Eenheid 1: De fāʿil en de nāʾib al-fāʿil#
Overzicht
Eenheid 1 · 6 lessen
De fāʿil en de nāʾib al-fāʿil
Zes lessen samen op één pagina
De fāʿil (handelende) is een naamwoord in de nominatief waaraan een actief werkwoord is toegekend; hij geeft aan wie de handeling deed of aan wie zij gebeurde. Hij is een zichtbaar naamwoord, een voornaamwoord of een maṣdar muʾawwal, en kan door een overbodig voorzetsel in vorm een genitief krijgen. Er gelden zes regels: hij komt niet vóór zijn werkwoord, het werkwoord staat dan niet in dualis of meervoud, het stemt overeen in geslacht, scheiding en weglating van het werkwoord zijn toegestaan, en hij kan vóór of na het object staan. De nāʾib al-fāʿil is een naamwoord in de nominatief na een passief werkwoord (of iets wat erop lijkt) dat de plaats van de weggelaten fāʿil inneemt; er zijn vijf soorten. Verleden en tegenwoordige tijd worden volgens vaste regels passief gemaakt.
Bron: Arabische taal (3), Zad-reeks · p. 9–33
Fāʿil en nāʾib al-fāʿil in één kaart
De belangrijkste punten uit het boek.
- definitie en naamval
- drie soorten
- mannelijk en vrouwelijk
- scheiding en weglating
- volgorde
- vijf soorten
- bij transitief en intransitief
- verleden tijd
- tegenwoordige tijd
- een zin omzetten
Het hoofdstuk in één oogopslag
Lessen in dit hoofdstuk
Oefeningen van het boek op p. 14, 20, 24 en 30. De Nederlandse uitleg is een hulp bij het Arabisch, geen vervanging.
Schema’s
Passief maken
De belangrijkste regels met voorbeelden uit het boek.
| Vergelijking | Regel | Voorbeeld |
|---|---|---|
| Verleden, gezond | eerste letter ḍamma, voorlaatste kasra | ʿalima → ʿulima |
| Verleden, met tāʾ | eerste en tweede letter ḍamma | taqabbala → tuqubbila |
| Verleden, met hamzat waṣl | eerste en derde letter ḍamma | istaʿmala → istuʿmila |
| Verleden, ajwaf | de zwakke letter wordt yāʾ, eerste letter kasra | qāla → qīla |
| Tegenwoordig, gezond | eerste letter ḍamma, voorlaatste fatḥa | yaʾkulu → yuʾkalu |
| Tegenwoordig, ajwaf | eerste letter ḍamma, zwakke letter wordt alif | yabīʿu → yubāʿu |
Soorten nāʾib al-fāʿil
Vijf soorten, zoals het boek ze noemt.
Uitleg
Soorten fāʿil
Er zijn drie soorten fāʿil: een zichtbaar naamwoord, zoals in "de geleerde veroverde de ruimte"; een voornaamwoord, verbonden zoals in "qumnā" of verborgen zoals in "Muḥammad reisde"; en een maṣdar muʾawwal, zoals in "het bevalt mij dat je slaagt".
Facultatief vrouwelijk
Het werkwoord mag mannelijk of vrouwelijk zijn als de fāʿil figuurlijk vrouwelijk is (vergelijk "jāʾatkum mawʿiẓa" en "jāʾahu mawʿiẓa"), gescheiden door iets anders dan illā, bij een star werkwoord, of bij een gebroken meervoud.
Het object verplicht vooraan
Het object moet vóór de fāʿil als de fāʿil beperkt is met innamā of illā ("alleen de geleerden onder Zijn dienaren vrezen Allah"), als het object een verbonden voornaamwoord is en de fāʿil een zichtbaar naamwoord, of als aan de fāʿil een voornaamwoord hangt dat naar het object verwijst ("toen zijn Heer Ibrāhīm beproefde").
