De slechtsten en de besten van de schepping (al-Bayyina 98:6–8)#
De slechtste schepselen (98:6). De ongelovigen onder de mensen van het Boek en de polytheïsten zijn in het vuur van Jahannam, eeuwig. Zij zijn de slechtste schepselen. Jahannam heet zo vanwege zijn diepte en zwartheid, van al-juhma, de duisternis van de nacht; anderen zeggen dat het een niet-Arabisch woord is.
De beste schepselen (98:7–8). Wie gelooft met het hart en goed doet met het lichaam, is het beste van de schepping. Hun beloning zijn de tuinen van ʿAdn; al-ʿadn is verblijf. 'Allah is tevreden met hen': het hoogste genot. 'En zij met Hem': om de gunsten die Hij hun gaf. Dat is voor wie zijn Heer vreest en Hem aanbidt alsof hij Hem ziet: de rang van iḥsān.
Lessen. De beste schepselen zijn er in vier lagen (an-Nisāʾ 4:69): profeten, waarheidsgetrouwen, martelaren en rechtschapenen. Aan het hoofd van de waarheidsgetrouwen staat Abū Bakr, volgens het boek bij consensus de beste van deze umma na de Profeet ﷺ. De ongelovigen zijn de slechtsten omdat zij dwaalden terwijl zij de middelen tot leiding hadden. Het volmaaktste genot is Allahs welbehagen, waarna Hij nooit meer boos op hen wordt, en het zien van Allah. Het boek onderscheidt ar-riḍā bi-llāh, tevreden zijn met Allah als Heer, en ar-riḍā ʿan Allāh, tevreden zijn met wat Hij bepaalt.
Kernpunten
- De ongelovigen die het bewijs verwierpen zijn de slechtste schepselen.
- De gelovigen die goed doen zijn de beste schepselen.
- Allahs welbehagen is het hoogste genot van het Paradijs.
- De beste schepselen zijn er in vier lagen (an-Nisāʾ 4:69).
- Ar-riḍā bi-llāh en ar-riḍā ʿan Allāh zijn twee soorten tevredenheid.
Bron: التفسير (٤), les 7, vanaf p. 30.
Begrippen
- البرية al-bariyya · de schepping
- de schepselen (les 7, p. 30)
- عدن ʿadn · verblijf
- de tuinen van ʿAdn zijn tuinen van blijvend verblijf (les 7, p. 31)
- الإحسان al-iḥsān · voortreffelijkheid
- Allah aanbidden alsof je Hem ziet (les 7, p. 31)
- الرضا بالله والرضا عن الله ar-riḍā bi-llāh wa-ʿan Allāh · tevredenheid met Allah en over Allah
- met Hem als Heer, en met wat Hij bepaalt (les 7, p. 32)