Rekening houden met de gevoelens van de echtgenote#
Haar stemming kennen. De Profeet ﷺ zei tegen ʿĀʾisha: Ik weet wanneer je tevreden over mij bent en wanneer je boos bent. Als je tevreden bent zeg je: nee, bij de Heer van Muḥammad; als je boos bent zeg je: nee, bij de Heer van Ibrāhīm. Zij zei: 'Ja, ik laat dan alleen je naam weg' (al-Bukhārī en Muslim). Hij was geen man die het niet kon schelen of zijn vrouw tevreden of boos was (p. 15).
Zorg bij ziekte. Hij wreef met zijn rechterhand over zieken in zijn familie en zei: O Allah, Heer van de mensen, neem de kwaal weg en genees, want U bent de Genezer… (al-Bukhārī en Muslim). Het boek wijst erop dat het grote uitwerking heeft als een man zijn hand legt op de pijnlijke plek van zijn vrouw, ook als de pijn blijft. Toen de kameel van Ṣafiyya knielde en zij huilde, veegde hij haar tranen af (Aḥmad; al-Albānī ṣaḥīḥ). Hoewel hij alleen kinderen kreeg van Khadīja en Māriya, verweet hij geen van zijn andere vrouwen dat zij hem geen kind schonken (p. 16).
Zachtheid. Jābir: de Boodschapper van Allah ﷺ was een gemakkelijke man; als ʿĀʾisha iets wenste, ging hij erin mee (Muslim). Het boek betreurt dat er vandaag in veel huizen alleen koppigheid en ruzie is.
Aansporen tot aanbidding. In de laatste tien nachten van Ramaḍān hield hij de nacht levend en wekte zijn gezin (al-Bukhārī en Muslim). Als hij zijn witr gebeden had zei hij: Sta op en bid de witr, ʿĀʾisha (al-Bukhārī en Muslim) (p. 17).
Vermanen en tot ṣadaqa aansporen. ʿĀʾisha, bescherm je tegen het Vuur, al is het met een halve dadel (Aḥmad; al-Albānī ḥasan). Na het slachten van een schaap vroeg hij wat er over was. 'Alleen de schouder,' zei ʿĀʾisha. Hij zei: Alles is gebleven behalve de schouder (Aḥmad; al-Arnaʾūṭ ṣaḥīḥ), naar het vers 'wat bij jullie is raakt op, wat bij Allah is blijft' (an-Naḥl 16:96).
Het kwade afkeuren. Toen hij thuis een gordijn met afbeeldingen zag, veranderde zijn gezicht, scheurde hij het en zei: Tot de mensen met de zwaarste straf op de Dag van de Opstanding horen zij die deze afbeeldingen maken (al-Bukhārī).
Kernpunten
- Een goede echtgenoot let op de stemming van zijn vrouw.
- Zorg en aanraking bij ziekte; troosten bij verdriet.
- Hij verweet zijn vrouwen niet dat zij geen kinderen kregen.
- Hij was gemakkelijk en ging mee in wat zijn vrouw wenste.
- Hij spoorde zijn vrouwen aan tot gebed en ṣadaqa en keurde het kwade in huis af.
Bron: السيرة النبوية (٣): التعاملات النبوية, les 3, vanaf p. 15.
Begrippen
- الرقية ar-ruqya · genezende smeekbede
- de woorden waarmee hij zieken in zijn familie behandelde, met de rechterhand wrijvend (les 3, p. 16)
- شد مئزره shadda miʾzarahu · zijn lendendoek aantrekken
- uitdrukking voor zich volledig inzetten voor aanbidding (les 3, p. 17)
- القرام al-qirām · dun gordijn
- het gordijn met afbeeldingen dat hij scheurde (les 3, p. 17)