Eenheid 1: Onbepaald en bepaald; onderwerp en gezegde#
Overzicht
Eenheid 1 · 10 lessen
Onbepaald en bepaald; onderwerp en gezegde
Tien lessen samen op één pagina
Onbepaalde en bepaalde naamwoorden en hoe je ze herkent, de zes soorten bepaalde naamwoorden (eigennaam, voornaamwoord, aanwijzend en betrekkelijk voornaamwoord, woord met al-, en bepaald door iḍāfa), en daarna mubtadaʾ en khabar en de soorten khabar.
Bron: Al-Lugha al-ʿArabiyya (2), Zad-reeks · p. 11–46
Eenheid 1 in één kaart
De eerste eenheid van het boek: de onderwerpen van de tien lessen.
- neemt al- aan
- na rubba
- eigennaam
- voornaamwoord
- aanwijzend vnw.
- betrekkelijk vnw.
- met al-
- door iḍāfa
- beide nominatief
- khabar maakt de mededeling af
- enkel woord
- nominale zin
- werkwoordszin
- shibh jumla
Het hoofdstuk in één oogopslag
Lessen in dit hoofdstuk
- Les 1 · p. 11 Onbepaald en bepaald
- Les 2 · p. 14 De eigennaam (ʿalam)
- Les 3 · p. 20 Persoonlijke voornaamwoorden: spreker en aangesprokene
- Les 4 · p. 22 Voornaamwoorden van de afwezige; zichtbaar en verborgen
- Les 5 · p. 28 Het aanwijzend voornaamwoord
- Les 6 · p. 32 Het betrekkelijk voornaamwoord
- Les 7 · p. 35 Het woord met al-
- Les 8 · p. 39 Bepaald door iḍāfa
- Les 9 · p. 42 Onderwerp en gezegde (mubtadaʾ en khabar)
- Les 10 · p. 44 Soorten gezegde
Oefeningen van het boek op p. 13, 18, 27, 31, 34, 38, 41 en 46. Veel delen van deze lessen staan in het boek alleen ter kennisname. De Nederlandse weergave van verzen en hadith geeft de betekenis weer; het is geen vertaling.
Schema’s
De zes bepaalde woorden
Zoals in les 2 tot en met 8.
Soorten voornaamwoord
Naar zichtbaar en verborgen.
| Vergelijking | Kenmerk | Voorbeeld |
|---|---|---|
| Zichtbaar, vast | niet aan het begin en niet na illā | akaltu, katabū, kitābuka |
| Zichtbaar, los | aan het begin en na illā | anā, huwa, iyyāka |
| Verplicht verborgen | geen zichtbaar naamwoord op zijn plaats | dhākir durūsaka (anta) |
| Mogelijk verborgen | een zichtbaar naamwoord kan op zijn plaats | yalʿabu l-kura (huwa) |
Soorten khabar
Zoals in les 10.
Uitleg
Waarom onbepaald? (alleen ter kennisname)
Het boek noemt als doelen: eenheid ("en er kwam een man van het verste eind van de stad", Yā Sīn 36:20), soort ("Allah schiep elk dier uit water", an-Nūr 24:45), het ontzagwekkende, het geringe ("zij bleven maar een uur van de dag", al-Aḥqāf 46:35), het kleinerende en het verheffende ("dat is een dag waarop men aanwezig is", Hūd 11:103).
Meer uitleg
Dit deel staat in het boek alleen ter kennisname.
Verbuiging van samengestelde eigennamen (alleen ter kennisname)
Bij iḍāfa: het eerste deel naar de zin, het tweede in de genitief: jāʾa ʿAbdu llāh. Versmolten namen zijn diptoot: sāfartu ilā Baʿlabakka; namen op -wayh zijn vast op i: hādhā Sībawayhi. Een zin als naam blijft ongewijzigd: jāʾa Taʾabbaṭa sharran.
Meer uitleg
Dit deel staat in het boek alleen ter kennisname.
Nabij en ver (alleen ter kennisname)
Nabij: hādhā, hādhihi, hādhāni, hātāni, hāʾulāʾi, en voor plaats hunā; ver: dhālika, tilka, dhānika, tānika, ulāʾika, en voor plaats hunāka, hunālika en thamma: "daar werden de gelovigen beproefd" (al-Aḥzāb 33:11).
Meer uitleg
Dit deel staat in het boek alleen ter kennisname.
De soorten al-
ʿAhdiyya: eerder genoemd ("een lamp; de lamp is in een glas", an-Nūr 24:35), bekend ("onder de boom", al-Fatḥ 48:18) of aanwezig ("vandaag heb Ik jullie godsdienst vervolmaakt", al-Māʾida 5:3); jinsiyya: "de mens is uit haast geschapen" (al-Anbiyāʾ 21:37); zāʾida: vast zoals in alladhī en allatī, of los zoals al-Ḥasan en al-ʿAbbās.
De khabar vooraan (alleen ter kennisname)
Normaal staat de mubtadaʾ voorop, maar de khabar kan vooraan staan: "aan Allah behoort wat in de hemelen en op de aarde is" (al-Baqara 2:284): lillāhi is khabar muqaddam en mā is mubtadaʾ muʾakhkhar.
Meer uitleg
Dit deel staat in het boek alleen ter kennisname.
Kernpunten
Onbepaald en bepaald
- nakira: wijst niets bepaalds aan en neemt al- aan
- maʿrifa: wijst één bepaalde uit zijn soort aan
De zes bepaalde woorden
- eigennaam
- voornaamwoord
- aanwijzend voornaamwoord
- betrekkelijk voornaamwoord
- woord met al-
- bepaald door iḍāfa
Verbuigbaar tussen de aanwijzende en betrekkelijke vnw.