Bij transitief en intransitief
Bij een transitief werkwoord vervangt het object de fāʿil; bij meerdere objecten het eerste, en de rest blijft accusatief ("ẓunna r-rajulu qāʾiman"). Bij een intransitief werkwoord doet een voorzetselgroep, bijwoord of bepaald maṣdar dat ("ṣīma shahrun karīm").
Kernpunten
Regels van de fāʿil
- hij komt niet vóór zijn werkwoord
- het werkwoord krijgt geen dualis- of meervoudsvorm
- overeenstemming in geslacht
- scheiding van zijn regens is toegestaan
- het werkwoord mag weg bij een aanwijzing
- hij kan vóór of na het object
Verplicht vrouwelijk
- de fāʿil is echt vrouwelijk, zichtbaar en direct na het werkwoord
- de fāʿil is een voornaamwoord dat naar iets vrouwelijks verwijst
Begrippen
الفاعل
al-fāʿil
Naamwoord in de nominatief waaraan een actief werkwoord is toegekend.
المصدر المؤول
al-maṣdar al-muʾawwal
Een constructie van een maṣdar-partikel met wat volgt, op te vatten als een echt maṣdar.
yuʿjibunī an tanjaḥ = yuʿjibunī najāḥuka
حرف الجر الزائد
ḥarf al-jarr az-zāʾid
Een voorzetsel dat in vorm de genitief geeft maar de functie niet verandert.
نائب الفاعل
nāʾib al-fāʿil
Naamwoord in de nominatief na een passief werkwoord dat de plaats van de weggelaten fāʿil inneemt.
المبني للمجهول
al-mabnī li-l-majhūl
Het passieve werkwoord, waarvan de fāʿil is weggelaten.
الفعل الأجوف
al-fiʿl al-ajwaf
Een werkwoord met een zwakke middelste letter, zoals qāla en bāʿa.
Herhaling
Het belangrijkste vlak voor een toets
- De fāʿil staat altijd in de nominatief, maar kan door een overbodig voorzetsel in vorm een genitief krijgen.
- Soorten: zichtbaar naamwoord, voornaamwoord en maṣdar muʾawwal.
- De fāʿil kent zes regels over volgorde, overeenstemming, scheiding en weglating.
- De nāʾib al-fāʿil neemt de plaats in van de weggelaten fāʿil; er zijn vijf soorten.
- De verleden tijd wordt passief met ḍamma op de eerste en kasra op de voorlaatste letter, de tegenwoordige tijd met ḍamma op de eerste en fatḥa op de voorlaatste.
Flitskaarten
Mijn favorieten
Tik op het sterretje bij een kaart om hem hier te bewaren.
Test jezelf
Wat is de functie van Allāh in "Allah is genoeg als getuige"?
Wat is "Muḥammad" in "Muḥammad jāʾa"?
"Mā najaḥat illā Fāṭima" is correct.
Waarom staat het object vooraan in "innamā yakhshā llāha min ʿibādihi l-ʿulamāʾ"?
Wat is het passief van "qāla"?
De gebiedende wijs kan passief gemaakt worden.
Originele tekst
Deze pagina bundelt de lessen van het hoofdstuk. De volledige samenvatting per les, en de bladzijden in het oorspronkelijke boek:
- Les 1 Het onderwerp (fāʿil)
Samenvatting van de les · Bladzijden in het boek: p. 11–14
- Les 2 De regels van de fāʿil
Samenvatting van de les · Bladzijden in het boek: p. 15–16
- Les 3 Scheiding, weglating en volgorde
Samenvatting van de les · Bladzijden in het boek: p. 17–20
- Les 4 De plaatsvervanger van de fāʿil
Samenvatting van de les · Bladzijden in het boek: p. 21–24
- Les 5 Soorten nāʾib al-fāʿil naar het werkwoord
Samenvatting van de les · Bladzijden in het boek: p. 25–26
- Les 6 Hoe je een werkwoord passief maakt
Samenvatting van de les · Bladzijden in het boek: p. 27
Het hele hoofdstuk in het oorspronkelijke boek: Arabische taal (3), Zad-reeks · p. 9–33 p. 9
Dit is een studiehulp; het oorspronkelijke boek blijft de bron.