Islamitische opvoeding (2) – Daden van het hart

PDF downloaden

Bron: Zad-reeks (سلسلة زاد العلمية), samengesteld door Zad Group. Dit is een studiesamenvatting, niet de tekst van het boek.

Studeer heel eenheid 10 Schema’s, begrippen, hadith, personen en een toets voor alle lessen samen →

Nadenken over de afloop en het Hiernamaals, en de grenzen van nadenken

Meer terreinen van nadenken.

  1. Over Allahs gunsten: ﴿Hij is het die uit de hemel water neerzendt … daarmee laat Hij voor jullie gewassen groeien … voorwaar, daarin is een teken voor mensen die nadenken﴾ (an-Naḥl 16:10–14).
  2. Over de afloop en het Hiernamaals: ﴿Zijn zij niet over de aarde gereisd om te zien hoe het einde was van hen die vóór hen waren?﴾ (ar-Rūm 30:9). ʿAlī ibn Abī Ṭālib overlevert: Ik had jullie verboden de graven te bezoeken; bezoek ze nu, want ze herinneren jullie aan het Hiernamaals (Aḥmad, ṣaḥīḥ volgens al-Albānī). Muṭarrif ibn ʿAbd Allāh ibn ash-Shikhkhīr zei: ik lig 's nachts op mijn bed, overdenk de Koran en leg mijn daden naast die van de mensen van het Paradijs: ﴿Zij sliepen weinig in de nacht﴾ (adh-Dhāriyāt 51:17), ﴿die de nacht doorbrengen in neerknieling en staan﴾ (al-Furqān 25:64), ﴿wie gehoorzaam is in de uren van de nacht﴾ (az-Zumar 39:9), en ik zie mezelf niet bij hen. Dan leg ik ze naast ﴿Wat bracht jullie in Saqar?﴾ (al-Muddaththir 74:42) en zie loochenaars. Dan kom ik bij ﴿anderen die hun zonden erkenden; zij vermengden een goede daad met een slechte﴾ (at-Tawba 9:102), "en ik hoop dat ik en jullie, mijn broeders, bij hen horen."

Grenzen en gevaren van nadenken. Nadenken heeft grenzen waar de moslim moet stoppen, zonder ver af te dwalen:

  1. Het wezen van Allah en de hoe-heid van Zijn eigenschappen. Het is niet toegestaan daarover na te denken. Ibn ʿUmar overlevert: Denk na over de gunsten van Allah en denk niet na over Allah (al-Lālakāʾī, ḥasan volgens al-Albānī). Nadenken over de betekenissen van Allahs namen en eigenschappen en ernaar handelen, zonder naar het hoe te zoeken, is wel gewenst en is wat de teksten vragen.
  2. De onzichtbare wereld (al-ghayb). De moslim probeert die niet voor te stellen; ze is te groot voor het menselijk verstand. Volgens het boek is dit een verschil tussen de islamitische en de westerse kijk op de schepping: de westerse atheïstische visie meende uit hoogmoed dat alles door ervaring te kennen is, terwijl de islam weet dat sommige dingen niet te kennen zijn: de geest, de djinn, de engelen, het graf, het Vuur, het Paradijs, het staan voor Allah en de vlakten van de Opstanding. ﴿Zij vragen jou naar de geest. Zeg: de geest behoort tot de zaak van mijn Heer, en jullie is van de kennis maar weinig gegeven﴾ (al-Isrāʾ 17:85).

Kernpunten

  • Nadenken over Allahs gunsten en over de afloop van vorige volken brengt lering.
  • Het bezoeken van graven herinnert aan het Hiernamaals.
  • Muṭarrif legde zijn daden naast die van de mensen van het Paradijs en hoopte bij de berouwvollen te horen.
  • Men denkt niet na over het wezen van Allah en het hoe van Zijn eigenschappen, wel over hun betekenis.
  • De onzichtbare wereld, zoals de geest, de djinn en het Paradijs, valt buiten wat het verstand kan voorstellen.

Bron: التربية الإسلامية (٢) أعمال القلوب, les 20, vanaf p. 72.

Begrippen

الآلاء al-ālāʾ · gunsten
de weldaden van Allah, waarover men wel nadenkt (les 20, p. 73)
الكيفية al-kayfiyya · het hoe
de wijze van Allahs eigenschappen, waarnaar men niet zoekt (les 20, p. 73)
عالم الغيب ʿālam al-ghayb · de onzichtbare wereld
wat buiten menselijke waarneming valt, zoals geest, djinn en Paradijs (les 20, p. 73)
العواقب al-ʿawāqib · de afloop
het einde van volken en daden, om lering uit te trekken (les 20, p. 72)