Arabische taal (grammatica) (1)

PDF downloaden

Bron: Zad-reeks (سلسلة زاد العلمية), samengesteld door Zad Group. Dit is een studiesamenvatting, niet de tekst van het boek.

Het vrouwelijk klankmeervoud en wat ermee gelijkgesteld wordt

Het boek markeert deze les als ‘alleen ter kennisname’.

Het vrouwelijk klankmeervoud. Duidt meer dan twee aan doordat er -āt achter het enkelvoud komt: Fāṭimāt, Zaynabāt, muʾmināt, ṣāliḥāt.

Gelijkgesteld met het vrouwelijk meervoud. Woorden die een voorwaarde missen maar toch zo verbogen worden: ḍamma in de nominatief, kasra in accusatief en genitief. Het boek noemt twee soorten:

  1. het woord ulāt (‘bezitsters van’). Het heeft geen enkelvoud uit dezelfde stam; het enkelvoud in betekenis is ṣāḥiba. Voorbeeld: wa-ulātu l-aḥmāli ajaluhunna an yaḍaʿna ḥamlahunna (aṭ-Ṭalāq 65:4);
  2. eigennamen met de vorm van dit meervoud: ʿArafāt, Zaynāt, ʿAṭiyyāt, ʿInāyāt, Barakāt, Adhriʿāt (volgens het boek het huidige Darʿā). Zo’n naam is enkelvoud, maar wordt volgens de juiste mening als vrouwelijk klankmeervoud verbogen.

In de oefening zoekt de leerling mannelijke en vrouwelijke meervouden en gelijkgestelde woorden op in al-Kahf 18:46, ar-Raʿd 13:19, al-Baqara 2:179 en aṣ-Ṣāffāt 37:149.

Kernpunten

  • Het vrouwelijk klankmeervoud eindigt op -āt.
  • Ulāt is ermee gelijkgesteld, want het heeft geen enkelvoud uit dezelfde stam.
  • Eigennamen als ʿArafāt zijn enkelvoud, maar worden als vrouwelijk meervoud verbogen.
  • Gelijkgestelde woorden krijgen ḍamma in de nominatief en kasra in accusatief en genitief.

Bron: اللغة العربية (١), les 19, vanaf p. 83.

Begrippen

جمع المؤنث السالم jamʿ al-muʾannath as-sālim · vrouwelijk klankmeervoud
meervoud op -āt (les 19, p. 83)
أولات ulāt · bezitsters van
gelijkgesteld met het vrouwelijk meervoud; enkelvoud in betekenis *ṣāḥiba* (les 19, p. 83)
ما سمي به mā summiya bihi · eigennaam in meervoudsvorm
naam als *ʿArafāt*, verbogen als vrouwelijk meervoud (les 19, p. 83)