Lā ilāha illā llāh en de takken van het geloof#
Deze les zet de lessen uit hadith 4 voort.
Het woord van tawḥīd. 'Lā ilāha illā llāh' maakt iemand moslim; wie zich er hooghartig tegen verzet, wordt ongelovig. Het is de scheidslijn tussen geloof en ongeloof en daarom de hoogste tak. De betekenis is: niemand wordt terecht aanbeden behalve Allah, en alles wat naast Hem aanbeden wordt is vals (al-Ḥajj 22:62).
Wat geloof is. Volgens de Ahl as-Sunna is geloof: uitspraak met de tong, daden met de ledematen, en overtuiging en daden van het hart.
Kleine daden en schaamte. Iets schadelijks van de weg halen hoort bij het geloof en bij de goede daden. Schaamte tegenover Allah zet aan tot gehoorzaamheid en weerhoudt van wat Hij verbood; schaamte tegenover mensen zet aan tot fatsoen. Zo is alle schaamte volgens het boek geloof.
Waarom niet alle takken genoemd worden. De Profeet ﷺ heeft niet alle takken opgesomd. Volgens het boek zit daar wijsheid in: de moslim gaat dan zelf in de Koran en Sunna zoeken, en zo wordt duidelijk wie ijverig is.
Kernpunten
- 'Lā ilāha illā llāh' is de scheidslijn tussen geloof en ongeloof.
- Betekenis: niemand wordt terecht aanbeden behalve Allah.
- Geloof is woord, daad en overtuiging van het hart.
- Schaamte tegenover Allah en tegenover mensen hoort allebei bij het geloof.
- De takken zijn niet allemaal opgesomd, zodat de moslim zelf zoekt.
Bron: الحديث (١), les 5, vanaf p. 26.
Begrippen
- كلمة التوحيد kalimat at-tawḥīd · het woord van eenheid
- 'lā ilāha illā llāh' (les 5, p. 26)
- لا معبود بحق إلا الله lā maʿbūda bi-ḥaqqin illā llāh · niemand terecht aanbeden dan Allah
- de betekenis van 'lā ilāha illā llāh' (les 5, p. 27)
- المروءة al-murūʾa · fatsoen, waardigheid
- gedrag dat bij een eervol mens past (les 5, p. 26)
- الإيمان عند أهل السنة al-īmān ʿinda ahl as-sunna · geloof volgens de Ahl as-Sunna
- woord van de tong, daden van de ledematen en overtuiging en daden van het hart (les 5, p. 26)