PDF downloaden

Bron: Zad-reeks (سلسلة زاد العلمية), samengesteld door Zad Group. Dit is een studiesamenvatting, niet de tekst van het boek.

Eenheid 3: Hadith 12–15

Overzicht

Eenheid 3 · 7 lessen

Hadith 12–15

Vier hadith samen op één pagina

Vier hadith over hoe de moslim met zijn broeders omgaat: wat roddel is, dat het verboden is en wanneer het toch mag; geen afgunst behalve in twee gevallen; kijken naar wie onder ons staat om dankbaar te zijn; en dat overwinning en voorziening komen door de zwakken.

Bron: Al-Ḥadīth (3), Zad-reeks · p. 59–73

Je voortgang in dit hoofdstuk0%

De vier hadith in één kaart

Elke hadith met de kern ervan.

Hadith (3)Eenheid 3
  • Weten jullie wat roddel is?hadith 12
    • je broer noemen met wat hij haat
    • laster
    • wanneer het mag
  • Geen afgunst behalve in tweehadith 13
    • geld voor het goede
    • wijsheid waarmee hij oordeelt en onderwijst
    • ghibṭa
  • Kijk naar wie onder jullie staathadith 14
    • dankbaarheid
    • medicijn tegen afgunst
  • Geholpen door jullie zwakkenhadith 15
    • hun smeekbede en oprechtheid
    • zichtbare en onzichtbare oorzaken

Het hoofdstuk in één oogopslag

  1. Roddel is je broer in zijn afwezigheid noemen met wat hij haat, ook als het waar is; is het niet waar, dan is het laster.
  2. Roddel is een grote zonde; Allah vergeleek het met het eten van het vlees van je dode broer.
  3. Wie hem in zijn aanwezigheid noemt met wat hij haat, scheldt hem uit; dat is geen roddel, want hij kan zich verdedigen.
  4. Roddel over geleerden is erger: het treft hun persoon en de sharīʿa die zij dragen.
  5. De afgunst in de hadith is ghibṭa: wensen wat een ander heeft, zonder dat het van hem verdwijnt.
  6. De beste mensen in wijsheid zijn wie ermee oordelen, ernaar handelen en haar onderwijzen.
  7. Kijken naar wie boven je staat maakt Allahs gunst klein in je ogen; kijken naar wie onder je staat wekt dankbaarheid.
  8. Onzichtbare oorzaken zoals vertrouwen op Allah en oprecht toevlucht zoeken zijn sterker bij de zwakken; daarom komt overwinning door hen.

Lessen in dit hoofdstuk

  1. Les 13 · p. 59 Hadith 12: 'Weten jullie wat roddel is?'
  2. Les 14 · p. 61 Roddel: soorten, gevolgen en uitzonderingen
  3. Les 15 · p. 64 Hadith 13: 'Geen afgunst behalve in twee gevallen'
  4. Les 16 · p. 65 Afgunst en wijsheid
  5. Les 17 · p. 68 Hadith 14: 'Kijk naar wie onder jullie staat'
  6. Les 18 · p. 69 Dankbaarheid voor Allahs gunsten
  7. Les 19 · p. 71 Hadith 15: 'Worden jullie niet geholpen en voorzien door jullie zwakken?'

Oefeningen van het boek aan het eind van elke hadith. De Nederlandse weergave van hadith en verzen geeft de betekenis weer; het is geen vertaling.

Schema’s

Graden van afgunst

Vier graden; de vierde is wat de hadith bedoelt.

  1. Wensen dat de gunst verdwijnt, ook al krijgt hij haar niet
  2. Wensen dat zij verdwijnt en naar hem gaat
  3. Hetzelfde wensen, en anders wensen dat zij verdwijnt
  4. Ghibṭa: hetzelfde wensen zonder verdwijnendit is de prijzenswaardige

Wanneer roddel toegestaan is

Zes redenen die an-Nawawī noemt.

  1. Klagen over onrechtbij de heerser of de rechter
  2. Hulp vragen tegen kwaad
  3. Een fatwa vragen
  4. Moslims waarschuwenzoals kritiek op overleveraars en getuigen
  5. Wie openlijk zondigt of innoveertin wat hij openlijk doet
  6. Herkenbaar makenzoals al-Aʿmash en al-Aʿraj

Uitleg

  1. Verborgen vormen van roddel

    Met woorden, tekens of gebaren; ook met toespelingen zoals "iemand die beweert geleerd te zijn" of "moge Allah ons behoeden!", en in de vorm van verbazing.

  2. Gebreken najagen

    Wie de gebreken van zijn moslimbroer najaagt, diens gebreken jaagt Allah na, en wie Allah zo najaagt, stelt Hij bloot, zelfs midden in zijn huis.

