De tweede pijler: het staan op ʿArafa#
De ḥajj is ʿArafa (Aḥmad en de auteurs van de Sunan, met een ṣaḥīḥ keten). De tijd loopt van het middaguur op de dag van ʿArafa tot de dageraad van de offerdag. Wie in die tijd een moment op ʿArafa is, heeft een geldige ḥajj, ook als hij er slapend, bewusteloos of onwetend was, of passerend. ʿUrwa ibn Muḍarris kwam uitgeput van de bergen van Ṭayyiʾ naar Muzdalifa; de Profeet ﷺ zei: wie met ons dit gebed haalt en eerder ʿArafa bereikte, 's nachts of overdag, heeft zijn ḥajj voltooid (Abū Dāwūd; al-Albānī ṣaḥīḥ) (p. 67).
Het boek noemt de bekende aandacht voor het staan op 'Jabal ar-Raḥma' een fout tegen de sunna (p. 67).
De plaats. Heel ʿArafa is standplaats behalve Baṭn ʿUrana: ik heb hier gestaan, en heel ʿArafa is standplaats (Muslim). Sunna is: richting qibla staan, tahlīl, takbīr en talbiya, en veel dhikr en duʿāʾ (p. 67).
Tot zonsondergang. Wie overdag staat, blijft tot zonsondergang om dag en nacht te combineren. Vertrekt hij eerder, dan slacht hij een dier (dam), tenzij hij vóór de dageraad terugkeert. Wie alleen 's nachts staat, hoeft niets (p. 67).
De derde pijler: ṭawāf al-ifāḍa (ook ṭawāf az-ziyāra): ﴿en laat hen de ṭawāf om het Oude Huis doen﴾ (al-Ḥajj 22:29). Toen Ṣafiyya menstrueerde, vroeg de Profeet ﷺ of zij hen zou ophouden; omdat zij de ifāḍa al gedaan had, zei hij: laat haar dan vertrekken (al-Bukhārī en Muslim). De ifāḍa kan vanaf middernacht van de offernacht; er is geen uiterste tijd, maar men stelt haar beter niet uit tot na Dhū l-Ḥijja. Op de offerdag is het beste: de Profeet ﷺ deed haar toen (Ibn ʿUmar, al-Bukhārī en Muslim) (p. 68).
Voorwaarden van de ṭawāf. (1) Reinheid van vuil en onreinheid. (2) De ʿawra bedekken. (3) Binnen de moskee, ook ver van de Kaʿba. (4) Het Huis aan de linkerkant. (5) Zeven rondes. (6) Aaneensluitend, behalve een korte onderbreking voor het gebed of rust (p. 68).
Kernpunten
- Het staan op ʿArafa is de kern van de ḥajj; één moment tussen het middaguur en de dageraad volstaat.
- Heel ʿArafa is standplaats behalve Baṭn ʿUrana; volgens het boek is de focus op Jabal ar-Raḥma een fout.
- Wie overdag staat, blijft tot zonsondergang; anders een offer.
- Ṭawāf al-ifāḍa is de derde pijler en heeft zes voorwaarden.
Bron: الفقه (٣), les 22, vanaf p. 67.
Begrippen
- الوقوف بعرفة al-wuqūf bi-ʿArafa · het staan op ʿArafa
- aanwezig zijn op ʿArafa tussen het middaguur en de dageraad van de offerdag (les 22, p. 67)
- بطن عرنة Baṭn ʿUrana · Baṭn ʿUrana
- een dal naast ʿArafa dat geen standplaats is (les 22, p. 67)
- طواف الإفاضة ṭawāf al-ifāḍa · ṭawāf al-ifāḍa
- de verplichte ṭawāf van de ḥajj, ook ṭawāf az-ziyāra genoemd (les 22, p. 68)