PDF downloaden

Bron: Zad-reeks (سلسلة زاد العلمية), samengesteld door Zad Group. Dit is een studiesamenvatting, niet de tekst van het boek.

Eenheid 5: De vijf naamwoorden en de vijf werkwoorden

Overzicht

Eenheid 5 · 4 lessen

De vijf naamwoorden en de vijf werkwoorden

Vier lessen samen op één pagina

De vijf naamwoorden met verbuiging door letters en de voorwaarden daarvoor; de vijf werkwoorden met het behoud en wegvallen van de nūn; het vrouwelijk geslacht en zijn kenmerken; en de tāʾ marbūṭa en de soorten vrouwelijke woorden. Les 21 staat in het boek alleen ter kennisname, en les 22 voor het deel over de verbuiging.

Bron: Al-Lugha al-ʿArabiyya (1), Zad-reeks · p. 87–98

Je voortgang in dit hoofdstuk0%

Eenheid 5 in één kaart

De vierde eenheid van het boek: de onderwerpen van de vier lessen.

De vijf naamwoorden en werkwoordenEenheid 5
  • De vijf naamwoordenles 21
    • ab, akh, ḥam, fū, dhū
    • verbuiging door letters
    • voorwaarden
  • De vijf werkwoordenles 22
    • vormen
    • behoud van de nūn
    • wegvallen van de nūn
  • Vrouwelijk geslachtles 23
    • verwijzen met hādhihi
    • kenmerken
    • beide geslachten
  • De tāʾ marbūṭales 24
    • bij afgeleide woorden
    • bij grondwoorden
    • soorten vrouwelijk

Het hoofdstuk in één oogopslag

  1. De vijf naamwoorden: abūka, akhūka, ḥamūka, fūka, dhū; nominatief met wāw, accusatief met alif, genitief met yāʾ.
  2. Zij worden zo verbogen als zij enkelvoud zijn, niet verkleind, en verbonden met iets anders dan het suffix van de eerste persoon.
  3. Voor fū geldt: zonder mīm; voor dhū: in de betekenis van "bezitter van".
  4. De vijf werkwoorden zijn imperfecta met de alif van de dualis, de wāw van het meervoud of de yāʾ van de vrouwelijke aangesprokene.
  5. Zij staan in de nominatief door het behoud van de nūn, en in de subjunctief en jussief door het wegvallen ervan.
  6. Vrouwelijk is wat met hādhihi aangeduid kan worden; kenmerken zijn de tāʾ marbūṭa en de korte en lange vrouwelijke alif.
  7. De tāʾ marbūṭa komt bij de meeste afgeleide woorden, en weinig bij grondwoorden.

Lessen in dit hoofdstuk

  1. Les 21 · p. 89 De vijf namen
  2. Les 22 · p. 93 De vijf werkwoorden
  3. Les 23 · p. 96 Het vrouwelijk geslacht
  4. Les 24 · p. 97 De tāʾ marbūṭa; overzicht van het vrouwelijk

Les 21 staat in het boek alleen ter kennisname, en les 22 voor het deel over de verbuiging. Oefeningen van het boek op p. 92, 95 en 98. De Nederlandse weergave van verzen geeft de betekenis weer; het is geen vertaling.

Schema’s

Afgeleide verbuigingstekens in deze eenheid

Zoals in les 21 en 22.

VergelijkingNominatiefAccusatief/subjunctiefGenitief of jussief
Vijf naamwoordenmet wāwmet alifgenitief met yāʾ
Vijf werkwoordenbehoud van de nūnwegvallen van de nūnjussief: wegvallen van de nūn

Les 22p. 94

Voorwaarden voor verbuiging door letters

En wat er gebeurt als een voorwaarde ontbreekt, zoals in het boek.

  1. Verbonden, niet met de eerste persoonmet -ī: geschatte tekens ("mijn vader roept je"); zonder verbinding: de gewone tekens ("hij heeft een vader")
  2. Enkelvoudin dualis of meervoud verbogen als dualis of meervoud ("hij nam zijn ouders bij zich")
  3. Niet verkleindverkleind: zichtbare klinkers (ukhayyuka)
  4. Fū zonder mīm, dhū als "bezitter van"fam wordt met zichtbare klinkers verbogen

Soorten vrouwelijke woorden

Zoals in de samenvatting van les 24.

VergelijkingTegenhanger
Werkelijk (Fāṭima)figuurlijk (de zon)
Naar betekenis (Suʿād)naar vorm (Ṭalḥa)

Les 24p. 97

Uitleg

  1. Ontlede voorbeelden van de vijf naamwoorden (alleen ter kennisname)

    "Hun vader had hun bevolen": onderwerp; "jouw vader was geen slecht man": naamwoord van kāna; "Muḥammad is niet de vader van een van jullie mannen": gezegde van kāna; "wij zullen hem van zijn vader vragen": lijdend voorwerp; "van zijn broer": genitief; "vergaan zijn de handen van Abū Lahab": genitiefverbinding.

    Meer uitleg

    Les 21 staat in het boek alleen ter kennisname, en les 22 voor het deel over de verbuiging.

