Kāna en zusters: volledig en onvolledig#
Deze hele les is door ZAD gemarkeerd als 'alleen ter kennisname'.
Twee groepen. Naar 'volledig of onvolledig' zijn kāna en zusters in te delen in werkwoorden die beide kunnen zijn, en werkwoorden die alleen onvolledig zijn.
Volledig (tāmm). Een volledig werkwoord heeft genoeg aan zijn woord in de nominatief en betekent dan 'er zijn' of 'gebeuren'. Het voorbeeld is «als er iemand in moeilijkheden is, dan uitstel tot verlichting» (al-Baqara 2:280). Kāna betekent hier wujida (er is). Dhū is het onderwerp (fāʿil), in de nominatief met een wāw, omdat het een van de vijf bijzondere zelfstandige naamwoorden is. Je zegt dus niet: dhū is de ism van kāna.
Beide mogelijk. Volledig en onvolledig kunnen zijn: kāna, amsā, aṣbaḥa, aḍḥā, ẓalla, ṣāra, bāta, mā dāma, mā bariḥa en mā nfakka. Het boek geeft paren:
- amsā: onvolledig in amsā l-qamaru badran (de maan werd vol); volledig in «prijs Allah wanneer jullie de avond ingaan» (ar-Rūm 30:17).
- aṣbaḥa: onvolledig in «het hart van Mūsā's moeder werd leeg» (al-Qaṣaṣ 28:10); volledig in «en wanneer jullie de ochtend ingaan» (ar-Rūm 30:17).
- ẓalla: onvolledig in «zijn gezicht bleef zwart» (an-Naḥl 16:58); volledig in law ẓallati l-ḥarbu la-addat ilā l-fanāʾ (als de oorlog bleef duren, leidde hij tot vernietiging).
- bariḥa: onvolledig in mā bariḥa l-muslimūna yujāhidūn; volledig in «ik zal het land niet verlaten» (Yūsuf 12:80).
Alleen onvolledig. Alleen onvolledig zijn fatiʾa, laysa en zāla met de muḍāriʿ yazālu:
- mā fatiʾa l-muʾminu dhākiran rabbah;
- «vroomheid is niet dat jullie de huizen van achteren binnengaan» (al-Baqara 2:189);
- «en zij blijven het oneens» (Hūd 11:118).
Maar zāla met de muḍāriʿ yazūlu is alleen volledig: zālati sh-shams (de zon ging weg, bewoog, verdween).
Kernpunten
- Een volledig werkwoord heeft genoeg aan zijn onderwerp en betekent 'er zijn, gebeuren'.
- In al-Baqara 2:280 is kāna volledig en is dhū het onderwerp.
- Kāna, amsā, aṣbaḥa, aḍḥā, ẓalla, ṣāra, bāta, mā dāma, mā bariḥa en mā nfakka kunnen beide zijn.
- Fatiʾa, laysa en zāla (yazālu) zijn alleen onvolledig; zāla (yazūlu) is alleen volledig.
Bron: اللغة العربية (٢), les 12, vanaf p. 52.
Begrippen
- الفعل التام al-fiʿl at-tāmm · volledig werkwoord
- heeft genoeg aan zijn onderwerp; betekent 'er zijn' (les 12, p. 52)
- الفعل الناقص al-fiʿl an-nāqiṣ · onvolledig werkwoord
- heeft ism én khabar nodig (les 12, p. 52)
- الأسماء الخمسة al-asmāʾ al-khamsa · de vijf zelfstandige naamwoorden
- zoals dhū en akhū; nominatief met wāw (les 12, p. 52)
- زال يزول zāla yazūlu · weggaan
- volledig werkwoord: de zon ging weg (les 12, p. 53)
- زال يزال zāla yazālu · blijven
- alleen onvolledig: lā yazālūna mukhtalifīn (les 12, p. 53)