PDF downloaden

Bron: Zad-reeks (سلسلة زاد العلمية), samengesteld door Zad Group. Dit is een studiesamenvatting, niet de tekst van het boek.

Eenheid 1: Adab tegenover Allah en Zijn Boodschapper ﷺ

Overzicht

Eenheid 1 · 4 lessen

Adab tegenover Allah en Zijn Boodschapper ﷺ

Vier lessen samen op één pagina

Kennis is de basis van het handelen en adab is de sier ervan; adab is mooi karakter in de praktijk. De grootste adab is die tegenover Allah, met hart, tong en ledematen: oprechtheid, Hem alleen aanbidden, liefde en dank, Zijn riten eren, overgave aan Zijn wet, berouw, verlangen en vrees, tevredenheid met Zijn beschikking en geloof in Zijn namen en eigenschappen. Daarna adab tegenover de Boodschapper ﷺ: hem liefhebben boven alles, zijn sunna eren en volgen, geloven dat hij boven iedereen staat, niets vóór hem stellen, ṣalāt op hem en hem verdedigen.

Bron: Islamitische opvoeding (3): de islamitische omgangsvormen, Zad-reeks · p. 9–17

Je voortgang in dit hoofdstuk0%

Eenheid 1 in één kaart

De belangrijkste punten uit het boek.

Islamitische omgangsvormenEenheid 1
  • Inleidingles 1
    • kennis en adab
    • definitie van adab
  • Adab tegenover Allahles 2
    • hart, tong en ledematen
    • negen uitingen
  • Adab tegenover de Boodschapper ﷺles 3–4
    • liefde
    • navolging
    • zijn voorrang en verdediging

Het hoofdstuk in één oogopslag

  1. ʿAbd Allāh ibn al-Mubārak zei: een man wordt niet edel door kennis zolang hij zijn handelen niet siert met adab.
  2. Ibn al-Qayyim zei: de kern van adab is mooi karakter in praktijk brengen.
  3. Adab tegenover Allah draait om twee dingen: het hart behoeden om zich tot een ander te wenden, en de omgang behoeden voor elk gebrek.
  4. Dank aan Allah gaat met het hart, de tong en de ledematen.
  5. Allahs riten eren omvat het eren van de tijden, plaatsen en personen die Hij eerde, zoals de heilige maanden, Ramaḍān, de vrijdag, de twee Ḥarams en al-Aqṣā.
  6. Shaykh al-Islām zei: het prijzen, loven en eren van de Profeet ﷺ is het bestaan van de hele religie.
  7. Het is Allahs wet dat wie openlijk de spot drijft met Zijn Boodschapper ﷺ vernietigd wordt, zoals as-Saʿdī zei.
  8. Ibn al-Qayyim zei: de kern van adab met hem ﷺ is volledige overgave, gehoorzaamheid aan zijn gebod en zijn bericht aanvaarden.

Lessen in dit hoofdstuk

  1. Les 1 · p. 9 Inleiding tot de islamitische omgangsvormen
  2. Les 2 · p. 10 Adab tegenover Allah
  3. Les 3 · p. 14 Adab tegenover de Boodschapper ﷺ
  4. Les 4 · p. 15 Geloven dat de Profeet ﷺ boven iedereen staat

Oefeningen van het boek op p. 13 en 17. De Nederlandse weergave van hadith en verzen geeft de betekenis weer; het is geen vertaling.

Schema’s

Uitingen van adab tegenover Allah

Negen uitingen, zoals het boek ze opsomt.

  1. Oprechtheid"Ik heb het minst behoefte aan een deelgenoot"
  2. Hem alleen aanbidden
  3. Hem liefhebben
  4. Zijn riten eren
  5. Overgave aan Koran en sunna
  6. Berouw en terugkeer
  7. Verlangen, vrees en ootmoed
  8. Tevredenheid met de beschikking
  9. Geloof in de namen en eigenschappenzonder hoe-vraag, vergelijking, verdraaiing of ontkenning

Uitingen van adab tegenover de Boodschapper ﷺ

Acht uitingen, zoals het boek ze opsomt.

  1. Liefde boven alles"Nu, ʿUmar"
  2. Zijn sunna eren
  3. Zijn sunna volgen
  4. Geloven dat hij boven iedereen staat
  5. Niets vóór hem stellen
  6. Ṣalāt op hem
  7. Zijn ontzag beseffen
  8. Hem en zijn sunna verdedigen

Uitleg

  1. Hart, tong en ledematen

    De adab van het hart is zich alleen tot Allah richten in liefde, vrees, hoop en vertrouwen; de adab van de tong is alleen zeggen wat Allah liefheeft, zoals dhikr, Koran en oproepen tot de waarheid; de adab van de ledematen is hen behoeden voor het lelijke en Allahs gebod boven alles stellen.

  2. Je liever dan jezelf

    ʿUmar zei: u bent mij liever dan alles behalve mijzelf. Hij zei: nee, bij Hem in Wiens hand mijn ziel is, pas als ik je liever ben dan jezelf. ʿUmar zei: nu, bij Allah, bent u mij liever dan mijzelf. Hij zei: nu, ʿUmar.

