Hadith (3)

PDF downloaden

Bron: Zad-reeks (سلسلة زاد العلمية), samengesteld door Zad Group. Dit is een studiesamenvatting, niet de tekst van het boek.

Studeer heel eenheid 2 Schema’s, begrippen, hadith, personen en een toets voor alle lessen samen →

Hadith 7: 'Allah heeft de goede en slechte daden geschreven'

Ibn ʿAbbās overlevert van de Profeet ﷺ, in wat hij van zijn Heer vertelt: Allah heeft de goede en de slechte daden geschreven en dat daarna uitgelegd. Wie een goede daad voornam en haar niet deed, voor hem schrijft Allah bij Zich een volledige goede daad; nam hij haar voor en deed hij haar, dan schrijft Allah voor hem tien goede daden, tot zevenhonderdvoudig, tot vele malen meer. Wie een slechte daad voornam en haar niet deed, voor hem schrijft Allah bij Zich een volledige goede daad; nam hij haar voor en deed hij haar, dan schrijft Allah één slechte daad. (al-Bukhārī en Muslim).

Woorden. 'Geschreven' betekent: Allah bepaalde dat ze plaatsvinden en schreef hun beloning en straf. 'Voornemen' (hamm) is een vastberaden voornemen, geen losse gedachte. Wie een goede daad niet deed, werd erdoor iets belet; wie een slechte daad niet deed, liet haar uit vrees voor Allah.

Uitleg. Schrijven heeft twee betekenissen: het voorafgaande schrijven in de Bewaarde Tafel (al-Qamar 54:53) en het latere optekenen van wat de mens doet, naar Allahs wijsheid, rechtvaardigheid en gunst. Het verschil tussen tien en zevenhonderd hangt af van oprechtheid en navolging van de Profeet ﷺ. Wie bijvoorbeeld wilde stelen, aan Allah dacht en het naliet, krijgt een volledige goede daad. Een slechte daad wordt nooit meer dan één (al-Anʿām 6:160).

Verdubbeling. Volgens het boek wordt beloning vermenigvuldigd naar tijd (de eerste tien dagen van Dhū l-Ḥijja), plaats (het gebed in al-Masjid al-Ḥarām), soort daad (verplicht boven vrijwillig) en dader (de metgezellen boven wie na hen kwam) (al-Baqara 2:245). Het boek haalt de hadith van ʿAbd Allāh ibn ʿAmr aan over na elk gebed tien keer tasbīḥ, taḥmīd en takbīr, en honderd bij het slapengaan: weinig op de tong en vijfentwintighonderd in de weegschaal (Aḥmad en Abū Dāwūd; al-Albānī: ṣaḥīḥ).

Lessen. Wie in Mekka een zonde voorneemt, wordt al voor het voornemen gestraft, ook als hij buiten Mekka is; het boek noemt uitspraken van Ibn Masʿūd en aḍ-Ḍaḥḥāk (zonder bron) en al-Ḥajj 22:25. Wie kwaad voornam en ernaar handelde maar het niet kon voltooien, draagt de zonde: als twee moslims elkaar met hun zwaarden ontmoeten, zijn de doder en de gedode in het Vuur… want hij wilde zijn tegenstander doden (al-Bukhārī). Slechte daden verschillen (groot en klein) en goede ook (verplicht en vrijwillig), elk met zijn eigen oordeel.

Kernpunten

  • Allah schreef de daden vooraf en laat ze optekenen als ze gebeuren.
  • Een goede daad: tien tot zevenhonderd of meer; een slechte daad: één.
  • Een slechte daad nalaten uit vrees voor Allah levert een volledige goede daad op.
  • Beloning vermeerdert naar tijd, plaats, soort daad en dader, en naar oprechtheid.
  • Wie kwaad vast voornam en ernaar handelde, draagt de zonde, ook als het mislukt.

Bron: الحديث (٣), les 7, vanaf p. 37.

Begrippen

الهم al-hamm · voornemen
vastberaden voornemen, geen losse gedachte (les 7, p. 37)
الضعف aḍ-ḍiʿf · het gelijke
een even grote hoeveelheid, bij de vermenigvuldiging van beloning (les 7, p. 37)
اللوح المحفوظ al-lawḥ al-maḥfūẓ · de Bewaarde Tafel
waar het voorafgaande schrijven van Allah staat (les 7, p. 37)
مضاعفة الحسنات muḍāʿafat al-ḥasanāt · verdubbeling van goede daden
naar tijd, plaats, soort daad, dader en oprechtheid (les 7, p. 38–39)