Het gevaar van de bidʿa#
Het boek noemt vijf gevaren van de bidʿa:
- Zij is een aanval op de religie. Imam Mālik zei: wie in de islam een bidʿa invoert die hij goed vindt, beweert dat Muḥammad ﷺ de boodschap heeft verraden, want Allah zegt: 'Vandaag heb Ik jullie religie vervolmaakt' (al-Māʾida 5:3). Wat toen geen religie was, is het vandaag ook niet. Wie vernieuwt, denkt in feite dat de sharīʿa onvolledig is.
- Zij verminkt de religie en houdt mensen ervan weg. Het boek noemt het zichzelf en kinderen verwonden met zwaarden en kettingen op ʿĀshūrāʾ, en wat bij geboortefeesten (mawlid), ḥaḍra-bijeenkomsten en de zogeheten zār gebeurt: wie zoiets ziet, gelooft niet dat het een ware religie is.
- Zij verbergt de Sunna. Ibn ʿAbbās: elk jaar voeren mensen een bidʿa in en laten zij een Sunna sterven, tot de vernieuwingen leven en de Sunna's dood zijn.
- Zij brengt Allahs straf (an-Nūr 24:63). Saʿīd ibn al-Musayyab verbood iemand te bidden na het aanbreken van de dageraad, een verboden tijd. De man vroeg of Allah hem zou straffen voor gebed. Saʿīd antwoordde: nee, maar voor het ingaan tegen de Sunna. Iemand vroeg Mālik waar hij de iḥrām moest aantrekken; Mālik zei: waar de Profeet ﷺ dat deed, want verder weg vreesde hij beproeving voor hem: denken dat je een deugd hebt die de Profeet ﷺ niet had.
- Zij ontzegt de toegang tot het bassin (al-ḥawḍ) van de Profeet ﷺ: mensen die ik ken zullen bij mij komen en worden tegengehouden; ik zeg dat zij bij mij horen, en er wordt gezegd: jij weet niet wat zij na jou hebben ingevoerd; dan zeg ik: weg, weg met wie na mij veranderde (al-Bukhārī en Muslim, van Sahl ibn Saʿd).
Het boek noemt als voorbeeld verzonnen dhikr-vormen zoals 'Allāh ḥayy' en 'hū, hū, hū'. Aḥmad ibn Ḥanbal vond het spreken over vernieuwers beter dan eigen vrijwillige aanbidding, omdat het eerste de moslims dient.
Kernpunten
- Vijf gevaren: aanval op de religie, verminking, verbergen van de Sunna, straf, en verwijdering van het bassin.
- Mālik: wie een bidʿa goed vindt, beweert in feite dat de boodschap onvolledig was.
- Ook goedbedoelde extra's (gebed op een verboden tijd, iḥrām van verder weg) zijn tegen de Sunna.
- Verzonnen dhikr-vormen als voorbeeld.
Bron: العقيدة (٤), les 2, vanaf p. 11.
Begrippen
- الحوض al-ḥawḍ · het bassin
- het bassin van de Profeet ﷺ op de Dag des Oordeels, waarvan vernieuwers worden weggehouden (les 2, p. 13)
- الحضرة al-ḥaḍra · ḥaḍra-bijeenkomst
- een bijeenkomst met dhikr in een vaste vorm, door het boek genoemd als vernieuwing (les 2, p. 12)
- الإحرام al-iḥrām · de staat van iḥrām
- de gewijde staat voor ḥajj of ʿumra; Mālik raadde aan die aan te nemen waar de Profeet ﷺ dat deed (les 2, p. 13)