Namen zonder tanwīn, de vijf namen en de dualis; overzicht#
Het boek gaat verder met de vervangende kenmerken. Het overzicht op p. 69 is ‘alleen ter kennisname’.
- Naam zonder tanwīn (mamnūʿ min aṣ-ṣarf): in de genitief een fatḥa in plaats van een kasra. In Maryam 19:6 (min āli Yaʿqūba) en al-Baqara 2:125 (ilā Ibrāhīma wa-Ismāʿīla) staan de namen in de genitief met fatḥa.
- De vijf namen (abūka, akhūka, ḥamūka, fūka, dhū): nominatief met wāw, accusatief met alif, genitief met yāʾ. Voorbeelden: inna abānā (Yūsuf 12:8) en min akhīhi (al-Baqara 2:178).
- Dualis: alle kenmerken zijn vervangend. Nominatief met alif (yadāhu mabsūṭatāni, al-Māʾida 5:64). Accusatief en genitief met yāʾ (karratayni, al-Mulk 67:4; kiltā l-jannatayni, al-Kahf 18:33).
Overzicht van het boek. Met klinkers verbogen worden:
- het enkelvoud en het gebroken meervoud: ḍamma, fatḥa, kasra;
- het vrouwelijk klankmeervoud: ḍamma, kasra, kasra;
- de naam zonder tanwīn: ḍamma, fatḥa, fatḥa.
Met letters verbogen worden:
- de dualis: alif, yāʾ, yāʾ;
- het mannelijk klankmeervoud: wāw, yāʾ, yāʾ;
- de vijf namen: wāw, alif, yāʾ.
Kort gezegd: de dualis, het mannelijk klankmeervoud en de vijf namen hebben altijd vervangende kenmerken. Het vrouwelijk klankmeervoud heeft ze alleen in de accusatief, de naam zonder tanwīn alleen in de genitief.
Kernpunten
- Een naam zonder tanwīn krijgt in de genitief een fatḥa (Yaʿqūba, Ibrāhīma).
- De vijf namen: wāw, alif, yāʾ.
- De dualis: alif in de nominatief, yāʾ in accusatief en genitief.
- Enkelvoud en gebroken meervoud hebben altijd de oorspronkelijke kenmerken.
Bron: اللغة العربية (١), les 15, vanaf p. 67.
Begrippen
- الممنوع من الصرف al-mamnūʿ min aṣ-ṣarf · naam zonder tanwīn
- naam die geen tanwīn krijgt en in de genitief een fatḥa (les 15, p. 67)
- الأسماء الخمسة al-asmāʾ al-khamsa · de vijf namen
- *abū*, *akhū*, *ḥamū*, *fū*, *dhū* (les 15, p. 68)
- المثنى al-muthannā · dualis
- naam voor twee, op -āni/-ayni (les 15, p. 68)
- جمع التكسير jamʿ at-taksīr · gebroken meervoud
- meervoud met een andere woordvorm; oorspronkelijke kenmerken (les 15, p. 69)