  3. Allahs wet voor wie over Zijn Boodschapper loog

    Een man die voor de Profeet ﷺ schreef, viel af en loog over hem. Allah brak hem; hij werd begraven en de aarde wierp hem herhaaldelijk uit. Ibn Taymiyya zei: dit is buitengewoon en laat zien dat het een straf was voor wat hij zei.

Kernpunten

DefinitieUit het boek

Definitie van adab

  • wat de ziel verwerft aan goede karaktertrekken
  • al-Jurjānī: kennis waarmee men zich hoedt voor elke soort fout
OpsommingUit het boek

Dank aan Allah

  1. met het hart: geloven dat de gunsten van Allah komen
  2. met de tong: lof en dank
  3. met de ledematen: Hem gehoorzamen

Begrippen

الأدب

al-adab

Wat de ziel verwerft aan goede karaktertrekken en lofwaardige eigenschappen.

الإخلاص

al-ikhlāṣ

Met een daad alleen Allahs aangezicht zoeken.

شعائر الله

shaʿāʾir Allāh

De tijden, plaatsen en personen die Allah opdroeg te eren.

التوقير

at-tawqīr

Eerbied en verering.

Hadith

De hadith die in de lessen van dit hoofdstuk genoemd worden, met tekst en bronvermelding zoals in het boek.

  1. «قال الله: أنا أغنى الشركاء عن الشرك، من عمل عملا أشرك فيه معي غيري تركته وشركه»

    Allah zegt: Ik heb van alle deelgenoten het minst behoefte aan een deelgenoot. Wie een daad doet waarin hij naast Mij een ander betrekt, laat Ik met zijn deelgenoot achter

    Bron: Muslim

    Een ḥadīth qudsī.

  2. «ثلاث من كن فيه وجد بهن حلاوة الإيمان: أن يكون الله ورسوله أحب إليه مما سواهما …»

    Wie drie dingen heeft, proeft daardoor de zoetheid van het geloof: dat Allah en Zijn Boodschapper hem liever zijn dan al het andere …

    Bron: al-Bukhārī en Muslim

  3. «أفلا أكون عبدا شكورا»

    Zou ik dan geen dankbare dienaar zijn?

    Bron: al-Bukhārī en Muslim

  4. Overgeleverd door ʿAbd Allāh ibn ʿAmr

    «كتب الله مقادير الخلائق قبل أن يخلق السماوات والأرض بخمسين ألف سنة»

    Allah schreef de beschikkingen van de schepselen vijftigduizend jaar voordat Hij de hemelen en de aarde schiep

    Bron: Muslim

  5. «لا والذي نفسي بيده حتى أكون أحب إليك من نفسك … الآن يا عمر»

    Nee, bij Hem in Wiens hand mijn ziel is, pas als ik je liever ben dan jezelf … Nu, ʿUmar

    Bron: al-Bukhārī

  6. «أنا سيد ولد آدم يوم القيامة، وأول من تنشق عنه الأرض، وأول شافع وأول مشفع»

    Ik ben de heer van de kinderen van Adam op de Dag der Opstanding, de eerste voor wie de aarde opensplijt, de eerste die voorspraak doet en de eerste wiens voorspraak aanvaard wordt

    Bron: Muslim

Personen

De personen die in dit hoofdstuk genoemd worden, en waarom.

Genoemd in de tekst

Herhaling

Het belangrijkste vlak voor een toets

  • Kennis is de basis van het handelen en adab de sier ervan.
  • De grootste adab is die tegenover Allah, met hart, tong en ledematen.
  • Tot adab tegenover Allah horen oprechtheid, overgave, dank en tevredenheid met de beschikking.
  • De kern van adab met de Boodschapper ﷺ is volledige overgave en gehoorzaamheid.
  • Daartoe horen hem liefhebben boven iedereen, ṣalāt op hem en zijn sunna verdedigen.

Flitskaarten

Mijn favorieten

Tik op het sterretje bij een kaart om hem hier te bewaren.

Test jezelf

  1. Wat is volgens Ibn al-Qayyim de kern van adab?

  2. Waar draait adab tegenover Allah om?

  3. Dank betuig je alleen met de tong.

  4. Wanneer zei de Profeet ﷺ tegen ʿUmar: "nu, ʿUmar"?

  5. Welk vers verbiedt iets vóór Allah en Zijn Boodschapper te stellen?

  6. Allah nam de verdediging van Zijn Profeet ﷺ op Zich met: "Wij zijn genoeg voor jou tegen de spotters."

Originele tekst

Deze pagina bundelt de lessen van het hoofdstuk. De volledige samenvatting per les, en de bladzijden in het oorspronkelijke boek:

  1. Les 1 Inleiding tot de islamitische omgangsvormen

    Samenvatting van de les · Bladzijden in het boek: p. 9

  2. Les 2 Adab tegenover Allah

    Samenvatting van de les · Bladzijden in het boek: p. 10–13

  3. Les 3 Adab tegenover de Boodschapper ﷺ

    Samenvatting van de les · Bladzijden in het boek: p. 14

  4. Les 4 Geloven dat de Profeet ﷺ boven iedereen staat

    Samenvatting van de les · Bladzijden in het boek: p. 15

Het hele hoofdstuk in het oorspronkelijke boek: Islamitische opvoeding (3): de islamitische omgangsvormen, Zad-reeks · p. 9–17 p. 9

Dit is een studiehulp; het oorspronkelijke boek blijft de bron.