Geloofsleer (1)

PDF downloaden

Bron: Zad-reeks (سلسلة زاد العلمية), samengesteld door Zad Group. Dit is een studiesamenvatting, niet de tekst van het boek.

Studeer heel eenheid 3 Schema’s, begrippen, hadith, personen en een toets voor alle lessen samen →

De rang van tawḥīd (1–6)

Het boek citeert Ibn Abī al-ʿIzz al-Ḥanafī: tawḥīd is de eerste oproep van de boodschappers, de eerste etappe van de weg en de eerste plaats waar wie naar Allah reist staat (an-Naḥl 16:36); daarom is de eerste plicht van de verantwoordelijke de getuigenis dat er geen god is dan Allah, en is tawḥīd het eerste waarmee men de islam binnengaat en het laatste waarmee men de wereld verlaat (met de hadith wiens laatste woorden "lā ilāha illā Allāh" zijn, gaat het Paradijs binnen).

De hoge rang van tawḥīd blijkt uit:

  1. Het is het doel van de schepping (adh-Dhāriyāt 51:56, "om Mij te aanbidden" = om Mij als enige te erkennen).
  2. Het is de oproep van alle boodschappers en hun eerste oproep (al-Anbiyāʾ 21:25).
  3. Daden worden zonder tawḥīd niet aanvaard (az-Zumar 39:65–66).
  4. Het is de eerste plicht die de verantwoordelijke moet leren (Muḥammad 47:19), en de laatste woorden vóór de dood: hadith van Muʿādh wiens laatste woorden "lā ilāha illā Allāh" zijn, gaat het Paradijs binnen (Abū Dāwūd, authentiek volgens al-Albānī).
  5. Het is het recht van Allah op de dienaren: de hadith van Muʿādh, die achter de Profeet ﷺ reed: Het recht van Allah op Zijn dienaren is dat zij Hem aanbidden en niets met Hem gelijkstellen (muttafaq ʿalayh).
  6. Het is de oorzaak van macht, opvolging en veiligheid op aarde (an-Nūr 24:55).

Kernpunten

  • Uitspraak van Ibn Abī al-ʿIzz.
  • Punten 1–6 van de rang van tawḥīd.

Bron: العقيدة (١), les 13, vanaf p. 53.

Begrippen

المكلف al-mukallaf · de verantwoordelijke
wie aan de geboden gebonden is (les 13, p. 53)
حق الله على العباد ḥaqq Allāh ʿalā l-ʿibād · Allahs recht op de dienaren
dat zij Hem aanbidden zonder iets met Hem gelijk te stellen (les 13, p. 54)
التمكين at-tamkīn · macht, vestiging
gevolg van tawḥīd (an-Nūr 24:55) (les 13, p. 54)