De zuilen van het gebed (2): van rukūʿ tot volgorde#
(4) De rukūʿ (al-Ḥajj 22:77): Buig dan tot je rustig bent in de rukūʿ (al-Bukhārī en Muslim).
(5) Opstaan uit de rukūʿ tot je recht staat: Kom dan omhoog tot je recht staat; ʿĀʾisha: hij knielde pas neer als hij weer recht stond (Muslim).
(6) Neerknielen (sujūd) op zeven delen: Mij is opgedragen neer te knielen op zeven botten: het voorhoofd (en hij wees naar zijn neus), de handen, de knieën en de tenen (al-Bukhārī en Muslim, van Ibn ʿAbbās).
(7) Opkomen en zitten tussen de twee sujūd: Kom omhoog tot je rustig zit.
(8) Rust (ṭumaʾnīna) in alle zuilen, volgens de hadith van de man die slecht bad: ... en doe zo in je hele gebed (al-Bukhārī en Muslim). Rust betekent dat de ledematen stil worden, hoe kort ook; anderen zeggen: zo lang als het verplichte gedenken duurt.
(9) De laatste tashahhud en het zitten ervoor: Ibn Masʿūd vertelt dat zij zeiden 'vrede over Allah', waarop de Profeet ﷺ zei: Zeg niet 'vrede over Allah', maar zeg: at-taḥiyyātu lillāh (an-Nasāʾī).
(10) De zegen over de Profeet ﷺ in de laatste tashahhud: Zeg: Allāhumma ṣalli ʿalā Muḥammad wa ʿalā āli Muḥammad (al-Bukhārī en Muslim). Volgens het boek hoort 'sayyidinā' daar niet bij.
(11) De taslīm: rechts en links 'as-salāmu ʿalaykum wa raḥmatu llāh', zo ver dat de witte wang te zien is (Muslim).
(12) De volgorde: Bid zoals jullie mij zien bidden (al-Bukhārī); in de hadith van de man die slecht bad staat steeds 'dan'.
Deze zuilen vallen niet weg door opzet, vergeten of onwetendheid.
Kernpunten
- Er zijn twaalf zuilen, van staan tot volgorde.
- Je knielt neer op zeven delen: voorhoofd met neus, handen, knieën, tenen.
- Rust in elke zuil is zelf een zuil.
- Zuilen vallen nooit weg, ook niet door vergeten.
Bron: الفقه (١), les 29, vanaf p. 104.
Begrippen
- الركوع ar-rukūʿ · buiging
- buigen met de handen op de knieën (les 29, p. 104)
- السجود as-sujūd · neerknieling
- met het voorhoofd op de grond (les 29, p. 105)
- الطمأنينة aṭ-ṭumaʾnīna · rust
- stil worden in elke houding (les 29, p. 106)
- التشهد at-tashahhud · getuigenis in zit
- 'at-taḥiyyātu lillāh ...' in het zitten (les 29, p. 106)
- الأعضاء السبعة al-aʿḍāʾ as-sabʿa · zeven delen
- voorhoofd met neus, twee handen, twee knieën, twee voeten (les 29, p. 105)