  3. Afgunst als protest tegen Allahs beschikking

    De jaloerse haat Allahs gunst bij een dienaar en wenst dat zij verdwijnt; alsof hij bezwaar maakt tegen Allahs wijsheid en beschikking.

  4. Hoe je de gunst dankt

    Wie naar zieken kijkt, kent de gunst van gezondheid; wie kijkt naar beproefden, armen en schuldenaars, weet waarvan Allah hem bewaard heeft.

Kernpunten

OpsommingUit het boek

Vormen van roddel

  1. een lichamelijk gebrek, zoals mank of eenogig, om te kleineren
  2. een karaktergebrek
  3. een religieus gebrek, zoals "hij is een vernieuwer" of "hij bidt niet in gemeenschap"
OpsommingUit het boek

Vier soorten mensen in wijsheid

  1. kreeg haar, was er gierig mee en handelde er niet naar: een verliezer
  2. handelde ernaar maar onderwees niet: onvolmaakt
  3. oordeelde ermee, handelde en onderwees: de beste
  4. kreeg haar niet; men hoopt dat hij leert
OnderscheidUit het boek

Twee soorten oorzaken

  • zichtbaar: kracht, moed, rijkdom
  • onzichtbaar: sterk vertrouwen op Allah en zich tot Hem richten; deze zijn sterker

Begrippen

الغيبة

al-ghība

Iemand in zijn afwezigheid noemen met wat hij haat.

البهتان

al-buhtān

Valsheid; oorspronkelijk iemand iets onwaars in zijn gezicht zeggen.

الحسد

al-ḥasad

Wensen dat de gunst van de ander verdwijnt.

الغبطة

al-ghibṭa

Wensen wat een ander heeft, zonder dat het van hem verdwijnt.

هلكته

halakatihi

Het uitgeven tot er niets van overblijft.

الحكمة

al-ḥikma

Kennis die van onwetendheid weerhoudt en van het lelijke afhoudt.

بضعفائكم

bi-ḍuʿafāʾikum

Door hun smeekbeden, gebeden en oprechtheid.

Hadith

De hadith die in de lessen van dit hoofdstuk genoemd worden, met tekst en bronvermelding zoals in het boek.

  1. Overgeleverd door Abū Hurayra

    «أتدرون ما الغيبة؟ … ذكرك أخاك بما يكره … إن كان فيه ما تقول فقد اغتبته، وإن لم يكن فيه فقد بهته»

    Weten jullie wat roddel is? … Dat je je broer noemt met wat hij haat … Als het in hem is wat je zegt, dan heb je over hem geroddeld; en als het niet in hem is, dan heb je hem belasterd

    Bron: Muslim

  2. Overgeleverd door Anas

    «لما عرج بي مررت بقوم لهم أظفار من نحاس يخمشون وجوههم وصدورهم … هؤلاء الذين يأكلون لحوم الناس، ويقعون في أعراضهم»

    Toen ik opsteeg, kwam ik langs mensen met nagels van koper die hun gezichten en borsten openkrabden … Dat zijn zij die het vlees van mensen eten en hun eer aantasten

    Bron: Aḥmad en Abū Dāwūd; al-Albānī noemde hem authentiek

  3. Overgeleverd door ʿĀʾisha

    «لقد قلت كلمة لو مزجت بماء البحر لمزجته»

    Je hebt een woord gezegd dat, als het met het water van de zee werd vermengd, het zou bederven

    Bron: Abū Dāwūd; al-Albānī noemde hem authentiek

    Gezegd tegen ʿĀʾisha toen zij Ṣafiyya om haar kleine gestalte kleineerde.

  4. «يا معشر من أسلم بلسانه ولم يفض الإيمان إلى قلبه، لا تؤذوا المسلمين ولا تعيروهم ولا تتبعوا عوراتهم …»

    O jullie die met de tong moslim werden terwijl het geloof jullie hart niet bereikte: kwets de moslims niet, verwijt hun niets en jaag hun gebreken niet na …

    Bron: Abū Dāwūd; al-Albānī noemde hem authentiek

  5. Overgeleverd door ʿĀʾisha

    «ائذنوا له، بئس أخو العشيرة»

    Laat hem binnen; wat een slechte broeder van zijn stam

    Bron: al-Bukhārī en Muslim

    Een bewijs dat roddel soms toegestaan is.

  6. Overgeleverd door ʿĀʾisha

    «خذي ما يكفيك وولدك بالمعروف»

    Neem wat genoeg is voor jou en je kinderen, op de gebruikelijke wijze

    Bron: al-Bukhārī en Muslim

    Toen Hind zei: Abū Sufyān is een gierige man.

