PDF downloaden

Bron: Zad-reeks (سلسلة زاد العلمية), samengesteld door Zad Group. Dit is een studiesamenvatting, niet de tekst van het boek.

Eenheid 1: Hadith 1–5: de grondslagen van de godsdienst

Overzicht

Eenheid 1 · 7 lessen

Hadith 1–5: de grondslagen van de godsdienst

Zeven lessen samen op één pagina

De vijf zuilen van de islam, de hadith van Jibrīl over de drie niveaus van de godsdienst, de hadith over de intentie waar alle daden om draaien, de takken van het geloof met de getuigenis als hoogste, en tot slot de onschendbaarheid van het bloed van een moslim met de uitzonderingen, de soorten niet-moslims, en dat straffen bij de leider liggen.

Bron: Kitāb al-Ḥadīth (1), Zad-reeks · p. 9–32

Je voortgang in dit hoofdstuk0%

Eenheid 1 in één kaart

De vijf hadith zoals in het boek.

Hadith 1–5Eenheid 1
  • Gebouwd op vijfles 1
    • de vijf zuilen
    • waarom vijf
    • de volgorde
  • De hadith van Jibrīlles 2
    • islam
    • imān
    • iḥsān
    • tekenen van het Uur
  • Daden gaan naar de intentiesles 3
    • intentie van de daad
    • voor wie de daad is
    • gewoonten worden aanbidding
  • Takken van het geloofles 4–5
    • lā ilāha illā llāh
    • schade van de weg halen
    • schaamte
    • geloof neemt toe en af
  • Het bloed van een moslimles 6–7
    • drie gevallen
    • soorten niet-moslims
    • straffen bij de leider

Het hoofdstuk in één oogopslag

  1. De vijf zuilen zijn als de pijlers van een gebouw; de overige kenmerken van de islam maken het gebouw af.
  2. De godsdienst heeft drie niveaus: islam, dan imān, dan iḥsān, het hoogste.
  3. In de voorbeschikking zelf is nooit kwaad; het kwaad zit in wat beschikt is.
  4. Daden bestaan alleen door de intentie; zij bepaalt of een daad geldig, ongeldig, volledig of gebrekkig is.
  5. De islam draait om twee hadith: die over de intentie voor de daden van het hart, en die van ʿĀʾisha voor de daden van het lichaam.
  6. Het geloof heeft takken waarin gelovigen verschillen; het neemt toe en af.
  7. Lā ilāha illā llāh is de grens tussen geloof en ongeloof; daarom is zij de hoogste tak van het geloof.
  8. Het bloed van een moslim is onschendbaar behalve in drie gevallen, en alleen de leider of zijn vertegenwoordiger voert straffen uit.

Lessen in dit hoofdstuk

  1. Les 1 · p. 9 Hadith 1: 'De islam is op vijf gebouwd'
  2. Les 2 · p. 13 Hadith 2: Jibrīl vraagt naar islam, imān en iḥsān
  3. Les 3 · p. 20 Hadith 3: 'Daden gaan naar de intenties'
  4. Les 4 · p. 24 Hadith 4: 'Het geloof heeft ruim zeventig takken'
  5. Les 5 · p. 26 Lā ilāha illā llāh en de takken van het geloof
  6. Les 6 · p. 28 Hadith 5: 'Het bloed van een moslim is alleen in drie gevallen toegestaan'
  7. Les 7 · p. 30 Soorten niet-moslims en de uitvoering van straffen

Oefeningen van het boek op p. 12, 19, 23, 27 en 32. Delen die in het boek alleen ter kennisname zijn, staan zo aangeduid. De Nederlandse weergave van verzen en hadith geeft de betekenis weer; het is geen vertaling.

Schema’s

De niveaus van de godsdienst

Zoals in de hadith van Jibrīl.

  1. Islamde uiterlijke daden: de vijf zuilen
  2. Imānde zes zuilen van het geloof
  3. IḥsānAllah aanbidden alsof je Hem ziet

Waarom de zuilen in deze volgorde staan

Aanbidding is met woorden of met daden.

