Praktische toepassingen (3): macht, verhevenheid, de Geweldige, de Dankbare#
- Macht en eer (al-ʿizza; an-Nisāʾ 4:139; Yūnus 10:65; al-Munāfiqūn 63:8): de eigenschap ʿizza. Gevolgen voor gedrag: (a) wij kunnen niets doen waarin wij volgens het boek Allah de oorlog verklaren, zoals rente (al-Baqara 2:279) en struikroverij (al-Māʾida 5:33); (b) de gelovige moet krachtig en waardig zijn in zijn godsdienst.
- Verhevenheid (al-ʿuluww; al-Mulk 67:16–17): de eigenschap verhevenheid. Gevolgen: (a) wie weet dat Allah boven alles is, kent de omvang van Zijn heerschappij en vreest en eert Hem; (b) wie Hem vreest en eert, beschermt zich, doet het verplichte en laat het verbodene.
- al-ʿAẓīm (de Geweldige; al-Wāqiʿa 56:74; al-Ḥāqqa 69:33): gevolgen: (a) de Heer eren in de harten; (b) Zijn geboden en de symbolen van Zijn godsdienst eren.
- ash-Shākir (de Dankbare; al-Baqara 2:158; an-Nisāʾ 4:147): gevolgen: (a) Allah danken met hart, tong en ledematen; (b) wie goed voor je was en je een gunst deed, bedanken.
Kernpunten
- Vier namen/eigenschappen met hun gevolgen.
- Gevolgen gaan steeds over gedrag: rente en geweld vermijden, waardigheid, ontzag, eerbied voor de symbolen, dankbaarheid.
Bron: العقيدة (٢), les 22, vanaf p. 83.
Begrippen
- العزة al-ʿizza · macht, eer, onoverwinnelijkheid
- eigenschap van Allah; de gelovige moet waardig zijn in zijn godsdienst (les 22, p. 83)
- العلو al-ʿuluww · verhevenheid
- eigenschap van Allah (al-Mulk 67:16–17) (les 22, p. 83)
- الشاكر ash-Shākir · de Dankbare
- naam van Allah; dank met hart, tong en ledematen (les 22, p. 84)