- hādhāni en hātāni
- dhānika en tānika
- alladhāni en allatāni
Een zin als khabar
- moet een verwijzing naar de mubtadaʾ hebben
- die ermee overeenkomt: al-aʿdāʾu ḥiyaluhum kathīra
Begrippen
النكرة
an-nakira
Onbepaald naamwoord: wijst niets bepaalds uit zijn soort aan.
Neemt al- aan of staat na rubba.
المعرفة
al-maʿrifa
Bepaald naamwoord: wijst één bepaalde uit zijn soort aan.
العلم
al-ʿalam
Eigennaam: een naam die het benoemde aanduidt en van de rest van zijn soort onderscheidt.
Naam, kunya of bijnaam.
الضمير
aḍ-ḍamīr
Voornaamwoord: verwijst kort naar spreker, aangesprokene of afwezige in plaats van het zichtbare naamwoord.
اسم الإشارة
ism al-ishāra
Aanwijzend voornaamwoord: wijst iets aan, samen met een aanwijzing.
الاسم الموصول
al-ism al-mawṣūl
Betrekkelijk voornaamwoord: wijst iets bepaalds aan via een bijzin (ṣila) erna.
Met een ʿāʾid die ernaar terugverwijst.
الإضافة
al-iḍāfa
Een naamwoord verbinden met een ander, zodat het daardoor bepaald wordt.
Het muḍāf ilayh staat altijd in de genitief.
المبتدأ والخبر
al-mubtadaʾ wa-l-khabar
Mubtadaʾ: het naamwoord in de nominatief waarmee de zin begint; khabar: wat de mededeling afmaakt.
Hadith
De hadith die in de lessen van dit hoofdstuk genoemd worden, met tekst en bronvermelding zoals in het boek.
-
«يا معشر النساء تصدقن، فإني رأيتكن أكثر أهل النار»
Vrouwen, geef liefdadigheid, want ik heb gezien dat jullie het grootste deel van de bewoners van het Vuur zijn
Bron: al-Bukhārī en Muslim
In de oefening van het boek: de voornaamwoorden en hun plaats in de verbuiging zoeken.
-
«التقوى هاهنا»
De godsvrees is hier
Bron: Muslim
Hij wees naar zijn borst; in de oefening over het aanwijzend voornaamwoord.
-
«أقرب ما يكون العبد من ربه وهو ساجد»
Het dichtst bij zijn Heer is de dienaar als hij in sujūd is
Bron: Muslim
Voorbeeld dat mubtadaʾ en khabar niet direct na elkaar hoeven te staan. Uit een deel dat alleen ter kennisname is.
Herhaling
Het belangrijkste vlak voor een toets
- Er zijn zes bepaalde woorden; al het andere is onbepaald.
- Een voornaamwoord is zichtbaar of verborgen; zichtbaar is vast of los.
- Aanwijzende en betrekkelijke voornaamwoorden zijn vast, behalve de dualis.
- Al- is ʿahdiyya, jinsiyya of zāʾida.
- Mubtadaʾ en khabar staan in de nominatief; de khabar is een woord, een zin of een shibh jumla.
Flitskaarten
Mijn favorieten
Tik op het sterretje bij een kaart om hem hier te bewaren.
Test jezelf
Wat is het algemeenste onbepaalde woord?
Welk voornaamwoord is verplicht verborgen?
"Hādhāni" is een onverbuigbaar aanwijzend voornaamwoord.
Welke al- staat in "vandaag heb Ik jullie godsdienst vervolmaakt" (al-yawm)?
Wat voor khabar staat in "al-jannatu taḥta ẓilāl as-suyūf"?
Het muḍāf krijgt geen tanwīn.
Originele tekst
Deze pagina bundelt de lessen van het hoofdstuk. De volledige samenvatting per les, en de bladzijden in het oorspronkelijke boek:
- Les 1 Onbepaald en bepaald
Samenvatting van de les · Bladzijden in het boek: p. 11–13
- Les 2 De eigennaam (ʿalam)
Samenvatting van de les · Bladzijden in het boek: p. 14–19
- Les 3 Persoonlijke voornaamwoorden: spreker en aangesprokene
Samenvatting van de les · Bladzijden in het boek: p. 20–21
- Les 4 Voornaamwoorden van de afwezige; zichtbaar en verborgen
Samenvatting van de les · Bladzijden in het boek: p. 22–27
- Les 5 Het aanwijzend voornaamwoord
Samenvatting van de les · Bladzijden in het boek: p. 28–31
- Les 6 Het betrekkelijk voornaamwoord
Samenvatting van de les · Bladzijden in het boek: p. 32–34
- Les 7 Het woord met al-
Samenvatting van de les · Bladzijden in het boek: p. 35–38
- Les 8 Bepaald door iḍāfa
Samenvatting van de les · Bladzijden in het boek: p. 39–41
- Les 9 Onderwerp en gezegde (mubtadaʾ en khabar)
Samenvatting van de les · Bladzijden in het boek: p. 42–43
- Les 10 Soorten gezegde
Samenvatting van de les · Bladzijden in het boek: p. 44
Het hele hoofdstuk in het oorspronkelijke boek: Al-Lugha al-ʿArabiyya (2), Zad-reeks · p. 11–46 p. 11
Dit is een studiehulp; het oorspronkelijke boek blijft de bron.