Eenheid 8: Behoedzaamheid (waraʿ)#
Overzicht
Eenheid 8 · 2 lessen
Behoedzaamheid (waraʿ)
Twee lessen samen op één pagina
De betekenis van waraʿ en de basis in de soenna, het belang, uitspraken van de vroege generaties, de waraʿ van Abū Bakr, het verschil tussen zuhd en waraʿ, het gevaar van geen waraʿ, kennis en waraʿ, verhalen, en hoe men waraʿ bereikt.
Bron: Kitāb at-Tarbiya al-islāmiyya (2), Zad-reeks · p. 56–62
Eenheid 8 in één kaart
Waraʿ: betekenis, belang en de weg ernaartoe.
- laten wat schaadt
- laat wat je doet twijfelen
- vrucht van het geloof
- godsdienst is waraʿ
- waraʿ laat wat schaadt
- zuhd laat wat niet baat
- soenna
- kennis toepassen
- verboden mijden
- onthechting
Het hoofdstuk in één oogopslag
Lessen in dit hoofdstuk
Oefening van het boek op p. 62. Pagina 59 staat in het boek alleen ter kennisname. De Nederlandse weergave van verzen en hadith geeft de betekenis weer; het is geen vertaling.
Schema’s
Uitleg
Het belang van waraʿ
Ṭāwūs zei: het geloof is als een boom; de wortel is de getuigenis en de vrucht is waraʿ; er is geen goed in een boom zonder vrucht, en geen goed in een mens zonder waraʿ. ʿUmar zei: godsdienst is niet het gemompel aan het eind van de nacht, maar godsdienst is waraʿ.
De waraʿ van Abū Bakr
al-Bukhārī overlevert van ʿĀʾisha dat een knecht van Abū Bakr hem iets bracht waarvan hij at. Daarna zei de knecht dat hij het verdiend had met waarzeggerij uit de Jāhiliyya, waarbij hij iemand bedroog. Abū Bakr stak zijn hand in zijn mond en braakte alles uit.
Het gevaar van geen waraʿ (alleen ter kennisname)
De Profeet ﷺ vertelde over mensen die komen met goede daden als de bergen van Tihāma, die Allah tot verstoven stof maakt, omdat zij Allahs verboden schonden als zij alleen waren.
Meer uitleg
Dit deel staat in het boek alleen ter kennisname.
Kennis hoort bij waraʿ
Abū s-Suʿūd zei dat behoedzaamheid voor Allahs verboden afhangt van kennis van ḥalāl en ḥarām uit Koran en soenna. Ibn Taymiyya zei over de onwetende: hij laat soms plichten na en doet verboden dingen, en houdt dat voor waraʿ.
Verhalen over waraʿ
De Profeet ﷺ gooide een dadel van zijn bed weg uit vrees dat het liefdadigheid was, en haalde een dadel van de liefdadigheid uit de mond van al-Ḥasan ibn ʿAlī. Zaynab bint Jaḥsh zei over ʿĀʾisha: ik bewaar mijn gehoor en zicht; Allah beschermde haar door waraʿ.
Kernpunten
Waraʿ
- laten wat men vreest dat schade doet in het Hiernamaals
- twijfelachtige zaken mijden uit vrees in het verbodene te vallen
Waraʿ en zuhd
- waraʿ: laten wat schaadt
- zuhd: ook laten wat in het Hiernamaals niet baat
- zuhd is hoger
Hoe men waraʿ bereikt
- de soenna volgen en vernieuwing laten
- naar kennis handelen
- het verbodene mijden
- onthechting van de wereld
- wegblijven van wat waraʿ belet
Begrippen
الورع
al-waraʿ
Letterlijk: terughoudendheid; in de leer: laten wat men vreest dat schade doet in het Hiernamaals.
Ook: laten wat geen kwaad doet uit vrees te vallen in wat kwaad doet.
المشتبهات
al-mushtabihāt
Twijfelachtige zaken tussen het duidelijk toegestane en het duidelijk verbodene, die veel mensen niet kennen.
الحمى
al-ḥimā
Afgeschermde weide waar men niet mag weiden.
In de hadith van an-Nuʿmān ibn Bashīr.
الزهد
az-zuhd
Onthechting: laten wat in het Hiernamaals niet baat.
Volgens Ibn ʿUthaymīn hoger dan waraʿ.
Hadith
De hadith die in de lessen van dit hoofdstuk genoemd worden, met tekst en bronvermelding zoals in het boek.
-
Overgeleverd door ʿAṭiyya ibn ʿUrwa as-Saʿdī
«لا يبلغ العبد أن يكون من المتقين حتى يدع ما لا بأس به حذرا لما به بأس»
De dienaar bereikt niet de rang van de godvrezenden tot hij laat wat geen kwaad doet, op zijn hoede voor wat kwaad doet
Bron: at-Tirmidhī; hij noemde hem ḥasan
Een basis voor waraʿ.