  1. De twee getuigenissende basis waarop alle daden rusten
  2. Het gebedde grootste pijler
  3. De zakātin de Koran meestal naast het gebed genoemd
  4. Het vastenaanbidding met het lichaam
  5. De bedevaartverenigt aanbidding met lichaam en bezit

Geloof in Allah omvat vier dingen

Uit de lessen van de hadith van Jibrīl.

  1. Geloof in Zijn bestaan
  2. Dat Hij alleen Heer is
  3. Dat Hij alleen aanbeden mag worden
  4. Geloof in Zijn namen en eigenschappenzonder verdraaiing, ontkenning, vragen naar het hoe of vergelijking

Twee soorten intentie

De intentie omvat de intentie van de daad en voor wie de daad is.

VergelijkingIntentie van de daadVoor wie de daad is
Betekenisde aanbidding bedoelen en onderscheidenoprechtheid tegenover Allah
Voorbeeldde wassing: voor reinheid, verkoeling, na grote onreinheid of voor de vrijdagdaden verschillen in waarde naar het geloof en de oprechtheid in het hart
Bewijs"daden gaan alleen naar de intenties"al-Bayyina 98:5, az-Zumar 39:3

Les 3p. 22

Soorten niet-moslims

Zoals in les 7.

  1. Muʿāhader is een verdrag met hem
  2. Mustaʾmankwam binnen met een veiligheidsgarantie
  3. Dhimmīwoont onder moslims en betaalt de jizya
  4. Ḥarbīzonder verdrag, bescherming of garantie

Uitleg

  1. Waarom precies vijf

    Aanbidding is met woorden, de twee getuigenissen, of met daden: gebed, zakāt, vasten en bedevaart. Zo rust de islam op deze pijlers, die de dienaren beproeven in het geven van wat hun lief is en in lichamelijke inspanning.

  2. Het nalaten van de zuilen (alleen ter kennisname)

    De islam verdwijnt door het wegvallen van de twee getuigenissen. Voor de andere vier is volgens het boek het juiste dat wie ze nalaat geen ongelovige wordt, behalve wie het gebed helemaal nalaat; en wie de verplichting ervan ontkent, wordt ongelovige, ook als hij bidt.

    Meer uitleg

    Dit deel staat in het boek alleen ter kennisname.

  3. Waarom het geloof in de profeten en de jihad niet genoemd worden

    De getuigenis houdt in dat men de Boodschapper gelooft in alles wat hij bracht. De jihad wordt niet genoemd, óf omdat hij toen nog niet verplicht was, óf omdat hij een collectieve plicht is, terwijl de genoemde zuilen persoonlijke plichten zijn.

  4. Respect voor de leraar

    Jibrīl ging bij de Profeet ﷺ zitten met zijn knieën tegen de zijne en legde zijn handen op zijn eigen dijen, in de houding van een leerling, uit groot respect.

  5. Wat de getuigenis over Muḥammad ﷺ inhoudt

    Geloven dat hij naar alle schepsels gestuurd is en de laatste profeet is, hem geloven in wat hij vertelde, zijn bevelen opvolgen, zijn verboden mijden, niets nieuws in de godsdienst invoeren, en weten dat hij niets van de heerschappij van Allah bezit.

  6. Eén boodschapper verloochenen is allen verloochenen

    Allah zegt: "Het volk van Nūḥ loochende de boodschappers", terwijl zij alleen Nūḥ loochenden en er vóór hem geen boodschapper was. Eén verloochenen is het boodschapperschap zelf verloochenen.

    Meer uitleg

    ash-Shuʿarāʾ 26:105

  7. De geleerde zegt: ik weet het niet (alleen ter kennisname)

    "Wie ondervraagd wordt weet er niet meer van dan wie vraagt": wie iets gevraagd wordt wat hij niet weet, zegt dat eerlijk. Dat doet hem geen afbreuk; het toont zijn godvrezendheid.

    Meer uitleg

    Dit deel staat in het boek alleen ter kennisname.

  8. Gewoonten worden aanbidding (alleen ter kennisname)

    Wie met zijn verdiensten en wereldse bezigheden beoogt kracht te krijgen om Allahs recht te vervullen, diens gewoonten worden aanbidding.

    Meer uitleg

    Dit deel staat in het boek alleen ter kennisname.

