Hadith 16: lessen uit 'Allah is goed'#
Lessen. (1) Aṭ-Ṭayyib (de Goede) is een van Allahs namen; al Zijn namen zijn schoon (al-Aʿrāf 7:180). Al Zijn eigenschappen zijn goed, zonder enig tekort; ook Zijn daden zijn goed, en Zijn oordelen dienen het belang van de dienaren in deze wereld en het hiernamaals, zodat ze geschikt zijn voor elke tijd, plaats en toestand. (2) Omgaan met verboden bezit, in eten, kleding en voeding, verhindert de verhoring van smeekbeden, ook als de oorzaken van verhoring aanwezig zijn. Een van de vroegen zei: 'Vind de verhoring niet te laat komen, terwijl jij haar wegen met zonden hebt afgesloten.' (3) De boodschappers krijgen ook geboden en verboden; zij zijn de volmaaktste dienaren. (4) Wie zich uit 'vroomheid' de goede dingen ontzegt, wordt gelaakt (al-Aʿrāf 7:32). (5) Een gebod kan gericht zijn tot wie het al doet: de boodschappers kregen het bevel goede daden te doen, zoals de Profeet ﷺ, de godvrezendste mens, het bevel kreeg Allah te vrezen (al-Aḥzāb 33:1). (6) Slechte dingen (khabāʾith) zijn verboden; khabīth is wat de sharīʿa slecht acht. (7) Liefdadigheid wordt alleen aanvaard uit halal bezit: Allah aanvaardt geen gebed zonder reiniging en geen liefdadigheid uit verduisterd bezit (Muslim), en Niemand geeft liefdadigheid uit iets goeds – en Allah aanvaardt alleen het goede – of de Erbarmer neemt haar aan met Zijn rechterhand (al-Bukhārī en Muslim).
Liefdadigheid uit verboden bezit. Het boek onderscheidt twee gevallen: geeft een dief of usurpator het gestolene voor zichzelf weg, dan wordt het niet aanvaard en zondigt hij, omdat hij over andermans bezit beschikt. Geeft hij het weg namens de eigenaar, omdat hij het niet aan de eigenaar of diens erfgenamen kan teruggeven, dan is dat volgens de meeste geleerden toegestaan.
De smeekbede. De smeekbede is een van de grootste vormen van aanbidding (Ghāfir 40:60; al-Baqara 2:186). De Profeet ﷺ zei: De smeekbede is de aanbidding (Abū Dāwūd en at-Tirmidhī, die hem ṣaḥīḥ noemde, en Ibn Māja). (8) De reis is een oorzaak van verhoring, vooral een lange, omdat het hart dan het meest gebroken is; het boek zegt dat er hadith zijn dat de smeekbede van de reiziger niet wordt afgewezen, maar noemt er geen. Etiquette van de smeekbede volgens het boek: reinheid, naar de qibla gericht, aanwezigheid van het hart, handen opheffen, beginnen met lof op Allah en de ṣalāt op de Profeet ﷺ, aandringen, en armoede en nood tonen voor Allah.
Kernpunten
- Allahs namen, eigenschappen, daden en oordelen zijn allemaal goed.
- Verboden bezit verhindert de verhoring van smeekbeden.
- Zich uit vroomheid het goede ontzeggen is gelaakt.
- Liefdadigheid uit gestolen bezit voor zichzelf wordt niet aanvaard; namens de eigenaar is zij toegestaan als teruggeven onmogelijk is.
- De smeekbede is aanbidding en kent etiquetten.
Bron: الحديث (٤), les 19, vanaf p. 85.
Begrippen
- الخبيث al-khabīth · het slechte
- wat de sharīʿa slecht acht (les 19, p. 86)
- الغلول al-ghulūl · verduistering
- bezit dat onrechtmatig is genomen; daaruit wordt geen liefdadigheid aanvaard (les 19, p. 86)
- الدعاء ad-duʿāʾ · smeekbede
- een van de grootste vormen van aanbidding (les 19, p. 87)
- آداب الدعاء ādāb ad-duʿāʾ · etiquette van de smeekbede
- reinheid, qibla, aanwezig hart, handen opheffen, lof, ṣalāt, aandringen (les 19, p. 87)