-
Overgeleverd door al-Ḥasan ibn ʿAlī
«دع ما يريبك إلى ما لا يريبك»
Laat wat je doet twijfelen voor wat je niet doet twijfelen
Bron: Aḥmad en an-Nasāʾī; al-Albānī noemde hem ṣaḥīḥ
-
Overgeleverd door an-Nuʿmān ibn Bashīr
«إن الحلال بين والحرام بين وبينهما مشتبهات لا يعلمها كثير من الناس، فمن اتقى المشتبهات استبرأ لدينه وعرضه، ومن وقع في الشبهات كراع يرعى حول الحمى يوشك أن يواقعه»
Het toegestane is duidelijk en het verbodene is duidelijk, en daartussen zijn twijfelachtige zaken die veel mensen niet kennen. Wie de twijfelachtige zaken mijdt, vrijwaart zijn godsdienst en eer; en wie in twijfelachtige zaken valt, is als een herder die rond een verboden weide hoedt en er bijna in terechtkomt
Bron: al-Bukhārī en Muslim
-
«من حسن إسلام المرء تركه ما لا يعنيه»
Het hoort bij de goede islam van een mens dat hij laat wat hem niet aangaat
Bron: at-Tirmidhī en Ibn Māja; al-Albānī noemde hem ṣaḥīḥ
Heel waraʿ in één zin: in spreken, kijken, luisteren, grijpen, lopen en denken.
-
Overgeleverd door Abū Hurayra
«يا أبا هريرة، كن ورعا تكن أعبد الناس»
Abū Hurayra, wees behoedzaam, dan ben je de meest aanbiddende van de mensen
Bron: Ibn Māja; al-Albānī noemde hem ṣaḥīḥ
Uit een deel dat alleen ter kennisname is.
-
Overgeleverd door Thawbān
«لأعلمن أقواما من أمتي يأتون يوم القيامة بحسنات أمثال جبال تهامة بيضا، فيجعلها الله عز وجل هباء منثورا … أما إنهم إخوانكم ومن جلدتكم ويأخذون من الليل كما تأخذون، ولكنهم أقوام إذا خلوا بمحارم الله انتهكوها»
Ik ken mensen uit mijn gemeenschap die op de Dag des Oordeels komen met goede daden als de bergen van Tihāma, wit; en Allah maakt ze tot verstoven stof … Het zijn jullie broeders, van jullie soort, en zij nemen van de nacht zoals jullie nemen; maar het zijn mensen die, wanneer zij alleen zijn met wat Allah verboden heeft, het schenden
Bron: Ibn Māja; al-Albānī noemde hem ṣaḥīḥ
Het gevaar van geen waraʿ. Uit een deel dat alleen ter kennisname is.
-
Overgeleverd door Abū Hurayra
«إني لأنقلب إلى أهلي فأجد التمرة ساقطة على فراشي، فأرفعها لآكلها، ثم أخشى أن تكون صدقة فألقيها»
Ik kom thuis en vind een dadel op mijn bed; ik raap haar op om te eten, dan vrees ik dat het liefdadigheid is en gooi haar weg
Bron: al-Bukhārī en Muslim
Uit de waraʿ van de Profeet ﷺ.
-
«كخ كخ … أما شعرت أنا لا نأكل الصدقة»
Bah, bah … weet je niet dat wij geen liefdadigheid eten?
Bron: al-Bukhārī en Muslim
Toen al-Ḥasan ibn ʿAlī een dadel van de liefdadigheid in zijn mond stak.
Personen
De personen die in dit hoofdstuk genoemd worden, en waarom.
Genoemd in de tekst
-
Ibn al-Qayyim al-Jawziyya
ابن القيم
Geleerde · gest. 751 AH
Omschreef waraʿ: laten wat men vreest dat schade doet in het Hiernamaals.
-
al-Jurjānī
علي بن محمد الشريف الجرجاني
Geleerde · gest. 816 AH
Omschreef waraʿ: twijfelachtige zaken mijden uit vrees in het verbodene te vallen.
-
al-Qarāfī
شهاب الدين القرافي
Geleerde · gest. 684 AH
Omschreef waraʿ: laten wat geen kwaad doet, op zijn hoede voor wat kwaad doet.
-
ʿAṭiyya ibn ʿUrwa as-Saʿdī
عطية بن عروة السعدي
Metgezel
Overleveraar van "de dienaar bereikt niet de rang van de godvrezenden tot hij laat wat geen kwaad doet".
-
al-Ḥasan ibn ʿAlī
الحسن بن علي
Metgezel
Overleverde "laat wat je doet twijfelen"; nam als kind een dadel van de liefdadigheid.
-
an-Nuʿmān ibn Bashīr
النعمان بن بشير
Metgezel · gest. 65 AH
Overleveraar van "het toegestane is duidelijk en het verbodene is duidelijk".
-
Ṭāwūs ibn Kaysān
طاوس بن كيسان
Geleerde · gest. 106 AH
Zei: het geloof is als een boom; de wortel is de getuigenis en de vrucht is waraʿ.
-
ʿUmar ibn al-Khaṭṭāb
عمر بن الخطاب
Metgezel · gest. 23 AH
Zei: godsdienst is niet het gemompel aan het eind van de nacht, maar godsdienst is waraʿ.
