Hadith 16: 'Allah is goed en aanvaardt alleen het goede'#
Abū Hurayra overlevert dat de Boodschapper ﷺ zei: O mensen, Allah is goed en aanvaardt alleen het goede. Allah heeft de gelovigen bevolen wat Hij de boodschappers bevolen heeft; daarna noemde hij twee verzen: 'O boodschappers, eet van de goede dingen en doe goede daden' (al-Muʾminūn 23:51) en 'O jullie die geloven, eet van de goede dingen die Wij jullie gegeven hebben' (al-Baqara 2:172). Daarna noemde hij de man die lang reist, met verward haar en stoffig, die zijn handen naar de hemel uitstrekt: Heer, Heer! terwijl zijn eten verboden is, zijn drinken verboden is, zijn kleding verboden is en hij gevoed is met het verbodene; hoe zou hij dan verhoord worden? (Muslim).
Woorden. 'Allah is goed': verheven boven elk tekort; Hij is goed in Zijn wezen, namen, eigenschappen, oordelen en daden. 'Aanvaardt alleen het goede': van woorden, daden en bezit; al het slechte wordt afgewezen. 'Daarna noemde hij de man' zijn woorden van de overleveraar. Ashʿath is met verward, ongekamd haar; aghbar is bestoven. Handen naar de hemel heffen is een oorzaak van verhoring: Allah is verlegen en edelmoedig; Hij schaamt Zich om de handen van Zijn dienaar leeg terug te sturen als die ze naar Hem opheft (Aḥmad en Abū Dāwūd; al-Albānī: ṣaḥīḥ). 'Heer, Heer' herhaalt het Heer-zijn, wat ook een middel tot verhoring is. 'Hoe zou hij' drukt uit dat verhoring onwaarschijnlijk is.
Uitleg. Het boek markeert de algemene uitleg als 'alleen ter kennisname'. Allah is volmaakt; men nadert Hem niet met liefdadigheid uit verboden of twijfelachtig bezit. Hij stond de gelovigen het goede toe zoals de boodschappers, met de opdracht tot goede daden en dankbaarheid. Dan gaf de Profeet ﷺ een voorbeeld als waarschuwing: een man die lang reist voor iets goeds, zoals ḥajj, jihād of levensonderhoud, met alle oorzaken van verhoring: een lange reis, eenvoud, handen opheffen en aandringen. Toch wordt hij niet verhoord, omdat zijn eten en drinken verboden zijn. Laat elke gelovige oppassen deze eigenschap te hebben.
Kernpunten
- Allah is goed in Zijn wezen, namen, eigenschappen, daden en oordelen.
- Hij aanvaardt alleen goede woorden, daden en bezit.
- De gelovigen kregen hetzelfde bevel als de boodschappers: eet het goede en doe het goede.
- Oorzaken van verhoring: lange reis, eenvoud, handen opheffen en aandringen.
- Verboden voedsel en drank kunnen de verhoring verhinderen, ook als die oorzaken aanwezig zijn.
Bron: الحديث (٤), les 18, vanaf p. 83.
Begrippen
- الطيب aṭ-ṭayyib · de Goede
- Allah, verheven boven elk tekort (les 18, p. 83)
- أشعث أغبر ashʿath aghbar · met verward haar en bestoven
- iemand die zich niet om zijn uiterlijk bekommert (les 18, p. 83)
- الإلحاح al-ilḥāḥ · aandringen
- herhalen van 'Heer, Heer'; een oorzaak van verhoring (les 18, p. 84)
- فأنى fa-annā · hoe zou…?
- vraagwoord dat onwaarschijnlijkheid uitdrukt (les 18, p. 84)