  7. Overgeleverd door Ibn Masʿūd

    «لا حسد إلا في اثنتين: رجل آتاه الله مالا فسلط على هلكته في الحق، ورجل آتاه الله الحكمة فهو يقضي بها ويعلمها»

    Geen afgunst behalve in twee gevallen: een man aan wie Allah geld gaf en die het volledig uitgeeft aan het goede, en een man aan wie Allah wijsheid gaf, die daarmee oordeelt en haar onderwijst

    Bron: al-Bukhārī en Muslim

  8. Overgeleverd door Abū Hurayra

    «انظروا إلى من أسفل منكم، ولا تنظروا إلى من هو فوقكم، فهو أجدر أن لا تزدروا نعمة الله عليكم»

    Kijk naar wie onder jullie staat en niet naar wie boven jullie staat; dat is beter, zodat jullie Allahs gunst aan jullie niet minachten

    Bron: al-Bukhārī en Muslim, de bewoording van Muslim

  9. Overgeleverd door Muʿādh ibn Jabal

    «إني أحبك، فلا تدعن أن تقول دبر كل صلاة مكتوبة: اللهم أعني على ذكرك وشكرك وحسن عبادتك»

    Ik houd van je; laat dus niet na na elk verplicht gebed te zeggen: o Allah, help mij U te gedenken, U te danken en U goed te aanbidden

    Bron: Aḥmad en Abū Dāwūd; al-Albānī noemde hem authentiek

  10. Overgeleverd door Muṣʿab ibn Saʿd

    «هل تنصرون وترزقون إلا بضعفائكم؟!»

    Worden jullie niet alleen geholpen en voorzien door jullie zwakken?

    Bron: al-Bukhārī

    Toen Saʿd meende dat hij voorrang had boven wie onder hem stond.

  11. «يا سعد، ارم، فداك أبي وأمي»

    Saʿd, schiet, mijn vader en moeder zijn je losprijs

    Bron: al-Bukhārī en Muslim

    Op de dag van Uḥud.

Personen

De personen die in dit hoofdstuk genoemd worden, en waarom.

Genoemd in de tekst

Herhaling

Het belangrijkste vlak voor een toets

  • Roddel is je broer noemen met wat hij haat in zijn afwezigheid; laster is iets wat niet waar is.
  • Roddel mag om zes sharʿī redenen.
  • Ghibṭa is prijzenswaardig bij geld dat aan het goede wordt besteed en bij wijsheid die onderwezen wordt.
  • Kijk naar wie onder je staat, dan dank je Allahs gunst.
  • De moslims worden geholpen en voorzien door de smeekbeden en oprechtheid van hun zwakken.

Flitskaarten

Mijn favorieten

Tik op het sterretje bij een kaart om hem hier te bewaren.

Test jezelf

  1. Wat is het als je je broer noemt met iets wat niet waar is?

  2. Je broer in zijn aanwezigheid noemen met wat hij haat is roddel.

  3. Wat is geen reden waarom roddel mag?

  4. Wat is ghibṭa?

  5. Wat is het nut van kijken naar wie onder ons staat?

  6. Onzichtbare oorzaken zoals vertrouwen op Allah zijn sterker bij de zwakken.

Originele tekst

Deze pagina bundelt de lessen van het hoofdstuk. De volledige samenvatting per les, en de bladzijden in het oorspronkelijke boek:

  1. Les 13 Hadith 12: 'Weten jullie wat roddel is?'

    Samenvatting van de les · Bladzijden in het boek: p. 59–60

  2. Les 14 Roddel: soorten, gevolgen en uitzonderingen

    Samenvatting van de les · Bladzijden in het boek: p. 61–63

  3. Les 15 Hadith 13: 'Geen afgunst behalve in twee gevallen'

    Samenvatting van de les · Bladzijden in het boek: p. 64

  4. Les 16 Afgunst en wijsheid

    Samenvatting van de les · Bladzijden in het boek: p. 65–67

  5. Les 17 Hadith 14: 'Kijk naar wie onder jullie staat'

    Samenvatting van de les · Bladzijden in het boek: p. 68

  6. Les 18 Dankbaarheid voor Allahs gunsten

    Samenvatting van de les · Bladzijden in het boek: p. 69–70

  7. Les 19 Hadith 15: 'Worden jullie niet geholpen en voorzien door jullie zwakken?'

    Samenvatting van de les · Bladzijden in het boek: p. 71

Het hele hoofdstuk in het oorspronkelijke boek: Al-Ḥadīth (3), Zad-reeks · p. 59–73 p. 59

Dit is een studiehulp; het oorspronkelijke boek blijft de bron.