  9. Niet alle takken zijn genoemd

    De wijsheid daarvan is dat de moslim zich inspant en de teksten van Koran en Sunna naspeurt, en dat zichtbaar wordt wie er werk van maakt.

  10. Het bloed van moslims is heilig

    Respect voor het bloed van moslims is unaniem; een onschendbare moslim doden is een van de grootste zonden. Een niet-moslim met een verdrag, een veiligheidsgarantie of als dhimmī is eveneens onschendbaar.

    Meer uitleg

    an-Nisāʾ 4:93

  11. Straffen liggen bij de leider

    Lijfstraffen en tuchtstraffen mogen alleen door de leider of zijn vertegenwoordiger worden uitgevoerd, vanwege "ga morgen, Unays …"; anders ontstaan wanorde en kwaad waarvan alleen Allah de omvang kent.

  12. Hoe overspel vaststaat (alleen ter kennisname)

    Door vier mannen die het werkelijk getuigen, wat zeer moeilijk is; door een bekentenis, zoals bij Māʿiz; of door zwangerschap, zoals ʿUmar zei.

    Meer uitleg

    Dit deel staat in het boek alleen ter kennisname.

Kernpunten

OpsommingUit het boek

De zuilen van de islam

  1. de twee getuigenissen
  2. het gebed
  3. de zakāt
  4. het vasten van Ramadan
  5. de bedevaart
OpsommingUit het boek

De zuilen van het geloof

  1. geloof in Allah
  2. Zijn engelen
  3. Zijn Boeken
  4. Zijn boodschappers
  5. de Laatste Dag
  6. de voorbeschikking, het goede en het kwade ervan
DefinitieUit het boek

Geloof volgens Ahl as-Sunna

  • Uitspraak van de tong, daden van de ledematen, en overtuiging en daad van het hart.
VoorwaardeUit het boek

De geldigheid van daden rust op de getuigenissen

  • oprechtheid (ikhlāṣ)
  • navolging van de Profeet ﷺ
DefinitieUit het boek

Betekenis van lā ilāha illā llāh

  • Er is niets dat terecht aanbeden wordt behalve Allah.
UitzonderingUit het boek

Het bloed van een moslim, behalve in drie gevallen

  • een leven voor een leven
  • de getrouwde overspelige
  • wie zijn godsdienst verlaat en zich van de gemeenschap afscheidt
OnderscheidUit het boek

Schaamte

  • Tegenover Allah: brengt gehoorzaamheid en het laten van Zijn verboden.
  • Tegenover mensen: brengt fatsoen.

Begrippen

إقام الصلاة

iqām aṣ-ṣalāh

Het verplichte gebed steeds verrichten, met zijn voorwaarden en zuilen.

إيتاء الزكاة

ītāʾ az-zakāh

De zakāt geven en in bezit stellen van wie er recht op heeft.

الإحسان

al-iḥsān

Allah aanbidden alsof je Hem ziet; en zie je Hem niet, dan ziet Hij jou.

Het niveau van waakzaamheid, het hoogste van de godsdienst.

أن تلد الأمة ربتها

an talida l-ama rabbatahā

Dat de slavin haar meesteres baart.

Uitgelegd als de uitbreiding van de islam: het kind van een slavin bij haar meester heeft de positie van haar meester.

العالة

al-ʿāla

De armen.

Ḥufāt: zonder schoenen; ʿurāt: zonder kleding.

مليًا

maliyyan

Een lange tijd.

  • Maryam 19:46

النية

an-niyya

Bedoeling en vastbeslotenheid van het hart.

Religieus: de daad bedoelen om dichter bij Allah te komen en Zijn welbehagen en beloning te zoeken.

الهجرة

al-hijra

Taalkundig: van het ene land naar het andere gaan; van hajr, het tegendeel van verbinding.

Religieus: het land van ongeloof verlaten voor het land van de islam, uit vrees voor beproeving en om de godsdienst te kunnen beleven.

بضع

biḍʿ

Van drie tot negen.

شعبة

shuʿba

Eigenschap, tak.

Enkelvoud van shuʿab, de takken van een boom: het geloof is als een boom waarvan de vrucht pas volledig is als alle takken er zijn.

