Sūrat an-Nās: toevlucht tegen de influisteraar#
Volgens het boek is Sūrat an-Nās Medinensisch. Over haar deugd verwijst het boek naar wat bij al-Falaq is gezegd.
De Heer, Koning en God van de mensen (114:1–3). Allah is de Heer van de mensen en van al het andere, maar de mensen worden hier genoemd vanwege de samenhang. Hij is hun Koning, de Eigenaar en Heerser, en hun God, aan wie de aanbidding toekomt uit liefde en verheerlijking. Dat zijn drie eigenschappen: heerschappij (rubūbiyya), koningschap (mulk) en godheid (ulūhiyya). Wie toevlucht zoekt, roept deze eigenschappen in tegen het kwaad, en in het bijzonder tegen de influisteraar.
De influisteraar (114:4–6). Al-waswasa is een verborgen stem; al-waswās is een naam van de duivel, die de mens voortdurend vergezelt, en ook wat de begeerten van de ziel influisteren. Al-khannās deinst terug bij het gedenken van Allah. Ieder mens heeft een metgezel uit de djinn. Muslim overleverde: er is niemand van jullie of zijn metgezel uit de djinn is aan hem toegewezen. Zij vroegen: ook u? Hij zei: ook ik, maar Allah hielp mij tegen hem, zodat hij zich overgaf en mij alleen het goede beveelt. Hij stelt het kwaad mooi voor en het goede lelijk. De influisteraar kan uit de djinn zijn en ook uit de mensen (vgl. al-Anʿām 6:112).
Lessen. Allah is de Heer, Koning en God van alles, maar het noemen van de mensen laat hen Zijn nabijheid voelen als zij toevlucht zoeken. Influistering komt van de djinn, die volgens het boek in de mens stroomt zoals het bloed stroomt, en van mensen die het kwaad mooi maken tot het iemands verstand inneemt. De Profeet ﷺ blies voor het slapen in zijn handen en las al-Ikhlāṣ, al-Falaq en an-Nās, en las ze soms na de vijf gebeden; de moslim volgt die sunna.
Kernpunten
- Allah wordt aangeroepen als Heer, Koning en God van de mensen.
- Deze drie eigenschappen zijn rubūbiyya, mulk en ulūhiyya.
- Al-waswās al-khannās fluistert in en deinst terug bij het gedenken van Allah.
- Influistering komt van djinn en van mensen.
- De moslim leest al-Ikhlāṣ, al-Falaq en an-Nās zoals de Profeet ﷺ dat deed.
Bron: التفسير (٤), les 24, vanaf p. 93.
Begrippen
- الربوبية ar-rubūbiyya · heerschappij
- Allah is de Heer van alles (les 24, p. 94)
- الألوهية al-ulūhiyya · godheid
- Allah is de enige die aanbeden wordt, uit liefde en verheerlijking (les 24, p. 94)
- الوسوسة al-waswasa · influistering
- een verborgen stem; *al-waswās* is een naam van de duivel (les 24, p. 94)
- الخناس al-khannās · die terugdeinst
- die zich terugtrekt bij het gedenken van Allah (les 24, p. 94)