De vormelijke iḍāfa (iḍāfa lafẓiyya)#
Het grootste deel van deze les staat in kaders 'alleen ter kennisname' (p. 100–101).
Wat is een vormelijke iḍāfa? Hierbij is de muḍāf een afgeleid bijvoeglijk woord dat met zijn object of onderwerp (maʿmūl) verbonden is. Het gaat om een ism al-fāʿil, ism al-mafʿūl, bijvoeglijk naamwoord of maṣdar. De muḍāf ilayh geeft dan geen bepaaldheid en geen specificering, en de iḍāfa berust niet op min, li- of fī.
De reden is dat zo'n verbinding de betekenis van de zin niet verandert. De muḍāf verliest alleen de tanwīn. Daarom heet de iḍāfa vormelijk (lafẓiyya). Haar nut is een lichtere uitspraak (takhfīf). Voorbeelden zijn ākilu s-samaka (de viseter), maḍrūbu r-raʾs, ʿubūru ṭ-ṭarīq, ḥasanu l-wajh en karīmu l-khuluq. Uit de Koran: «Allah is de Splijter van het zaad en de pit» (al-Anʿām 6:95) en «Hij brengt het dode voort uit het levende» (al-Anʿām 6:95). Je kunt de muḍāf vervangen door het werkwoord zonder dat de betekenis verandert: ākilu s-samaka = akala s-samaka, maḍrūbu r-raʾs = ḍuriba raʾsuhu.
Belangrijkste verschil: al- op de muḍāf.
- Bij de betekenisvolle iḍāfa mag de muḍāf nooit al- krijgen. Je zegt kitābu Muḥammad, niet al-kitābu Muḥammad.
- Bij de vormelijke iḍāfa mag het wel, op drie plaatsen:
1. de muḍāf is een dualis: al-mukramā Khālid;
2. de muḍāf is een gezond mannelijk meervoud: az-zāʾirū abīka;
3. de muḍāf is een ism al-fāʿil, ism al-mafʿūl of bijvoeglijk naamwoord, en de muḍāf ilayh heeft al-: aẓ-ẓālimu n-nafs, al-maḍrūbu r-raʾs, al-ḥasanu l-khuluq.
Een veelgemaakte fout. Men zegt al-ghayru ṣaḥīḥ. Maar ghayr is geen ism al-fāʿil, ism al-mafʿūl of bijvoeglijk naamwoord, en mag dus geen al- krijgen. Juist is ghayru ṣ-ṣaḥīḥ.
Oefening. In de slotoefening benoem je de muḍāf en muḍāf ilayh in een aantal verzen, en zeg je of de iḍāfa betekenisvol of vormelijk is: an-Nūr 24:35, an-Nūr 24:42, Yā Sīn 36:20, al-Fātiḥa 1:4 en Yā Sīn 36:13.
Kernpunten
- Bij de vormelijke iḍāfa is de muḍāf een afgeleid bijvoeglijk woord, verbonden met zijn maʿmūl.
- Ze geeft geen bepaaldheid of specificering, alleen een lichtere uitspraak.
- Al- op de muḍāf mag alleen in de vormelijke iḍāfa, op drie plaatsen.
- Al-ghayru ṣaḥīḥ is fout; juist is ghayru ṣ-ṣaḥīḥ.
Bron: اللغة العربية (٣), les 24, vanaf p. 100.
Begrippen
- الإضافة اللفظية al-iḍāfa al-lafẓiyya · vormelijke iḍāfa
- iḍāfa van een afgeleid woord met zijn maʿmūl; alleen lichtere uitspraak (les 24, p. 100)
- التخفيف at-takhfīf · verlichting
- het nut van de vormelijke iḍāfa: het wegvallen van de tanwīn (les 24, p. 101)
- الوصف المشتق al-waṣf al-mushtaqq · afgeleid bijvoeglijk woord
- ism al-fāʿil, ism al-mafʿūl of bijvoeglijk naamwoord (les 24, p. 100)
- المعمول al-maʿmūl · object van de werking
- het woord waarop het afgeleide woord werkt (les 24, p. 100)