إماطة الأذى

imāṭat al-adhā

Alles wat hindert, zoals een steen, kluit of doorn, opzij halen.

الحياء

al-ḥayāʾ

Schaamte: een eigenschap die aanzet tot het lofwaardige en doet laten wat afkeurenswaardig is.

الثيب

ath-thayyib

Wie al getrouwd is geweest, man of vrouw.

التارك لدينه المفارق للجماعة

at-tārik li-dīnihi

Algemeen voor iedere afvallige, met welke vorm van afvalligheid ook.

المعاهد

al-muʿāhad

Iemand met wie een verdrag bestaat, ook in zijn eigen land.

Zoals tussen de Profeet ﷺ en Quraysh bij al-Ḥudaybiya.

المستأمن

al-mustaʾman

Iemand die met een veiligheidsgarantie binnenkomt, voor handel of werk.

Hij is onschendbaar, ook als hij uit een vijandig volk komt, omdat hij een eigen garantie kreeg.

الذمي

adh-dhimmī

Een niet-moslim die onder moslims woont en beschermd wordt tegen betaling van de jizya.

Hadith

De hadith die in de lessen van dit hoofdstuk genoemd worden, met tekst en bronvermelding zoals in het boek.

  1. Overgeleverd door Ibn ʿUmar

    «بني الإسلام على خمس: شهادة أن لا إله إلا الله وأن محمدًا رسول الله، وإقام الصلاة، وإيتاء الزكاة، وصوم رمضان، وحج البيت»

    De islam is gebouwd op vijf: getuigen dat er geen god is dan Allah en dat Muḥammad de Boodschapper van Allah is, het gebed verrichten, de zakāt geven, Ramadan vasten en de bedevaart naar het Huis

    Bron: al-Bukhārī en Muslim (muttafaq ʿalayh)

    Hadith 1.

  2. «أمرت أن أقاتل الناس حتى يشهدوا أن لا إله إلا الله وأن محمدًا رسول الله»

    mij is opgedragen de mensen te bestrijden totdat zij getuigen dat er geen god is dan Allah en dat Muḥammad de Boodschapper van Allah is

    Bron: al-Bukhārī en Muslim (muttafaq ʿalayh)

    Bewijs dat wie alleen "er is geen god dan Allah" zegt, volgens de bekende opvatting nog geen moslim is. Dit deel staat in het boek alleen ter kennisname.

  3. Overgeleverd door ʿUmar ibn al-Khaṭṭāb

    «الإسلام أن تشهد أن لا إله إلا الله وأن محمدًا رسول الله، وتقيم الصلاة، وتؤتي الزكاة، وتصوم رمضان، وتحج البيت إن استطعت إليه سبيلًا... الإيمان أن تؤمن بالله وملائكته وكتبه ورسله واليوم الآخر وتؤمن بالقدر خيره وشره... الإحسان أن تعبد الله كأنك تراه فإن لم تكن تراه فإنه يراك... فإنه جبريل أتاكم يعلمكم دينكم»

    De islam is dat je getuigt dat er geen god is dan Allah en dat Muḥammad de Boodschapper van Allah is, het gebed verricht, de zakāt geeft, Ramadan vast en de bedevaart doet als je daartoe in staat bent … het geloof is dat je gelooft in Allah, Zijn engelen, Zijn Boeken, Zijn boodschappers, de Laatste Dag, en in de voorbeschikking, het goede en het kwade ervan … iḥsān is dat je Allah aanbidt alsof je Hem ziet, en zie je Hem niet, dan ziet Hij jou … dat was Jibrīl, hij kwam jullie je godsdienst leren

    Bron: Muslim

    Hadith 2, de hadith van Jibrīl, ingekort.

  4. «والشر ليس إليك»

    en het kwaad wordt niet aan U toegeschreven

    Bron: Muslim

    In de voorbeschikking zelf is geen kwaad; het kwaad zit in wat beschikt is.

