Klein ongeloof en het verschil met groot ongeloof#
Klein ongeloof zijn zonden die de sharīʿa ongeloof noemt, zonder dat de dader daardoor buiten de islam valt. Het boek geeft deze voorbeelden:
- ondankbaarheid voor gunsten (an-Naḥl 16:112);
- een moslim bestrijden: een moslim uitschelden is zondigheid en hem bestrijden is ongeloof. Dat dit klein ongeloof is, blijkt uit al-Ḥujurāt 49:9, waar strijdende groepen toch gelovigen heten;
- twee dingen bij de mensen zijn ongeloof: afkomst aanvallen en weeklagen om een dode (Muslim);
- willens en wetens een andere vader aannemen: keer je niet af van je vaders; wie zich van zijn vader afkeert, dat is ongeloof (muttafaq ʿalayh).
Vier verschillen tussen groot en klein ongeloof:
- groot ongeloof brengt buiten de religie en maakt de daden waardeloos; klein ongeloof doet dat niet, maar vermindert ze en stelt de dader bloot aan de dreiging;
- groot ongeloof betekent eeuwig in het Vuur; bij klein ongeloof staat de dader onder Allahs wil: Hij straft of vergeeft, en wie gestraft wordt, blijft er niet eeuwig;
- groot ongeloof maakt bloed en bezit volgens het boek toegestaan, klein ongeloof niet;
- groot ongeloof vraagt volledige afkeer en verbiedt liefde en bondgenootschap, ook met de naaste familie. Klein ongeloof verbiedt bondgenootschap niet volledig: men houdt van iemand naar de mate van zijn geloof en keurt hem af naar de mate van zijn zonde.
Kernpunten
- Definitie van klein ongeloof en vier voorbeelden.
- Vier verschillen met groot ongeloof.
Bron: العقيدة (٣), les 6, vanaf p. 40.
Begrippen
- الكفر الأصغر al-kufr al-aṣghar · klein ongeloof
- zonde die ongeloof heet maar niet buiten de islam brengt (les 6, p. 40)
- كفر النعمة kufr an-niʿma · ondankbaarheid voor gunsten
- een vorm van klein ongeloof (les 6, p. 40)
- الموالاة al-muwālāt · bondgenootschap, loyaliteit
- bij klein ongeloof naar de mate van iemands geloof (les 6, p. 41)