-
Muṭarrif ibn ʿAbd Allāh ibn ash-Shikhkhīr
مطرف بن عبد الله بن الشخير
Geleerde · gest. 95 AH
Zei: de betere van twee mannen is wie het behoedzaamst is voor wat Allah verbood.
-
Abū ʿAbd ar-Raḥmān al-ʿUmarī
أبو عبد الرحمن عبد الله بن عبد العزيز العمري
Geleerde
Zei tegen wie om raad vroeg: zoveel waraʿ in je hart is beter dan het gebed van alle mensen op aarde.
-
Sufyān ath-Thawrī
سفيان الثوري
Geleerde · gest. 161 AH
Zei: houd je aan waraʿ, dan maakt Allah je afrekening licht; en: ik heb nooit iemand met waraʿ gezien die niet behoeftig was.
-
Qutayba ibn Saʿīd
قتيبة بن سعيد
Geleerde · gest. 240 AH
Zei: zonder Sufyān ath-Thawrī was waraʿ verloren gegaan.
-
Abū Bakr aṣ-Ṣiddīq
أبو بكر الصديق
Metgezel · gest. 13 AH
Braakte voedsel uit toen hij hoorde dat het met waarzeggerij verdiend was.
-
ʿĀʾisha bint Abī Bakr
عائشة بنت أبي بكر
Metgezel · gest. 58 AH
Vertelde over de waraʿ van Abū Bakr en getuigde van de waraʿ van Zaynab bint Jaḥsh.
-
Saʿīd ibn al-Musayyab
سعيد بن المسيب
Geleerde · gest. 94 AH
Zei: aanbidding is behoedzaamheid voor wat Allah verbood en nadenken over Allahs zaak.
-
Muḥammad ibn Ṣāliḥ al-ʿUthaymīn
محمد بن صالح العثيمين
Geleerde · gest. 1421 AH
Maakte onderscheid tussen zuhd en waraʿ, en noemde zuhd hoger.
-
Thawbān
ثوبان
Metgezel · gest. 54 AH
Vroeg de Profeet ﷺ de mensen te beschrijven van wie de goede daden tot stof worden.
-
Abū s-Suʿūd
أبو السعود
Geleerde · gest. 982 AH
Zei: behoedzaamheid voor het verbodene hangt af van kennis van ḥalāl en ḥarām.
-
Ibn Taymiyya
ابن تيمية
Geleerde · gest. 728 AH
Zei over de onwetende: hij laat soms plichten na en doet verboden dingen, en houdt dat voor waraʿ.
-
Zaynab bint Jaḥsh
زينب بنت جحش
Metgezel · gest. 20 AH
Zei in de lasteraffaire: ik bewaar mijn gehoor en zicht; bij Allah, ik weet alleen goeds over haar.
-
Abū Hurayra
أبو هريرة
Metgezel · gest. 57 AH
Overleverde "wees behoedzaam, dan ben je de meest aanbiddende" en de hadith van de dadel.
-
al-Awzāʿī
الأوزاعي
Geleerde · gest. 157 AH
Zei: niemand voert een vernieuwing in of zijn waraʿ wordt hem ontnomen.
-
Sahl ibn ʿAbd Allāh at-Tustarī
سهل بن عبد الله التستري
Geleerde · gest. 283 AH
Zei: als de gelovige naar zijn kennis handelt, leidt die hem naar waraʿ.
-
ʿAbd Allāh ibn Masʿūd
عبد الله بن مسعود
Metgezel · gest. 32 AH
Zei: vermijd wat je verboden is, dan ben je de behoedzaamste van de mensen.
Herhaling
Het belangrijkste vlak voor een toets
- Waraʿ is laten wat men vreest dat schade doet in het Hiernamaals.
- Wie twijfelachtige zaken mijdt, vrijwaart zijn godsdienst en eer.
- Het hoort bij de goede islam dat je laat wat je niet aangaat.
- Waraʿ vraagt kennis; zuhd is hoger dan waraʿ.
- Men bereikt waraʿ met de soenna, kennis toepassen en het verbodene mijden.
Flitskaarten
Mijn favorieten
Tik op het sterretje bij een kaart om hem hier te bewaren.
Test jezelf
Hoe omschreef Ibn al-Qayyim waraʿ?
Volgens Ibn ʿUthaymīn is waraʿ hoger dan zuhd.
Wat deed Abū Bakr toen hij hoorde dat het voedsel met waarzeggerij verdiend was?
Wie zei: zonder Sufyān ath-Thawrī was waraʿ verloren gegaan?
Originele tekst
Deze pagina bundelt de lessen van het hoofdstuk. De volledige samenvatting per les, en de bladzijden in het oorspronkelijke boek:
- Les 14 Behoedzaamheid (al-waraʿ)
Samenvatting van de les · Bladzijden in het boek: p. 56–58
- Les 15 Waraʿ is de beste hulp bij aanbidding
Samenvatting van de les · Bladzijden in het boek: p. 59
Het hele hoofdstuk in het oorspronkelijke boek: Kitāb at-Tarbiya al-islāmiyya (2), Zad-reeks · p. 56–62 p. 56
Dit is een studiehulp; het oorspronkelijke boek blijft de bron.