De boete voor een eed en zweren bij iets anders dan Allah#
De boete. De boete (al-kaffāra) is wat wie zijn eed breekt uitgeeft aan voeden, kleden, vrijlaten of vasten. Allah zegt: 'de boete daarvoor is het voeden van tien armen met het gemiddelde waarmee jullie je gezin voeden, of hen kleden, of een slaaf vrijlaten; wie dat niet vindt, vast drie dagen' (al-Māʾida 5:89). Men kiest tussen de eerste drie. Wie geen van de drie kan, vast drie dagen; vasten mag niet zolang men tot een van de drie in staat is. Het voorzichtigste is de drie dagen achter elkaar te vasten, wegens de lezing van Ibn Masʿūd: 'drie dagen achter elkaar'.
Zichzelf iets verbieden. Wie zichzelf iets verbiedt wat Allah toestond, zoals voedsel, kleding of een plaats, en daarop terugkomt, betaalt de boete voor een eed (at-Taḥrīm 66:1–2). Zo ook wie tegen zijn vrouw zegt 'je bent mij verboden' zonder scheiding of ẓihār te bedoelen.
Wanneer. De boete is verplicht als hij zijn eed breekt. Hij mag haar vóór of na het breken betalen. De Profeet ﷺ zei: Als je iets zweert en iets anders beter vindt, maak je dan vrij van je eed en doe wat beter is. (al-Bukhārī en Muslim); in een overlevering van al-Bukhārī staat 'doe wat beter is' vóór de boete. Vooraf heet het taḥillat al-yamīn, achteraf kaffāra.
Het oordeel over breken. Sunna als breken beter is, zoals bij een eed om iets afkeurenswaardigs te doen. Verplicht bij een eed om iets verplichts na te laten of iets verbodens te doen, zoals de familieband te verbreken of wijn te drinken. Toegestaan bij iets toegestaans. Steeds met boete.
Zweren bij iets anders dan Allah. Dat is niet toegestaan: bij de Profeet, iemands leven, de Kaʿba, het vertrouwen, een graf of iemands eer. De Profeet ﷺ zei: Wie bij iets anders dan Allah zweert, heeft shirk begaan. (Aḥmad en Abū Dāwūd; al-Albānī: ṣaḥīḥ). Ibn ʿUmar vertelt dat de Profeet ﷺ ʿUmar hoorde zweren bij zijn vader en zei: Allah verbiedt jullie bij jullie vaders te zweren; wie zweert, laat hem bij Allah zweren of zwijgen. (al-Bukhārī en Muslim). ʿUmar zei daarna dat hij nooit meer zo zwoer, ook niet om een ander te citeren. Ibn Masʿūd: liegend bij Allah zweren is mij liever dan eerlijk bij iets anders zweren. Ibn Taymiyya legt uit: het goede van tawḥīd weegt zwaarder dan het goede van eerlijkheid, en de zonde van liegen is lichter dan die van shirk.
Kernpunten
- De boete is kiezen tussen tien armen voeden, kleden of een slaaf vrijlaten; anders drie dagen vasten.
- Wie zich iets toegestaans verbiedt en terugkomt, betaalt de boete voor een eed.
- De boete mag vóór of na het breken.
- Breken is soms sunna, soms verplicht, soms toegestaan, steeds met boete.
- Zweren bij iets anders dan Allah is shirk en verboden.
Bron: الفقه (٤), les 33, vanaf p. 76.
Begrippen
- الكفارة al-kaffāra · boetedoening
- voeden, kleden, vrijlaten of vasten na het breken van een eed (les 33, p. 76)
- تحلة اليمين taḥillat al-yamīn · vrijmaking van de eed
- de boete vóór het breken betaald (les 33, p. 77)
- التتابع at-tatābuʿ · aaneengesloten
- de drie vastendagen achter elkaar (les 33, p. 76)