De soenna's van het gebed (1)#
(1) De handen heffen op vier momenten: bij de openingstakbīr, bij de rukūʿ, bij het opkomen eruit, en bij het opstaan na de eerste tashahhud (al-Bukhārī en Muslim, van Ibn ʿUmar; Abū Dāwūd, van Abū Ḥumayd). De vingers gestrekt en niet gespreid (Abū Dāwūd, van Abū Hurayra).
(2) Rechts op links leggen bij het staan: De mensen werd opgedragen de rechterhand op de linkeronderarm te leggen (Sahl ibn Saʿd; het boek zegt 'in beide Ṣaḥīḥ's', ik vond het alleen bij al-Bukhārī; graag controleren) en Wāʾil ibn Ḥujr: op de hand, de pols en de onderarm (Abū Dāwūd). Op de borst, boven of onder de navel: volgens het boek is daar ruimte, want over de plaats is geen authentieke hadith.
(3) De openingssmeekbede, het liefst afwisselend: 'Allāhumma bāʿid baynī wa bayna khaṭāyāya ...' (al-Bukhārī en Muslim), 'Subḥānaka llāhumma wa bi-ḥamdik ...' (Abū Dāwūd), 'Allāhu akbar kabīran ...' (Muslim).
(4) Toevlucht zoeken vóór de recitatie (an-Naḥl 16:98).
(5) De basmala stil vóór al-Fātiḥa en vóór de sūra erna. Hardop is volgens het boek geen soenna; at-Tirmidhī zei dat de meeste geleerden onder de metgezellen zo deden.
(6) Āmīn na al-Fātiḥa, voor iedereen; in hardop gereciteerde gebeden zeggen imam en volger het hardop: Als de imam āmīn zegt, zeg dan āmīn, want de engelen zeggen āmīn; wiens āmīn samenvalt met die van de engelen, diens eerdere zonden worden vergeven (al-Bukhārī).
Kernpunten
- Handen heffen op vier momenten.
- Rechts op links; de plaats op de borst of buik is volgens het boek ruim.
- Wissel de openingssmeekbeden af.
- De basmala zeg je stil.
- Āmīn zeg je hardop in hardop gereciteerde gebeden.
Bron: الفقه (١), les 31, vanaf p. 109.
Begrippen
- سنن الصلاة sunan aṣ-ṣalāt · soenna's van het gebed
- handelingen die beloond worden maar het gebed niet ongeldig maken als ze ontbreken (les 31, p. 109)
- دعاء الاستفتاح duʿāʾ al-istiftāḥ · openingssmeekbede
- smeekbede na de openingstakbīr (les 31, p. 110)
- التعوذ at-taʿawwudh · toevlucht zoeken
- 'aʿūdhu billāhi mina sh-shayṭāni r-rajīm' (les 31, p. 110)
- التأمين at-taʾmīn · āmīn zeggen
- 'āmīn' na al-Fātiḥa (les 31, p. 111)