
- derde soort bewijs (les 24, p. 81)
- المعجزة al-muʿjiza · wonder (van een profeet)
- waarneembaar teken buiten het menselijk vermogen (les 24, p. 82)
- المكروب al-makrūb · wie in nood is
- wiens smeekbede verhoord wordt (les 24, p. 81)