De accusatief van het imperfectum#
Acht partikels. Het muḍāriʿ staat in de accusatief (naṣb) als een van deze partikels eraan voorafgaat: an (dat een maṣdar vormt), lan, kay, ḥattā, de lām van reden, de lām van ontkenning (juḥūd), de fāʾ van oorzaak en aw. Deze les behandelt de eerste vier; les 19 de rest.
1. An (al-maṣdariyya). Uḥibbu an tuṣalliya fī l-masjid (ik wil graag dat je in de moskee bidt). Uit de Koran: «slecht is waarvoor zij zichzelf verkochten: dat zij ongelovig zijn aan wat Allah neerzond, uit afgunst dat Allah van Zijn gunst neerzendt» (al-Baqara 2:90).
2. Lan. Lan abtadiʿa fī dīni llāh (ik zal nooit iets vernieuwen in Allahs godsdienst). Uit de Koran: «de Messias zal het nooit beneden zich achten een dienaar van Allah te zijn» (an-Nisāʾ 4:172).
3. Kay. Ijtahid kay tanjaḥa (doe je best opdat je slaagt). Uit de Koran: «opdat er voor de gelovigen geen bezwaar zou zijn» (al-Aḥzāb 33:37).
4. Ḥattā. Ijtahid ḥattā tablugha d-darajāti l-ʿulā. Uit de Koran:
- «nadert het gebed niet terwijl jullie bedwelmd zijn, totdat jullie weten wat jullie zeggen» (an-Nisāʾ 4:43);
- «totdat Mūsā naar ons terugkeert» (Ṭāhā 20:91).
Kernpunten
- Het muḍāriʿ staat in de accusatief na acht partikels.
- Die partikels zijn: an, lan, kay, ḥattā, lām at-taʿlīl, lām al-juḥūd, fāʾ as-sababiyya en aw.
- An vormt met het werkwoord een maṣdar (an tuṣalliya = je bidden).
- Lan ontkent de toekomst; kay en ḥattā geven doel of eindpunt aan.
Bron: اللغة العربية (٤), les 18, vanaf p. 62.
Begrippen
- النصب an-naṣb · accusatief
- naamval van het muḍāriʿ na een naṣb-partikel (les 18, p. 62)
- أن المصدرية an al-maṣdariyya · an dat een maṣdar vormt
- partikel dat met het werkwoord een werkwoordelijk naamwoord vormt (les 18, p. 62)
- لن lan · nooit, zal niet
- naṣb-partikel van ontkenning (les 18, p. 62)
- كي kay · opdat
- naṣb-partikel van doel (les 18, p. 62)
- حتى ḥattā · totdat, opdat
- naṣb-partikel van eindpunt of doel (les 18, p. 62)