Hadith (2)

PDF downloaden

Bron: Zad-reeks (سلسلة زاد العلمية), samengesteld door Zad Group. Dit is een studiesamenvatting, niet de tekst van het boek.

Studeer heel eenheid 1 Schema’s, begrippen, hadith, personen en een toets voor alle lessen samen →

Hadith 6: de vijf gebeden als boetedoening

Abū Hurayra overlevert dat de Boodschapper van Allah ﷺ placht te zeggen: De vijf gebeden, van vrijdag tot vrijdag en van Ramadan tot Ramadan, zijn een boetedoening voor wat ertussen ligt, zolang de grote zonden gemeden worden (Muslim).

Woorden. Bedoeld zijn het vrijdaggebed en het vasten in Ramadan. 'Boetedoening' betekent bedekken, hier: uitwissen. Over de grote zonden (kabāʾir) citeert het boek al-Munāwī en geeft de meest waarschijnlijke omschrijving: elke zonde waarop een vaste straf in deze wereld staat (zoals ontucht), of een dreiging in het Hiernamaals (zoals rente eten), of een vervloeking, of waarbij het geloof wordt ontkend: niemand van jullie gelooft echt totdat hij voor zijn broeder wenst wat hij voor zichzelf wenst (al-Bukhārī en Muslim), of waarbij de Profeet ﷺ zich ervan distantieert: wie ons bedriegt, hoort niet bij ons (Muslim). Volgens de leer van Ahl as-Sunna neemt een grote zonde niet het geloof weg, is wie ze begaat geen ongelovige zolang hij ze niet toegestaan acht, en blijft hij niet eeuwig in het Vuur.

Uitleg. An-Nawawī en al-Qāḍī ʿIyāḍ leggen uit dat goede daden de kleine zonden uitwissen, terwijl grote zonden berouw of Allahs genade vragen. Bij rechten van mensen is vergelding nodig, ook bij kleine. 'Goede daden nemen slechte weg' (Hūd 11:114). Als het gebed al uitwist, wat wissen vrijdag en Ramadan dan uit? Elk middel kan uitwissen; vindt het geen kleine zonde, dan worden goede daden geschreven en graden verhoogd.

Lessen. Wees trouw aan gebed, vrijdag en Ramadan, leer hun regels en verricht ze zo goed mogelijk. Het boek noemt als grote zonden de 'zeven verwoestende zonden': afgoderij, tovenarij, het doden van een leven dat Allah verboden heeft behalve met recht, rente eten, het bezit van een wees eten, vluchten op de dag van de strijd en het belasteren van kuise, argeloze gelovige vrouwen (al-Bukhārī en Muslim), en verder pronkzucht, epileren van wenkbrauwen, tatoeëren en het veranderen van Allahs schepping, met de bijbehorende hadith (al-Bukhārī en Muslim; Muslim). Een uitspraak van Salmān over het gebed als boete 'voor de wonden' geeft het boek zonder bron.

Kernpunten

  • Gebeden, vrijdag en Ramadan wissen kleine zonden uit, zolang grote zonden gemeden worden.
  • Grote zonden vragen berouw of Allahs genade; rechten van mensen vragen vergelding.
  • Volgens Ahl as-Sunna maakt een grote zonde iemand geen ongelovige, tenzij hij haar toegestaan acht.
  • Vindt een goede daad geen zonde om uit te wissen, dan verhoogt ze de graden.
  • Voorbeelden van grote zonden: de zeven verwoestende zonden.

Bron: الحديث (٢), les 6, vanaf p. 29.

Begrippen

الكبائر al-kabāʾir · grote zonden
zonden met een vaste straf, dreiging, vervloeking, ontkenning van geloof of distantiëring (les 6, p. 29)
مكفرات mukaffirāt · boetedoeningen
wat zonden bedekt en uitwist (les 6, p. 29)
الصغائر aṣ-ṣaghāʾir · kleine zonden
zonden die door goede daden worden uitgewist (les 6, p. 30)
الموبقات al-mūbiqāt · verwoestende zonden
zeven grote zonden die de Profeet ﷺ opsomde (les 6, p. 32)
الاستحلال al-istiḥlāl · toegestaan achten
een verboden daad als toegestaan beschouwen; volgens het boek maakt dat iemand ongelovig (les 6, p. 29)