  5. Overgeleverd door ʿUmar ibn al-Khaṭṭāb

    «إنما الأعمال بالنيات، وإنما لكل امرئ ما نوى، فمن كانت هجرته إلى دنيا يصيبها أو إلى امرأة ينكحها فهجرته إلى ما هاجر إليه»

    Daden gaan alleen naar de intenties, en ieder krijgt alleen wat hij beoogde; wie emigreerde voor iets van de wereld dat hij wilde krijgen, of voor een vrouw met wie hij wilde trouwen, diens emigratie is voor datgene waarvoor hij emigreerde

    Bron: al-Bukhārī en Muslim (muttafaq ʿalayh)

    Hadith 3. Het boek laat in de tekst het deel "wie emigreerde voor Allah en Zijn Boodschapper, diens emigratie is voor Allah en Zijn Boodschapper" weg en noemt het in de uitleg.

  6. Overgeleverd door ʿĀʾisha

    «من عمل عملًا ليس عليه أمرنا فهو رد»

    wie een daad verricht die niet volgens onze zaak is, die wordt afgewezen

    Bron: Muslim

    De islam draait om deze hadith en die over de intentie. Het boek schrijft deze bewoording hier toe aan al-Bukhārī; ze staat bij Muslim (zie hadith 18).

  7. «إنك لن تنفق نفقة تبتغي بها وجه الله إلا أجرت عليها، حتى ما تجعل في في امرأتك»

    je geeft niets uit waarmee je het aangezicht van Allah zoekt of je wordt ervoor beloond, zelfs wat je in de mond van je vrouw legt

    Bron: al-Bukhārī en Muslim

    Door de intentie worden gewoonten aanbidding. Dit deel staat in het boek alleen ter kennisname.

  8. Overgeleverd door Abū Hurayra

    «الإيمان بضع وستون، أو بضع وسبعون شعبة، أعلاها شهادة أن لا إله إلا الله، وأدناها إماطة الأذى عن الطريق، والحياء شعبة من الإيمان»

    Het geloof heeft ruim zestig of ruim zeventig takken; de hoogste is getuigen dat er geen god is dan Allah, de laagste is iets schadelijks van de weg halen, en schaamte is een tak van het geloof

    Bron: al-Bukhārī en Muslim (muttafaq ʿalayh)

    Hadith 4. "Ruim zestig of ruim zeventig": de overleveraar twijfelde.

  9. Overgeleverd door Ibn Masʿūd

    «لا يحل دم امرئ مسلم يشهد أن لا إله إلا الله وأني رسول الله إلا بإحدى ثلاث: النفس بالنفس، والثيب الزاني، والتارك لدينه المفارق للجماعة»

    Het bloed van een moslim die getuigt dat er geen god is dan Allah en dat ik de Boodschapper van Allah ben, is niet toegestaan behalve in een van drie gevallen: een leven voor een leven, de getrouwde overspelige, en wie zijn godsdienst verlaat en zich van de gemeenschap afscheidt

    Bron: al-Bukhārī en Muslim (muttafaq ʿalayh)

    Hadith 5.

  10. «واغد يا أنيس إلى امرأة هذا فإن اعترفت فارجمها»

    ga morgen, Unays, naar de vrouw van deze man; bekent zij, stenig haar dan

    Bron: al-Bukhārī en Muslim (muttafaq ʿalayh)

    Bewijs dat alleen de leider of zijn vertegenwoordiger lijfstraffen uitvoert.

  11. Overgeleverd door ʿUmar ibn al-Khaṭṭāb

    «والرجم في كتاب الله حق على من زنى إذا أحصن من الرجال والنساء إذا قامت البينة أو كان الحبل أو الاعتراف»

    Steniging staat in het Boek van Allah als recht voor wie overspel pleegt terwijl hij of zij getrouwd is, als er bewijs is, of zwangerschap, of een bekentenis

    Bron: al-Bukhārī en Muslim (muttafaq ʿalayh)

    Een uitspraak van ʿUmar, over de manieren waarop overspel vaststaat. Dit deel staat in het boek alleen ter kennisname.

  12. «من بدل دينه فاقتلوه»

    wie zijn godsdienst verwisselt, dood hem

    Bron: al-Bukhārī

    Dit deel staat in het boek alleen ter kennisname.

Personen

De personen die in dit hoofdstuk genoemd worden, en waarom.

