De vier volgende woorden en het echte bijvoeglijk naamwoord#
De vier tawābiʿ. Eenheid 4 behandelt de vier 'volgende woorden': woorden die een ander woord volgen in de naamval (iʿrāb). Het boek noemt ze aanvullingen (faḍalāt). Het overzicht op p. 32:
- het bijvoeglijk naamwoord (naʿt), echt of 'oorzakelijk', en het echte als woord, zin of halve zin;
- de versterking (tawkīd), woordelijk of naar betekenis;
- de nevenschikking (ʿaṭf);
- de bijstelling (badal), in drie soorten.
Het echte bijvoeglijk naamwoord. An-naʿt, ook ṣifa genoemd, kent twee soorten. Het naʿt ḥaqīqī is een nomen dat een eigenschap van het voorgaande woord toont. Het boek geeft veel voorbeelden:
- marartu bi-rajulin qaṣīri l-qāma (ik kwam langs een kleine man);
- ishtaraytu sayyāratan qawiyyatan sarīʿa;
- jāʾanī rajulāni qawiyyān;
- intaṣara l-muslimūna l-awwalūn bi-tamassukihim bi-l-kitābi wa-s-sunna.
Uit de Koran noemt het onder meer:
- «het vrijlaten van een gelovige slaaf» (an-Nisāʾ 4:92);
- de basmala (an-Naml 27:30);
- «alle lof zij Allah, de Heer der werelden» (al-Fātiḥa 1:1);
- «zoek bescherming bij Allah tegen de vervloekte duivel» (an-Naḥl 16:98);
- «daarin zijn duidelijke tekenen» (Āl ʿImrān 3:97).
Kern. Het echte bijvoeglijk naamwoord volgt het beschreven woord in naamval, en in de voorbeelden ook in bepaaldheid, getal en geslacht: rajulāni qawiyyān, kutubun qadīmatun nāfiʿa.
Kernpunten
- De vier tawābiʿ zijn naʿt, tawkīd, ʿaṭf en badal; ze volgen het voorgaande woord in de naamval.
- Het naʿt heet ook ṣifa en is echt (ḥaqīqī) of oorzakelijk (sababī).
- Het naʿt ḥaqīqī toont een eigenschap van het voorgaande woord zelf.
- In de voorbeelden stemt het naʿt ḥaqīqī overeen in naamval, bepaaldheid, getal en geslacht.
Bron: اللغة العربية (٤), les 5, vanaf p. 32.
Begrippen
- التوابع at-tawābiʿ · volgende woorden
- woorden die het voorgaande woord in de naamval volgen (les 5, p. 32)
- النعت an-naʿt · bijvoeglijk naamwoord
- volgend woord dat een eigenschap toont; ook ṣifa genoemd (les 5, p. 33)
- النعت الحقيقي an-naʿt al-ḥaqīqī · echt bijvoeglijk naamwoord
- toont een eigenschap van het voorgaande woord zelf (les 5, p. 33)
- المنعوت al-manʿūt · het beschreven woord
- het woord dat het naʿt volgt (les 5, p. 33)
- الفضلة al-faḍla · aanvulling
- zinsdeel dat niet tot de kern van de zin behoort (les 5, p. 33)