As-Suyūṭī en aš-Šawkānī#
Ad-Durr al-manthūr fī t-tafsīr bi-l-maʾthūr van Jalāl ad-Dīn as-Suyūṭī (gest. 911 AH). Volgens het boek somt hij vooral overleveringen van de salaf op zonder commentaar: zonder ze authentiek of zwak te verklaren, op enkele uitzonderingen na. Hij steunt vooral op wat al-Bukhārī, Muslim, Aḥmad, an-Nasāʾī, at-Tirmidhī, Abū Dāwūd, ad-Dārimī en anderen overleverden.
Fatḥ al-qadīr van Muḥammad ibn ʿAlī aš-Šawkānī (gest. 1250 AH). Zijn werkwijze: eerst de taalkundige kant van het vers, dan de grammaticale analyse (iʿrāb) als die de betekenis raakt, met de leeswijzen; soms gaat hij in op meningsverschillen in de fiqh, bespreekt hij de bewijzen en kiest hij. Zo combineert hij volgens het boek overlevering (riwāya) en inzicht (dirāya).
Kernpunten
- As-Suyūṭī: veel overleveringen, meestal zonder oordeel over hun betrouwbaarheid.
- Daarom moet een lezer van ad-Durr al-manthūr zelf de betrouwbaarheid nagaan.
- Aš-Šawkānī: taal, iʿrāb, leeswijzen en fiqh met afweging van bewijzen.
- Fatḥ al-qadīr combineert riwāya en dirāya.
Bron: التفسير (١), les 6, vanaf p. 24.
Begrippen
- الرواية ar-riwāya · overlevering
- uitleg die steunt op wat is overgeleverd (les 6, p. 25)
- الدراية ad-dirāya · inzicht
- uitleg door bewijzen te bespreken, af te wegen en te kiezen (les 6, p. 25)
- الإعراب al-iʿrāb · grammaticale analyse
- de functie van woorden in de zin bepalen (les 6, p. 25)
- الترجيح at-tarjīḥ · afweging
- de sterkste mening kiezen op grond van bewijs (les 6, p. 25)