Zijn lachen#
Een stralende glimlach. Zijn glimlach nam de harten gevangen. Hij lachte uit vriendelijkheid voor zijn vrouwen en metgezellen, om deel te nemen aan hun vreugde, ter bevestiging van een bericht, uit blijdschap of verwondering, of om iets grappigs.
Hoe hij lachte. ʿAbd Allāh ibn al-Ḥārith: zijn lachen was alleen glimlachen (at-Tirmidhī; ṣaḥīḥ). ʿĀʾisha: ik zag hem nooit voluit lachen zodat ik zijn huig zag; hij glimlachte alleen (al-Bukhārī en Muslim). Dat was in de meeste gevallen; soms lachte hij tot zijn kiezen zichtbaar werden. Ibn Ḥajar: meestal ging hij niet verder dan glimlachen, soms lachte hij; afgekeurd is alleen veel of overdreven lachen, omdat dat de waardigheid wegneemt.
Met zijn gezin. Na Tabūk of Khaybar blies de wind het gordijn voor de poppen van ʿĀʾisha opzij. Hij zag een paard met twee vleugels van lappen en vroeg: Een paard met twee vleugels?! Zij zei: heb je niet gehoord dat Sulaymān paarden met vleugels had? Hij lachte tot zij zijn kiezen zag (Abū Dāwūd; ṣaḥīḥ). Het boek wijst op de vreugde die dat in het hart van zijn vrouw bracht. Het noemt ook, zonder bron, ʿUmar: een man moet thuis als een kind zijn, maar als men iets van hem nodig heeft vindt men een man; Zayd ibn Thābit, die thuis grappig was en buiten een man onder mannen; en een bedoeïenenvrouw die haar man prees: lachend als hij binnenkwam, zwijgzaam als hij uitging.
Aansporing. Tegen Jābir ibn ʿAbd Allāh, die met een eerder getrouwde vrouw trouwde, zei hij: Waarom niet een meisje met wie je speelt en die met jou speelt, met wie je lacht en die met jou lacht? (al-Bukhārī en Muslim). Spelen en lachen tussen echtgenoten vullen het huis met gezelligheid en versterken de band.
Kernpunten
- Zijn lachen was meestal glimlachen; soms lachte hij tot zijn kiezen zichtbaar werden.
- Afgekeurd is veel of overdreven lachen, omdat het de waardigheid wegneemt.
- Hij lachte met zijn gezin en bracht zo vreugde in het hart van zijn vrouw.
- Hij spoorde echtgenoten aan samen te spelen en te lachen.
Bron: السيرة النبوية (٤): مواقف النبي ﷺ وأحواله, les 13, vanaf p. 52.
Begrippen
- التبسم at-tabassum · glimlachen
- zijn gewone manier van lachen (les 13, p. 52)
- النواجذ an-nawājidh · de kiezen
- bijna alleen zichtbaar bij voluit lachen (les 13, p. 52)
- اللهوات al-lahawāt · de huig
- het vlees boven in de keel (les 13, p. 52)
- الوقار al-waqār · waardigheid
- wat door veel lachen verloren gaat (les 13, p. 52)