Witr en ḍuḥā#
Witr. Witr is een sterke Sunna: Allah is oneven en houdt van het oneven (al-Bukhārī en Muslim). De tijd loopt van na ʿishāʾ tot het aanbreken van fajr (Abū Dāwūd en at-Tirmidhī; al-Albānī noemt hem ṣaḥīḥ zonder het deel "beter voor jullie dan rode kamelen"). Wie vreest niet wakker te worden, bidt witr aan het begin van de nacht. Wie verwacht op te staan, bidt hem aan het eind, en dat is beter (Jābir, Muslim).
Vormen.
- Twee rakʿa's, salām, dan één rakʿa.
- Drie achter elkaar met één tashahhud aan het eind (ʿĀʾisha, an-Nasāʾī, ṣaḥīḥ volgens al-Albānī).
- Vijf of zeven met alleen aan het eind zitten (ʿĀʾisha, Muslim; Umm Salama, Aḥmad en an-Nasāʾī).
- Negen, met zitten in de achtste en de negende (ʿĀʾisha, Muslim).
Het boek zegt dat drie rakʿa's met twee tashahhuds en één salām afgeraden is, om niet op maghrib te lijken.
Aantal. Het minimum is één rakʿa: witr is één rakʿa aan het eind van de nacht (Muslim). De minimale volkomenheid is drie, het beste elf, en dertien is ook goed. Wie drie bidt, reciteert volgens de Sunna al-Aʿlā, al-Kāfirūn en al-Ikhlāṣ (Ubayy ibn Kaʿb, an-Nasāʾī, ṣaḥīḥ volgens al-Albānī).
Ḍuḥā. Het ochtendgebed heet ook ṣalāt al-awwābīn. Het "ishrāq-gebed" is volgens het boek gewoon ḍuḥā aan het begin van de tijd, geen apart gebed. Abū Hurayra kreeg drie adviezen: drie dagen vasten per maand, ḍuḥā en witr vóór het slapen (al-Bukhārī en Muslim). Elk gewricht vraagt elke ochtend een liefdadigheid, en twee rakʿa's ḍuḥā volstaan daarvoor (Abū Dharr, Muslim).
Tijd en aantal van ḍuḥā. Ḍuḥā begint zodra de zon een lanslengte hoog staat, volgens het boek ongeveer twaalf minuten na zonsopgang. Hij loopt tot ongeveer twaalf minuten vóór ḍuhr. Het beste is wanneer de hitte toeneemt: het gebed van de berouwvollen is wanneer de jonge kamelen de hitte voelen (Zayd ibn Arqam, Muslim). Het minimum is twee rakʿa's. Op de dag van de verovering van Mekka bad de Profeet ﷺ er acht (Umm Hāniʾ, al-Bukhārī en Muslim). Wie meer dan twee bidt, sluit het best na elke twee af: het gebed van nacht en dag is twee aan twee (Aḥmad, ṣaḥīḥ volgens al-Albānī).
Kernpunten
- Witr is een sterke Sunna, van na ʿishāʾ tot fajr; aan het eind van de nacht is beter voor wie wakker wordt.
- Witr kan één, drie, vijf, zeven, negen of elf rakʿa's zijn, elk met een eigen vorm.
- Ḍuḥā en het "ishrāq-gebed" zijn volgens het boek hetzelfde gebed.
- Twee rakʿa's ḍuḥā tellen als liefdadigheid voor alle gewrichten.
Bron: الفقه (٢), les 3, vanaf p. 15.
Begrippen
- الوتر al-witr · het oneven gebed
- sterke Sunna met een oneven aantal rakʿa's, tussen ʿishāʾ en fajr (les 3, p. 15)
- صلاة الضحى ṣalāt aḍ-ḍuḥā · ochtendgebed
- vrijwillig gebed tussen zonsopgang (na een lanslengte) en kort vóór ḍuhr (les 3, p. 17)
- صلاة الأوابين ṣalāt al-awwābīn · gebed van de berouwvollen
- andere naam voor ḍuḥā (les 3, p. 17)
- السلامى as-sulāmā · gewricht
- de kleine botten van vingers en tenen; voor elk ervan is een liefdadigheid verschuldigd (les 3, p. 18)
- ترمض الفصال tarmaḍu l-fiṣāl · de jonge kamelen voelen de hitte
- het tijdstip waarop ḍuḥā het beste is (les 3, p. 18)