Hadith 8: 'Geen schade en geen wederzijdse schade'#
ʿUbāda ibn aṣ-Ṣāmit overlevert dat de Boodschapper ﷺ besliste: Geen schade en geen wederzijdse schade (lā ḍarar wa-lā ḍirār). Het boek geeft als bron Aḥmad en Mālik in al-Muwaṭṭaʾ, en zegt dat al-Albānī hem ṣaḥīḥ noemde.
De overleveraar. ʿUbāda ibn aṣ-Ṣāmit ibn Qays al-Khazrajī al-Anṣārī was bij de eerste en de tweede eed van al-ʿAqaba. De Boodschapper ﷺ verbroederde hem met Abū Marthad al-Ghanawī. Hij nam deel aan Badr, Uḥud, al-Khandaq en alle veldtochten, en stierf in 34 AH.
Woorden. Ḍarar is het tegendeel van nut. Over het verschil tussen ḍarar en ḍirār bestaan meerdere meningen: schade als begin tegenover schade als vergelding; schade aan zichzelf tegenover schade aan anderen; dat er geen schade is in wat Allah voorschreef, tegenover het verbod om schade te doen; of schade zonder opzet tegenover schade met opzet.
Uitleg. Het boek markeert de algemene uitleg als 'alleen ter kennisname'. De hadith is in zijn eigen woorden een van de vijf algemene regels van het islamitisch recht, ook geformuleerd als 'schade wordt weggenomen'. Schade is het missen van een belang of het veroorzaken van nadeel. Verboden schade is onder meer: bedrog en het verbergen van gebreken in de handel, list, prijsopdrijving (najsh), verkopen over de verkoop en een huwelijksaanzoek over dat van een broeder, schade tussen partners, buren, echtgenoten, leraar en leerling of leidinggevende en medewerkers, mensen zwartmaken bij gezagsdragers, een moslim laten schrikken (zelfs als grap) en spot.
Lessen. Veel bepalingen zijn op deze regel gebouwd. Het boek ziet er een bewijs in voor het verbod op wijn, drugs en roken, die het lichaam schaden of schade brengen aan kinderen en huisgenoten. Wie over zijn eigendom beschikt op een manier die anderen schaadt, wordt tegengehouden. De Koran verbiedt schade in al haar vormen (al-Baqara 2:233, 2:282 en 2:231).
Kernpunten
- 'Geen schade en geen wederzijdse schade' is een van de vijf algemene rechtsregels.
- Schade is het missen van een belang of het veroorzaken van nadeel.
- Het boek noemt veel vormen: bedrog, najsh, verkopen over de verkoop, schade aan buren en partners, iemand laten schrikken.
- Het boek leidt er het verbod uit af op wijn, drugs en roken.
- Men mag niet over zijn eigendom beschikken op een manier die anderen schaadt.
Bron: الحديث (٤), les 9, vanaf p. 44.
Begrippen
- الضرر aḍ-ḍarar · schade
- het tegendeel van nut (les 9, p. 44)
- الضرار aḍ-ḍirār · wederzijdse schade
- volgens een van de meningen: schade met opzet of als vergelding (les 9, p. 44)
- الضرر يزال aḍ-ḍarar yuzāl · schade wordt weggenomen
- andere formulering van de algemene regel (les 9, p. 45)
- النجش an-najsh · prijsopdrijving
- een prijs opdrijven zonder te willen kopen (les 9, p. 45)