Genoemd in de tekst

  • ʿUmar ibn al-Khaṭṭāb

    عمر بن الخطاب

    Metgezel · gest. 23 AH

    Overleveraar van de hadith van Jibrīl en van de hadith over de intentie; zei: "steniging staat in het Boek van Allah als recht".

  • ʿĀʾisha bint Abī Bakr

    عائشة بنت أبي بكر

    Metgezel · gest. 58 AH

    Overleverde: "wie een daad verricht die niet volgens onze zaak is, die wordt afgewezen".

  • Abū Hurayra

    أبو هريرة

    Metgezel · gest. 57 AH

    Overleveraar van hadith 4 over de takken van het geloof.

  • ʿAbd Allāh ibn Masʿūd

    عبد الله بن مسعود

    Metgezel · gest. 32 AH

    Overleveraar van hadith 5: "het bloed van een moslim is niet toegestaan …".

  • Unays al-Aslamī

    أنيس الأسلمي

    Metgezel

    Door de Profeet ﷺ gestuurd om de straf uit te voeren: bewijs dat lijfstraffen bij de leider of zijn vertegenwoordiger liggen.

  • Māʿiz ibn Mālik al-Aslamī

    ماعز بن مالك الأسلمي

    Metgezel

    Voorbeeld van een straf die door bekentenis vaststond.

  • Ibn Taymiyya

    ابن تيمية

    Geleerde · gest. 728 AH

    Zei: "overspel is nooit door getuigen vastgesteld", dat wil zeggen tot zijn tijd.

Genoemd in de bronvermelding

Herhaling

Het belangrijkste vlak voor een toets

  • De islam is gebouwd op vijf; de twee getuigenissen zijn de basis.
  • De niveaus van de godsdienst: islam, imān, iḥsān.
  • Daden gaan naar de intenties; een daad is geldig door oprechtheid en navolging.
  • Het geloof heeft ruim zeventig takken, de hoogste is lā ilāha illā llāh; het neemt toe en af.
  • Het bloed van een moslim is alleen in drie gevallen toegestaan; straffen liggen bij de leider.
  • Niet-moslims: met verdrag, met veiligheidsgarantie, dhimmī en ḥarbī.

Flitskaarten

Mijn favorieten

Tik op het sterretje bij een kaart om hem hier te bewaren.

Test jezelf

  1. Waarom zijn er precies vijf zuilen van de islam?

  2. Wat is het hoogste niveau van de godsdienst?

  3. In de voorbeschikking zelf zit kwaad.

  4. Om welke twee hadith draait de islam volgens de geleerden?

  5. Wat betekent biḍʿ?

  6. De hadith over de takken van het geloof is een van de sterkste bewijzen dat het geloof toeneemt en afneemt.

  7. Wie voert lijfstraffen uit?

  8. Wie is een mustaʾman?

Originele tekst

Deze pagina bundelt de lessen van het hoofdstuk. De volledige samenvatting per les, en de bladzijden in het oorspronkelijke boek:

  1. Les 1 Hadith 1: 'De islam is op vijf gebouwd'

    Samenvatting van de les · Bladzijden in het boek: p. 9–12

  2. Les 2 Hadith 2: Jibrīl vraagt naar islam, imān en iḥsān

    Samenvatting van de les · Bladzijden in het boek: p. 13–19

  3. Les 3 Hadith 3: 'Daden gaan naar de intenties'

    Samenvatting van de les · Bladzijden in het boek: p. 20–23

  4. Les 4 Hadith 4: 'Het geloof heeft ruim zeventig takken'

    Samenvatting van de les · Bladzijden in het boek: p. 24–25

  5. Les 5 Lā ilāha illā llāh en de takken van het geloof

    Samenvatting van de les · Bladzijden in het boek: p. 26–27

  6. Les 6 Hadith 5: 'Het bloed van een moslim is alleen in drie gevallen toegestaan'

    Samenvatting van de les · Bladzijden in het boek: p. 28–29

  7. Les 7 Soorten niet-moslims en de uitvoering van straffen

    Samenvatting van de les · Bladzijden in het boek: p. 30

Het hele hoofdstuk in het oorspronkelijke boek: Kitāb al-Ḥadīth (1), Zad-reeks · p. 9–32 p. 9

Dit is een studiehulp; het oorspronkelijke boek blijft de bron.