  2. Voorbeelden van de vijf werkwoorden (alleen ter kennisname bij de verbuiging)

    "Zij beiden aten voedsel": alif van de dualis; "wat zij doen": wāw van het meervoud; "verbaas jij je over Allahs bevel?": yāʾ van de vrouwelijke aangesprokene; "dat jullie hem meenemen": subjunctief door wegvallen van de nūn; "en beledig niet": jussief door wegvallen van de nūn.

    Meer uitleg

    Les 21 staat in het boek alleen ter kennisname, en les 22 voor het deel over de verbuiging.

  3. Woorden die mannelijk en vrouwelijk kunnen zijn

    Van de Arabieren is overgeleverd dat zij deze woorden in beide geslachten gebruikten, onder meer: zawj, sabīl, ṭarīq, sūq, lisān, sikkīn, dhirāʿ, ṣāʿ; raadpleeg hiervoor woordenboeken en taalwerken.

  4. Vrouwelijk kenmerk voor beide geslachten

    Sommige naamwoorden dragen een vrouwelijk kenmerk en worden voor beide geslachten gebruikt, zoals ḥayya en sakhla, en zo ook enkele bijvoeglijke woorden: rajul rabʿa en imraʾa rabʿa.

  5. Opmerking over een versnummer

    Het boek noemt in de oefening op p. 95 "daarin zijn twee stromende bronnen" als ar-Raḥmān 66; in de muṣḥaf is dat vers 50.

Kernpunten

VoorwaardeUit het boek

Voorwaarden voor verbuiging door letters

  • enkelvoud
  • niet verkleind
  • verbonden met iets anders dan het suffix van de eerste persoon
OpsommingUit het boek

Vormen van de vijf werkwoorden

  1. yafʿalāni
  2. tafʿalāni
  3. yafʿalūna
  4. tafʿalūna
  5. tafʿalīna
OpsommingUit het boek

Kenmerken van het vrouwelijk geslacht

  1. naar betekenis: verwijzen met hādhihi
  2. naar vorm: tāʾ marbūṭa, korte vrouwelijke alif, lange vrouwelijke alif

Begrippen

الأسماء الخمسة

al-asmāʾ al-khamsa

De vijf naamwoorden: ab, akh, ḥam, fū, dhū; nominatief met wāw, accusatief met alif, genitief met yāʾ.

"En hun vader was rechtschapen."

الأفعال الخمسة

al-afʿāl al-khamsa

Elk imperfectum met de alif van de dualis, de wāw van het meervoud of de yāʾ van de vrouwelijke aangesprokene.

yafʿalāni, tafʿalāni, yafʿalūna, tafʿalūna, tafʿalīna.

ثبوت النون

thubūt an-nūn

Behoud van de nūn: het teken van de nominatief bij de vijf werkwoorden.

tuḥibbūna.

حذف النون

ḥadhf an-nūn

Wegvallen van de nūn: het teken van subjunctief en jussief bij de vijf werkwoorden.

an tadhhabū, lā tasubbū.

المؤنث

al-muʾannath

Vrouwelijk: wat met hādhihi aangeduid kan worden.

imraʾa, nāqa, shams, dār.

ألف التأنيث المقصورة

alif at-taʾnīth al-maqṣūra

Korte vrouwelijke alif: een vormkenmerk van het vrouwelijk geslacht.

Laylā.

ألف التأنيث الممدودة

alif at-taʾnīth al-mamdūda

Lange vrouwelijke alif: een vormkenmerk van het vrouwelijk geslacht.

samrāʾ.

Herhaling

Het belangrijkste vlak voor een toets

  • De vijf naamwoorden: nominatief met wāw, accusatief met alif, genitief met yāʾ, onder voorwaarden.
  • De vijf werkwoorden: nominatief door behoud van de nūn, subjunctief en jussief door het wegvallen ervan.
  • Vrouwelijk is wat met hādhihi aangeduid kan worden; er zijn drie vormkenmerken.
  • Vrouwelijk is werkelijk of figuurlijk, en naar betekenis of naar vorm.

Flitskaarten

Mijn favorieten

Tik op het sterretje bij een kaart om hem hier te bewaren.

Test jezelf

  1. Waarmee staat akh in de genitief in "wie door zijn broer iets vergeven wordt"?

  2. In "mijn vader roept je" (abī) wordt ab met alif verbogen.

  3. Wat is het teken van de subjunctief in "dat jullie hem meenemen" (an tadhhabū)?

  4. Welk woord heeft de lange vrouwelijke alif?

  5. De tāʾ marbūṭa komt bij de meeste afgeleide woorden.

Originele tekst

Deze pagina bundelt de lessen van het hoofdstuk. De volledige samenvatting per les, en de bladzijden in het oorspronkelijke boek:

  1. Les 21 De vijf namen

    Samenvatting van de les · Bladzijden in het boek: p. 89–92

  2. Les 22 De vijf werkwoorden

    Samenvatting van de les · Bladzijden in het boek: p. 93–95

  3. Les 23 Het vrouwelijk geslacht

    Samenvatting van de les · Bladzijden in het boek: p. 96

  4. Les 24 De tāʾ marbūṭa; overzicht van het vrouwelijk

    Samenvatting van de les · Bladzijden in het boek: p. 97

Het hele hoofdstuk in het oorspronkelijke boek: Al-Lugha al-ʿArabiyya (1), Zad-reeks · p. 87–98 p. 87

Dit is een studiehulp; het oorspronkelijke boek blijft de bron.